Excursie Aandachtsgebieden in de Nederlandse letterkunde

20150323_142744-2Verslag door Janneke van Boven

– Wist u dat er vorige week treinvertragingen rondom Den Haag waren door een zwaan op het spoor?
– Wist u dat er op diezelfde dag een relatief hoge concentratie van Nijmeegse neerlandici in Den Haag was?
– Wist u dat één van de bovenstaande feiten het gevolg was van een excursie van de tweedejaarscursus Aandachtsgebieden in de Nederlandse letterkunde? 

Op 23 maart brachten de studenten van Aandachtsgebieden een bezoek aan de Koninklijke Bibliotheek en het Letterkundig Museum in Den Haag. Nina Geerdink, Sophie Reinders en Anja de Feijter wezen de weg. Het programma van de dag begon met een ontmoeting met prof. dr. Nicoline van der Sijs, die ons enthousiast vertelde over haar project Nederlab, een platform voor onderzoekers en studenten waar alle gedigitaliseerde Nederlandstalige teksten te vinden zijn. Indrukwekkend is dat dit tot stand is gebracht door slechts een handjevol mensen, maar wel met de hulp van een groep stagiairs.

20150323_112245Vervolgens werden we meegenomen door conservator Paul van Capelleveen door gangen met zware deuren, waarbij het nog een kunst was om de hele groep bij elkaar te houden. Uiteindelijk bleef er niemand achter tussen twee beveiligde deuren in en hadden we het genoegen om topstukken uit de bijzondere collectie van de Koninklijke Bibliotheek te bewonderen.  Monden vielen open bij het zien Maerlants Der naturen bloeme. 20150323_123317Helemaal toen een prent van een zwaardvis voorbij kwam, inclusief schild en harnas. Het werd een korte reis door de tijd langs onder andere vrouwenalba, uitgekozen door Sophie Reinders, de distelband van Boutens en het tijdschrift van Rudy Kousbroek en Remco Campert Braak en een soort atlas waarin ieder land een andere kleur groen had: Annesas Appel, View on the world map 04: entities (Haarlem 2013). Een boek als 50 tinten grijs is prul, maar honderd tinten groen krijgt een bijzondere plek in de KB. Snapt u het nog? Al dit moois doet het hart van neerlandici sneller kloppen, dus inmiddels waren we wel toe aan een lunchpauze om alle indrukken te laten bezinken.

De middag brachten we door in het Letterkundig Museum, dat speciaal voor ons bezoek zijn deuren opende. Normaal gesproken is het op maandag namelijk gesloten. Na ontvangst door de conservatoren Daan Cartens en Dick Welsink splitste de groep zich op. De ene helft ging mee met meneer Cartens voor een ronde langs de Nationale schrijversgalerij. Hier zijn meer dan vijfhonderd portretten te zien van Nederlandse schrijvers. Bedenk een schrijver en hij hangt ertussen. Of dit nu met een zelfportret, een schilderwerk of een krijttekening is. Het was jammer dat drie kwartier te weinig was om alle portretten te kunnen bekijken.

Vervolgens nam meneer Welsink ons mee naar het Pantheon, waar honderd schrijvers de Nederlandstalige literatuur van de afgelopen duizend jaar representeren. Dit gebeurt via tastbare stukken, zoals brieven, notities of gebruiksvoorwerpen. Daarnaast heeft iedere schrijver een scherm met een koptelefoon waar kort iets wordt verteld over de schrijver en wat hij betekend heeft voor de literatuur. Ook hier geldt: drie kwartier was te kort om alles goed te kunnen bekijken en beluisteren.

De dag werd passend afgesloten voor de indrukwekkende 43 meter lange muurschildering van Lucebert, waar een klaterend applaus klonk om te bedanken voor een mooie dag met vele indrukken.

20150323_154543