Hoe praten Nederlandse moeders tegen hun baby?

baby-koptelefoon
Van Amerika tot Japan passen ouders zich aan als ze tegen hun baby praten: de stem gaat omhoog en de spraak wordt wat zangeriger. De precieze implementaties van deze aanpassingen verschillen echter van taal tot taal. Titia Benders, post-doc onderzoeker bij eerstetaalverwerving, heeft dit fenomeen nu bij Nederlandse moeders onderzocht en recent gepubliceerd in het tijdschrift “Infant Behavior and Development”.
.
De 18 onderzochte moeders spraken inderdaad wat hoger en zangeriger tegen hun baby dan tegen een volwassene. Een nieuwe bevinding was dat de moeders ook meer glimlachend klonken als ze met hun baby speelden. Zo’n ‘glimlachende’ klank kun je soms ook aan de telefoon horen: als je opneemt hoor je meteen of de persoon aan de andere kant van de lijn glimlacht of niet. Titia onderzoekt nu of ook baby’s een glimlach kunnen horen. Stay tuned!
.
Het artikel van Titia Benders is tot 31 januari 2014 gratis te lezen.

Hoe klonk Kerstmis in de Middeleeuwen?

middeleeuwse kerstHet liederenhandschrift Berlijn 190 (1480) is een van de belangrijkste bronnen voor het laatmiddeleeuwse geestelijke lied in de Lage Landen. Het bevat een rijk en gevarieerd repertoire van kerstliederen en Marialiederen, met teksten en melodieën van de twaalfde tot de vijftiende eeuw.

Neerlandici Johan Oosterman en Dieuwke van der Poel en religiewetenschapper Peter Nissen vertellen op vanavond over de literaire, muzikale en spirituele betekenis van de liederenverzameling Berlijn 190 en in het bijzonder over het beeld van Kerstmis dat eruit oprijst. Ensemble Trigon brengt enkele liederen ten gehore.

 

Sprekers

  • Johan Oosterman is hoogleraar oudere Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
  • Dieuwke van der Poel is universitair hoofddocent bij de afdeling Nederlandse Taal en Cultuur aan de Universiteit Utrecht.
  • Peter Nissen is hoogleraar Spiritualiteitsstudies aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
  • Elianne Keulemans, hoofd van het Soeterbeeck Programma, is gespreksleider.
  • Ensemble Trigon is gespecialiseerd in vocale middeleeuwse muziek en bestaat uit Cora Schmeiser (sopraan), Marsja Mudde (sopraan) en artistiek leider Margot Kalse (alto).
Datum: donderdag 19 december
Locatie: Mariënburgkapel, Mariënburg 26, Nijmegen.
Tijd: 20.00 tot 22.15.
Voor meer informatie zie hier.

 

De week van… Mickey Koster

Mickey Koster, ook wel bekend als Mick, is derdejaars Nederlands.

mick

‘De week van onder meer Mick’

Maandag 9 december

heel, heel vroeg in de morgen – Dit heb ik nog niet geschreven.

nog steeds vroeg – Vanaf vandaag opnieuw een poging wagen mijn week op papier te zetten. Ik schrijf altijd graag, vooral wanneer het moet, weten jullie. Dit is echter min of meer vrijwillig. De zinnen zullen wel wat aan de korte kant worden, aangezien ik lang niet altijd wat nuttigs te melden zal hebben, en aangezien niemand op enorm uitgerekte plakken saaiheid zit te wachten, wat ertoe zal leiden dat ik de boel zeer waarschijnlijk vrij beknopt zal houden, mocht dat lukken. Dus.

Ik heb nog geen idee hoe ik vandaag schrijven zal. Het zal vast gaan over mijn collegevrije dag, over mijn afspraak met Klaar Vernaillen, en over verdere tijdsinvullingen. Eerst: mijn wekelijkse stuk over het werk van Jeroen Mettes afronden. Ik heb – en dat is nieuw – in het weekend al een opzetje gemaakt. De man in kwestie zit de laatste tijd nogal in mijn hoofd, en na even in mijn hoofd te hebben gebivakkeerd, verhuist hij naar mijn computer, week in, week uit. Ik ben hem nog niet zat, en dat is misschien maar beter ook. Eerst maar eens van Tilburg (mijn vriendin heeft de pech daar te wonen) naar Nijmegen reizen. Schrijven over Jeroen Mettes en binnenwandelen bij Klaar. De rest ligt open. Saai, denk je? Vast niet, want elke dag brengt zijn openbaringen. Geldt ook voor weken, maanden, jaren… Enfin, langdraderigheid: vandaag is rood. Ben ik eens benieuwd. Nu moe. Nou moe.

“De week van… Mickey Koster” verder lezen

Jurylid Anneke Neijt kondigt Groot Dictee aan

Anneke Neijt is hoogleraar Nederlandse Taalkunde en maakt sinds enige jaren deel uit van de jury van het Groot Dictee der Nederlandse Taal, dat 18 december aanstaande plaatsvindt (21.30, Nederland 1).

neijt dictee

Aankomende ’s woensdagavond treffen ik u tegen bij het Groot Dictee!

Het gaat dit jaar om spelfouten én taalfouten bij het Groot Dictee. De deelnemers schrijven eerst op wat er gedicteerd wordt, en onderstrepen daarna de grammaticale fouten. De schrijver van het dictee is de man aan wie we graaft zich autobio in de Dikke Van Dale te danken hebben. Als geen ander beheerst hij het genre van de net-niet-grammaticale zinnen: Kees van Kooten. Hij heeft iets met het woordje zich dat te pas en te onpas opduikt. Taalfouten leiden vaker tot misverstanden dan spelfouten, is zijn boodschap, en dat dan moet beslist dan blijven. Van Kooten illustreert dat meesterlijk met de krantenkop ‘Taalhervormer Paardekooper schreef liever sjem als jam.’ Wie als door dan vervangt leest wat er bedoeld is:  ‘Taalhervormer Paardekooper schreef liever sjem dan jam.’ Saillant detail is dat er zojuist een wetenschappelijk artikel is verschenen over als en dan met de conclusie dat als taalkundig meer voor de hand ligt, want als is het voegwoord van vergelijking en dan is meestal een bijwoord. Van Kootens illustratieve voorbeeld laat zien dat je ook met de betekenis rekening moet houden.

Vorig jaar was het Adriaan van Dis die de prachtig tekst Zijn waar wij niet zijn schreef. Op de foto bij dit bericht (v.l.n.r. Anneke Neijt, Ludo Permentier en Adriaan van Dis) bespreken de leden van de jury met hem het ik-besef. Over het dictee van dit jaar mag ik niets vertellen, want strikte geheimhouding – na woensdag meer.

Zie verder:
Interview met Kees van Kooten
Het artikel met de gewraakte titel
Titel en samenvatting van het wetenschappelijke artikel over dan en als

Lieke van Deinsen wint Moderne Heliconprijs

worm en donder

 

 

 

 

 

 

Op 12 december werd het vierde deel uit de literatuurgeschiedenisreeks van de Taalunie gepresenteerd. In de sfeervolle Doopsgezinde kerk aan de Amsterdamse Singel verzamelde zich een geanimeerd publiek voor de doop van Worm en Donder. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur: de Republiek, 1700-1800.

Voor de gelegenheid schreven de auteurs, Inger Leemans en Gert-Jan Johannes, naar goed achttiende-eeuws gebruik een genootschappelijke prijsvraag uit, met als prangende vraag: ‘Wat is de waarde van de achttiende-eeuwse literatuur?’ Naar minder goed achttiende-eeuws gebruik kreeg de prijsvraag ook daadwerkelijk respons. Met collega Floris Solleveld (Geschiedenis) sleepte Lieke van Deinsen, promovenda en docent historische letterkunde, de eerste prijs in de wacht door de achttiende-eeuwse laaglandse literatuur uit te leggen voor de facebookgeneratie. De inzending is hier te bewonderen.

De week van… Margit Rem

fotomargitMargit Rem is universitair docent historische taalkunde en maakt als opleidingscoördinator deel uit van het dagelijks bestuur van de afdeling Nederlandse taal en cultuur.

Maandag 2 december

Om 7.00 gaat de wekker. Hoewel ik gisteravond nog wat ben gaan drinken met een vriendin voel ik mij uitgerust. We hebben het niet te laat gemaakt en dat is natuurlijk niet onverstandig aan het begin van een nieuwe week. Snel onder de douche, kinderen wakker maken, kop koffie, afspreken wie hoe laat thuis is, halve kussen en een aai en dan op de fiets naar het Amstelstation. De intercity van 8.00  komt te laat binnen en dat betekent over het algemeen dat we achter een stoptrein of goederentrein nog meer vertraging zullen oplopen. Het valt uiteindelijk mee en om 9.40 loop ik het bestuursgebouw op de Comeniuslaan binnen. Ik zet mijn handtekening onder een BA-diploma en ga daarna naar het Erasmusgebouw. “De week van… Margit Rem” verder lezen

Recensie van Jos Joosten over ‘Het eerste licht boven de stad’

Opmaak 1Op 7 december verscheen in de Volkskrant een recensie geschreven door Jos Joosten over de roman Het eerste licht boven de stad.  In deze roman schrijft Thomas Verbogt over de vriendschap die hij ruim 40 jaar had met de Nijmeegse schrijver Frans Kusters. ‘Het is het verhaal van twee schrijvers, die beiden literair een eigen kant op groeien, maar verbonden blijven in het verlangen zich te wijden aan ‘Het Ware Werk’, aan literatuur die deugt.’, aldus Joosten.

 

Benieuwd naar zijn oordeel? De recensie is in zijn geheel te lezen op www.volkskrant.nl

Presentatie Wyke Stommel

wyke

Op 8 januari 2014 organiseert de Vrije Universiteit Amsterdam een mini-symposium ter gelegenheid van de promotie van Keun Sliedrecht. Thema van het symposium is formulations (‘samenvattingen’) in interactie. Wyke Stommel presenteert haar onderzoek naar adviesgesprekken in medische context. Ze bespreekt zowel chat- als telefoongesprekken.

 

Locatie:                           Vrije Universiteit Amsterdam, Hoofdgebouw, De Boelelaan 1105 Aanmelden:                   vóór 3 januari 2014 via k.sliedrecht@erasmusmc.nl

Programma

12:45                              Doors open (coffee & tea will be available)
13:00-13:05                  Opening and introduction
13:05-14:00                  Keynote presentation by Galina Bolden (Rutgers University):

A trip down memory lane: Observations on formulating memories and the organization of co-remembering in conversation (co-authored with Jenny Mandelbaum)

14:00-14:15                 Coffee & tea break
14:15-14:45                  Presentation Fleur van der Houwen (VU Amsterdam):

Formulations and the discursive transformation of litigants’ stories on ‘Judge Judy’

14:45-15:15                  Presentation Wyke Stommel (Radboud University Nijmegen):

Formulations in chat and phone counseling

15:15-15:45                  Presentation by Keun Young Sliedrecht (VU Amsterdam)

Formulations in police, journalistic and job interviews

15:45-16:15                  Coffee & tea break
16:15-17:30                  Data session Galina Bolden
17:30                              Thank you and drinks @ The Basket

De verdediging van het proefschrift – Formulations in institutionele interactie: de praktijk van ‘samenvatten’ in het politieverhoor, sollicitatiegesprek en journalistiek interview – vindt plaats op 10 januari 2014 om 13.45.

De week van… Coen van Rossum

coenCoen van Rossum is vijfdejaarsstudent Nederlands. Sinds kort rugbyt hij op het hoogste niveau van Nederland, en in september haalde hij voor het eerst de voorselectie van Oranje, wat hem een nominatie als Sporter van het Jaar opleverde. Hieronder vind je een verslag van zijn week.

Maandag

De wekker stond om kwart voor acht, maar daar ben ik (alweer) doorheen geslapen. Ochtenden zijn zeg maar nooit mijn ding geweest. Helaas, want er staat vandaag genoeg op het programma. Allereerst, om twee uur vanmiddag, een interview met een promovendus die onderzoek doet naar de gevolgen van priming in borstkankervoorlichting. Reuze-interessant onderwerp. Ik moet me echter ook nog inlezen, en doordat ik me verslapen heb, moet alles echter met haast en op het laatste moment. Al kan men na vijf jaar wel concluderen dat dat qua studie gewoon mijn method of operation is geworden.

Het interview verloopt soepel. De promovendus is een vlotte; ze praat graag over haar onderzoek, en het is duidelijk dat ze er passie voor heeft. Dat maakt het interview leuk en ongedwongen.

Na het interview leg ik de laatste hand aan het artikel dat u nu aan het lezen bent (deadline: maandag in de namiddag…). Helaas moet ik maandag ook nog de fitnesszaal in, en die bevindt zich nou eenmaal op het USC. Dus in plaats van naar huis fietsen kies ik ervoor hier te blijven, in de Refter te eten en kort erna de fitnesszaal in te duiken. Was ik gewoon op tijd opgestaan, dan zou ik gewoon voor het avondeten gesport hebben, had ik lekker thuis kunnen eten en kunnen genieten van een vrije avond.

Eenmaal in de sportschool vervloek ik mezelf nogmaals. Ik vergeet iedere week weer dat maandag tussen zeven en tien spitsuur is in de gym, waardoor je met een training van een uur nu zeker twee uur bezig bent omdat je steeds moet wachten tot de materialen niet meer in gebruik zijn. Vaarwel vrije avond.

Dinsdag

Om twaalf uur ’s middags heb ik een deadline staan voor Verdieping Letterkunde, en aangezien ik uiteraard weer te laat ben opgestaan, wordt ook dit klusje haastwerk. Pas om tien uur, twee uur voor de deadline, kopieer ik de vier artikelen waarover ik een opdracht van vijfhonderd woorden moet schrijven. Door de vragen en de artikelen gericht te lezen, vind ik gelukkig nog voor half twaalf een invalshoek. Om kwart voor twaalf staan er driehonderd woorden op papier, om vijf voor twaalf vierhonderdvijftig. Ik voeg nog gauw de literatuurverwijzingen en bibliografie toe. Uiteindelijke inlevertijd: 11:59 uur. Doe me dat maar eens na.

“De week van… Coen van Rossum” verder lezen

NRC-Column Nicoline van der Sijs

Crowdsource - Crowd

“Voor het verzamelen van gegevens is mankracht nodig. Veel mankracht. James Murray, die vanaf 1879 hoofdredacteur was van het grootste Engelse woordenboek, de Oxford English Dictionary, schakelde een legertje vrijwilligers in om citaten uit de Engelse literatuur te verzamelen. Die citaten schreven ze, met bijbehorend trefwoord en bronvermelding, op losse fiches. Iedere dag leverde de postbode pakjes met fiches af. Murray verdeelde de pakjes onder zijn elf kinderen, die met het alfabetisch sorteren hun zakgeld verdienden. Ze hielden er een enorme woordenschat en prachtige thuistaal aan over: favoriet onder de kinderen was de bespotting you dirty toe-rag. To e – r a g (letterlijk ‘teenlap, voetlap’) is een ouderwetse benaming voor een schooier.

Mede dankzij Murrays kinderen verliep het werk aan de Oxford English Dictionary voorspoedig: de eerste aflevering verscheen in 1884, de laatste in 1928. Vergelijk dat eens met ons eigen Woordenboek der Nederlandsche taal, waarvan de publicatie maar liefst 135 jaar duurde (1863- 1998). Maar ja, hoofdredacteur Matthias de Vries had slechts vier kinderen en zijn collega L.A. te Winkel is nooit getrouwd. Tegenwoordig is kinderarbeid verboden, maar vrijwilligers inschakelen bij wetenschappelijke projecten gebeurt nog steeds.”

Lees hier de hele column ‘Crowdsourcing’ van Nicoline van der Sijs.

*

Nicoline van der Sijs is hoogleraar Historische taalkunde van het Nederlands in de digitale wereld.
Deze column verscheen eerder in NRC.