Lezing Guusje Jol bij studentenvereniging Prometheus

Op 11 januari heeft Guusje Jol een lezing gegeven bij culturele studentengezelligheidsvereniging Prometheus in Leiden. Ze gaf daarbij tekst en uitleg over haar promotieonderzoek naar getuigenverhoren met kinderen.

De politieagenten die deze verhoren uitvoeren, zijn uitgebreid getraind bij de Politieacademie in Apeldoorn. Bij die training leren agenten om zo kinderen zodanig te horen dat de antwoorden die ze krijgen zo betrouwbaar mogelijk zijn. De technieken zijn gebaseerd op juridische vereisten, (veelal psychologisch) onderzoek, en jarenlange praktijkervaring van de docenten. Een belangrijk beginsel is dat de politie zo min mogelijk informatie invult en het kind zo veel mogelijk zelf laat praten. Ook wordt veel belang gehecht aan het stellen van open vragen. Bovendien is er veel aandacht voor begrijpelijkheid van vragen (vermijd ingewikkelde zinsconstructies, moeilijke woorden en dubbele vragen) en vermijden van druk (vermijd herhaling van vragen).

De vraag die Guusje Jol in haar promotieonderzoek probeert te beantwoorden is hoe de verschillende regels in de praktijk het gesprek beïnvloeden. Tijdens de lezing liet ze zien dat vragen naar bronnen van kennis (‘hoe weet je dat’) niet alleen vragen zijn naar informatie, maar ook een vraag om verantwoording. Een vraag naar een bron van kennis behandelt een eerder antwoord als nog niet direct geaccepteerd. Bovendien reageren kinderen regelmatig op deze vraag als een rare vraag: een vraag die niet nodig of niet gelegitimeerd is.

Ook ging ze in op kinderen die zichzelf verantwoorden tijdens een verhoor. Hoewel kinderen gehoord worden als getuige (en dus niet als verdachte), verantwoorden kinderen hun eigen gedrag met enige regelmaat. Ze presenteren hun handelingen als de enige mogelijkheid of ze benadrukken hoeveel ze zich verzet hebben. Dit gebeurt ook als de verhoorder niet om verantwoording vraagt. De vraag is daarom wat dergelijke verantwoordingen bewerkstelligen in het verhoor.