Lezing: Lieke van Deinsen over vroegmoderne verzamelwoede en literaire geschiedenis

liekeDeze dagen vindt in Reading de Early Modern Studies Conference plaats. Lieke van Deinsen zal vandaag een lezing verzorgen over vroeg achttiende-eeuwse literaire collecties en hun canoniserende functie. Meer specifiek zal ze spreken over een opmerkelijke verzameling portretten van literaire auteurs. Rond de eeuwwende 1700 begint de Amsterdamse schilder en amateurdichter Arnoud van Halen met het optekenen van de portretten van tientallen Nederlandse dichters en dichteressen. Hij bergt de portretten op in een houten kabinet dat de naam Panpoëticon batavûm (‘alle Nederlandse dichters’) zou krijgen. Lambert Bidloo, net als veel tijdgenoten, raakt ongekend geïnspireerd door de verzameling en in 1720 publiceert hij een bijna driehonderdpagina’s tellende lofdicht op het kabinet van Van Halen.

Meer informatie over het congres is hier te vinden.

Schokkende boeken!

Voorplat.Schokkende.Boeken.2Schokkende boeken zijn van alle tijden. Of ze nu pornografisch, bizar, racistisch, staatsgevaarlijk of godslasterlijk werden genoemd – in de loop der eeuwen hebben heel wat boeken voor beroering gezorgd in het literaire, politieke en maatschappelijke leven.

Reinaert en zijn homoseksuele neigingen zorgden al voor ophef in de middeleeuwen. Dat gold eveneens voor staatsgevaarlijk drama uit de zeventiende eeuw en godslasterlijke gedichten uit de achttiende eeuw. Ook in de negentiende en twintigste eeuw verschenen tal van politiek incorrecte, xenofobe, pornografische en in andere opzichten extreme werken.

De bundeling Schokkende boeken!, onder redactie van Rick Honings, Lotte Jensen en Olga van Marion, biedt een overzicht van werken uit de Nederlandse literatuur die in hun tijd als schokkend werden ervaren, en dat nog altijd zijn. Volgens drie thema’s worden deze besproken: het lichaam, de geest en de vorm. Zo ontstaat een eerste overzicht door de tijd heen, vanaf de middeleeuwen tot nu. Verschillende (oud-)medewerkers van onze afdeling hebben een bijdrage geleverd: Nina Geerdink, Lotte Jensen, Jos Joosten, Judith Kessler en Johan Oosterman.

Op donderdag 28 augustus vindt de presentatie van Schokkende boeken! plaats. Tijdens de boekpresentatie worden in Theater Imperium (Oude Vest 33e, Leiden) door Stichting Kwast scènes uit twee schokkende boeken opgevoerd, namelijk uit Aran en Titus (1641) van Jan Vos en De vrouw die de honden te eten gaf (2014) van Kristien Hemmerechts. Deze scènes worden ingeleid door Nina Geerdink en Stine Jensen. Ilja Leonard Pfeiffer zal bovendien voordragen uit Het Grote Baggerboek, een van de schokkendste werken uit de Nederlandse literatuur. Jos Joosten schreef een bijdrage over dit werk in Schokkende boeken! 

Het evenement duurt van 14 tot 17 uur. Iedereen is welkom, maar opgave vooraf is vereist, bij Olga van Marion: O.van.Marion@hum.leidenuniv.nl. Het boek verschijnt bij Verloren. Zie hier voor meer info of bestellen.

 

Jos Joosten over de Fens-biografie van Wiel Kusters

Mijn-versnipperd-bestaan-Het-leven-van-Kees-Fens-1929-2008Onderstaande tekst werd door Jos Joosten uitgesproken tijdens de boekpresentatie van Mijn versnipperd bestaan in Boekhandel Roelants (LUX), Nijmegen 1 juli 2014.

 

Van de plaats en tijd dat ik Kees Fens voor het laatst gezien heb, zal hijzelf het symbolische wel hebben kunnen inzien. Dat was op zondagochtend 23 maart 2008 in en bij de Cenakelkerk op de Heilig Landstichting. Eerste Paasdag. Met mijn kinderen wandelde ik het kerkplein op voor de Paasmis, toen ik uit een auto ineens iemand hoorde roepen, met licht-Amsterdamse tongval: ‘Hé, Heilige!’ Het was Fens die, met zijn tweede echtgenote achter het stuur, net als ik op weg naar de kerk was.
Ik zat tijdens de mis in de zijkapel, maar na afloop liep ik, met mijn twee dochters van toen zes en acht jaar, meteen naar de kerk om Fens te begroeten. Deze laatste ontmoeting was om minstens vier redenen tekenend voor Kees, en ik draag die als een dierbare herinnering bij me.
Allereerst dus die merkwaardige, uitbundige begroeting op het kerkplein. Dat was Kees. Maar dezelfde Kees was het die, na afloop van de Mis, uitgebreid uiteenzette hoezeer hij koor, muziek en liturgie totaal waardeloos vond. In die omstandige uitleg liet hij zich allerminst temperen door mijn voorzichtige inbreng en tegenwerping dat de muziekkeuze in kwestie, alsook koor en uitvoering van een en ander, plaatsvond onder de bezielende leiding van mijn bloedeigen echtgenote. Zulke persoonlijke futiliteiten remden Fens op een dergelijk moment niet per se. Zoals mij ook altijd is bijgebleven hoe hij, op de eerste dag dat ik na het overlijden en de begrafenis van mijn vader weer op de afdeling kwam, zijn welgemeende felicitaties slechts met kunst- en vliegwerk halverwege de reeds begonnen zin een meer condolaire draai wist te geven. (Een interessant gegeven overigens voor de biograaf in het licht van Fens’ verhouding tot vaderfiguren.)
Het volgende punt was dat ik Fens voor het eerst met kinderen zag. Wij kregen steevast na de geboorte van onze vier kinderen steeds heel snel een telefoontje (en één keer een kaartje, meen ik) en hij was bij elke ontmoeting altijd zeer geïnteresseerd hoe vrouw en kinderen het maakten. Deze keer zag hij mijn oudste dochtertjes voor het eerst in het echt, en mij verbaasde de compleet vanzelfsprekende klik die hij met die twee jonge kinderen had. Hij praatte met hen zonder infantiel te zijn, op een volstrekt vanzelfsprekende manier en er was echt contact. Ik kan niet precies uitleggen hoe – maar die korte scène liet me op de valreep kennismaken met nog weer een andere Kees Fens, die ik nog niet kende.
Een laatste punt waarom deze paasmorgen me zo bijbleef, is dat Fens nadrukkelijk leesadvies meegaf: als ik Pasen – of zondagen in het algemeen – überhaupt wilde begrijpen, dan moest ik straks thuis meteen beginnen in het hoofdstuk ‘Zondag in Hippo’ uit Augustinus, de zielzorger van F. van der Meer. Toevallig had ik dat boek kort tevoren voor de tweede keer gelezen en ik meende daaromtrent bij Kees een soort van tevreden berusting waar te nemen.
Het opschrijven van deze herinnering aan één ontmoeting met Fens deed mij realiseren wat voor complex karwei het schrijven van een biografie is – of beter gezegd: de biografie van iemand die je persoonlijk gekend en meegemaakt heb. In bovenstaande herinnering komt een aantal zaken naar voren dat ik typerend vind voor Fens. Of beter: voor de manier waarop ik Kees heb gekend. En zelfs nu al vind ik dat ik er verre mee tekortschiet, als het aankomt op het begin van een compleet beeld. Hoe persoonlijk dergelijke interpretaties kunnen uitvallen, merkte ik in de aanloop naar deze presentatie, toen ik op mijn Facebook-pagina Fens typeerde als ‘bescheiden’, en hoe er direct diverse reacties kwamen van mensen die hem beter of minder goed gekend hadden, die allemaal hun eigen opvatting over de karaktertrek ‘bescheidenheid’ ten beste gaven, die zij veelal niet op Fens van toepassing achtten.
  “Jos Joosten over de Fens-biografie van Wiel Kusters” verder lezen

Stageplaats bij het Meertens Instituut

logo_meertens_fullHet Meertens Instituut zet zich in voor de documentatie van de Nederlandse taal en cultuur. Ten behoeve van de verwerking van dialectwoordenboeken is het Meertens Instituut op zoek naar stagiairs met een technische achtergrond en stagiairs met een taalkundige achtergrond.

Zie hier voor meer informatie.

Wyke Stommel presenteert in York over online medische hulp

wyke

Als je geïnteresseerd bent in microanalyses van online communicatie (Twitter, fora, Facebook, blogs, chat, mail, etc.), kom 14 en 15 juli a.s. naar York voor het symposium MOOD-Y. Het programma bestaat uit korte presentaties in parallelsessies, 30-minuten plenaire lezingen en datasessies. Susan Herring, dé hoogleraar op het gebied van computergemedieerde communicatie, geeft een lezing via een live videoverbinding. Zie voor een overzicht van het programma en de sprekers:  http://www.ds.uzh.ch/_docs/1322/MOOD-Y_Conference_Schedule_2.pdf .

Wyke Stommel zal een lezing geven over de relatie tussen het medium en de sociale interactie en het vergelijken van interacties via verschillende media kan helpen om die relatie te onderzoeken. Sociale interactie die eerder mondeling gedaan werd, vindt tegenwoordig vaak plaats op, of via nieuwe media. We overleggen met collega’s via e-mail, we vragen om informatie of advies via een chatservice, we klagen over organisaties of de politiek via Twitter, we krijgen psychologische steun op lotgenotenfora of via een online cursus en we nodigen vrienden uit voor een feestje via WhatsApp. Maar zien die sociale handelingen via nieuwe(re) media er precies hetzelfde als via de traditionelere media (mondeling)? Anders gezegd, wat is en wat zijn de verschillen tussen media vanuit het perspectief van sociale interactie? In de lezing geeft Wyke een voorbeeld van hoe een vergelijking van interacties via verschillende media gedaan kan worden, namelijk de vergelijking van een chatservice met een telefonische hulplijn.

zie ook: http://www.york.ac.uk/news-and-events/events/public-lectures/summer-2014/moody-symposium/

Lotte Jensen spreekt over krachtige taal tegen Napoleon

spotprent_napoleon[1]

Op dinsdag 1 juli spreekt Lotte Jensen op een conferentie over de Honderd Dagen van Napoleon op Warwick University in Engeland. De Honderd Dagen van Napoleon verwijst naar de periode waarin Napoleon terugkeerde van Elba en opnieuw de macht greep in Parijs tot aan zijn definitieve ondergang in Waterloo op 18 juni 1815 en zijn aftreden als keizer enkele dagen later.

Het is een bijzondere conferentie: elke deelnemer moet een object meebrengen en daar iets over vertellen. Vervolgens wordt er een tentoonstelling met deze objecten gemaakt. Lotte’s object zijn twee pamfletten, geschreven door twee Nederlandse vrouwelijke auteurs: Petronella Moens en Maria Petronella Elter-Woesthoven. De dichteressen spreken krachtige taal: Napoleon moet met harde hand worden teruggedrongen. Hun boodschap: ook vrouwen kunnen ‘tiranverdelgsters’ zijn!

Nieuws vanuit de onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving’

Secret

De onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving‘ van Paula Fikkert gaat een drukke zomer tegemoet. Hieronder een greep uit de aanstaande activiteiten:

Van 2-6 juli zijn een aantal leden van de groep in Berlijn voor de ICIS conferentie (International Conference on Infant Studies), met pre- en post-conference workshops, waar o.a. oud-student Nederlands Imme Lammertink haar masterscriptie presenteert.

Op 7 juli is de promotie van Christina Bergmann (Computational models of early language acquisition and the role of different voices), gevolgd door de promotie van Sho Tsuji (The road to native listening) op 9 juli. Beide promovendi organiseren een interactieve workshop op 8 juli, precies tussen hun promoties in: Bar camp: Making use of accumulated data in infant language acquisition research.

De week daarop is de hele groep actief tijdens de IASCL conferentie in Amsterdam (International Association for the Study of Child Language). Een aantal van onze studenten zijn daar ook ook aanwezig als assistent.

Na IASCL krijgen we bezoek van Katherine Demuth, onderzoeker aan Macquarie University, Sydney, Australia. Zij is op 21 en 22 juli in Nijmegen. Zie hier voor meer informatie.

Promovenda Antje Stöhr zal ons een jaar verlaten: zij heeft een Fulbright-beurs gekregen om een academisch jaar door te brengen op PennState bij Janet van Hell, haar tweede promotor.

 

Posterpresentatie LOT Summerschool

lot_kader

Dag: 23 juni 2014
Tijd: 16.30-18.00
Locatie: Centrale hal Erasmusgebouw, onder de trappen naar het Gymnasiongebouw

 

Dit jaar organiseert de Landelijke Onderzoeksschool Taalwetenschap (LOT) samen met het Nijmeegse Centre for Language Studies (CLS). In dat kader presenteert een elftal promovendi en research master studenten hun onderzoek met een poster, onder het genot van een borrel.

Meer informatie en een link naar de abstracts is te vinden via de volgende link: http://www.ru.nl/cls/news-events/events/@938149/poster-session-lot-0/

 

Boekpresentatie Mijn versnipperd bestaan. Het leven van Kees Fens 1929-2008

doek005bibl01_01_tpg

Op dinsdag 1 juli vindt de boekpresentatie plaats van Mijn versnipperd bestaan. Het leven van Kees Fens 1929-2008. De biografie werd geschreven door dichter en letterkundige Wiel Kusters.

Kees Fens was de belangrijkste en productiefste literaire criticus van na de oorlog. Hij schreef talloze kritieken voor De Linie, dagblad De Tijd, en de Volkskrant. In 1962 richtte hij samen met J.J. Oversteegen en H.U. Jessurun d’Oliveira het invloedrijke tijdschrift Merlyn op. Fens werd in 1982 benoemd tot hoogleraar Nederlandse Nederlandse letterkunde aan de Radboud Universiteit.

Jos Joosten noemde Fens ooit ‘de laatste performatieve criticus’: het type criticus wiens machtswoord nog ‘daadwerkelijk de literaire status quo kon veranderen’ (zie Jos Joosten ‘Kritiek op een keerpunt’, opgenomen in Misbaar (2008)). Met Mijn versnipperd bestaan schreef Wiel Kusters een portret van de man die na zijn dood een leegte achterliet in de literaire wereld die niet meer gevuld werd.

Tijdens de presentatie gaan Wiel Kusters en Jos Joosten in gesprek over Kees Fens.

Tijd: 17.30

Locatie: Boekhandel Roelants [in Lux]

Toegang gratis!

Aanmelden via: https://www.roelants.nl/agenda.html