Neerlandistiek in Zürich

Afgelopen week was ik te gast bij de afdeling neerlandistiek aan de Universität Zürich te Zwitserland. De afdeling is klein maar fijn: er zijn vier medewerkers, die het hele palet van de Nederlandse taal en cultuur bestrijken. De afdeling wordt geleid door Chris de Wulf, die in 2010 een half jaar historische taalkunde bij ons in Nijmegen doceerde. Studenten kunnen Nederlands als bijvak kiezen, zowel in de bachelor als master.   

Op uitnodiging van de afdeling verzorgde ik een college en een openbare lezing over het thema ‘de Nederlandse identiteit’. Het was de bedoeling zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij de actualiteit. Geen moeilijke opdracht, want als één thema de verkiezingen had gedomineerd, dan was het wel dit onderwerp. Alle politici spraken zich immers uit over de Nederlandse identiteit, van Rutte (‘normaal doen’) tot Buma (het Wilhelmus terug op scholen!).  Daarnaast maakten de studenten kennis met het veld van de nationalisme studies en het historische onderzoek naar nationale identiteitsvorming. Een en ander leidde tot onderhoudende discussies over de Zwitserse perceptie van de Nederlandse identiteit.

 

Omgekeerd vroeg hun Deense gastdocent zich af wat typisch Zwitsers is. Een boeiend gegeven is het feit dat de meertaligheid van het land geen beletsel voor de nationale eenheid vormt. Verder is er in Zwitserland nog geen opmars van de Engelse taal te zien in het hoger onderwijs, zoals dat in Nederland wel het geval is. En dan zijn er nog wat trivialere constateringen. Het aantal uurwerken in Zürich is ontelbaar. In elke straat kun je een nieuw horloge kopen, als je wilt. Wat zeg ik? Honderd nieuwe horloges. Wat zegt deze obsessie met tijd over de Zwitserse identiteit? Daarnaast wemelt het in de stad van de fraaie gedenkplaten op huizen, muren en gebouwen. Aan historisch besef geen gebrek. Zo passeerde ik achtereenvolgens een monument gewijd aan de negentiende-eeuwse dichters Leonhard Widmer en Alberich Zwyssig, het huis waar Richard Wagner een tijdje heeft gewoond (nu de Portugese ambassade) en een gedenkplaat voor de actrice Charlotte Birch-Pfeiffer, die enige tijd directrice van het stadstheater te Zürich was.

Tot slot nog dit. Het is mede dankzij de Taalunie dat de neerlandistiek in Zürich floreert. Laten we hopen dat dit ook in de toekomst zo blijft. Het was een leerzaam en aangenaam bezoek, waarvoor dank aan Chris de Wulf en zijn medewerkers.

Door Lotte Jensen