De week van… Susanne Brouwer

Susanne Brouwer is universitair docent bij de afdeling Nederlandse Taal en Cultuur en geeft onder meer statistiek. Daarnaast is ze statistiek consulent voor het Humanities Lab.
 

Maandag 4 december

Het is 08.09 uur en de deuren van de trein slaan achter mij dicht. Vanuit mijn woonplaats Utrecht ben ik op weg naar de Radboud Universiteit in Nijmegen. Op mijn schoot ligt het boek Language in Mind. An Introduction to Psycholinguistics van Julie Sedivy (zie foto 1). Een pareltje! Ik blader de hoofdstukken door en lees hier en daar wat stukken tekst. De auteur lijkt de psycholinguïstische onderwerpen op een duidelijke en interactieve manier uiteen te zetten en daarnaast studenten uit te dagen. Het bevat zelfs een elegante companion website met verschillende activiteiten. Collega Stefan F. en ik denken erover om dit boek in de toekomst te gaan gebruiken voor onze gezamenlijke cursus Taal en Cognitie: Inleiding in de Psycholinguïstiek. Aan het eind van de treinreis ben ik overtuigd dat we de overstap moeten gaan maken.

Op station Nijmegen loop ik collega Sharon U. tegen het lijf. Samen pakken we de fiets naar de universiteit, terwijl we het hebben over het artikel dat we met nog twee collega’s aan het schrijven zijn en dat bijna afgerond is. Om 9:30 uur heb ik mijn eerste afspraak met collega’s Connie de V., Hannah L. en research master studente Rehana O. Connie de V. had me benaderd om betrokken te zijn bij een project over gebarentaal. Er is namelijk een mogelijkheid dat wij experimenten kunnen gaan draaien bij NEMO Science Life. Het unieke van deze kans is dat we dan in twee  weken tijd wel zo’n 500 participanten, jong en oud, kunnen testen. We praten over het materiaal en het design van de mogelijke experimenten. Ook werpen we nog een blik op de software OpenSesame die we gaan gebruiken om de experimenten in te draaien. Ik ben er minder bekend mee, maar ik word er enthousiast van om al die icoontjes te zien die tezamen het experiment kunnen gaan vormen.

Aan het begin van de middag geef ik een hoorcollege Statistiek aan derdejaars NTC studenten. Ook al is de groep dit jaar helaas niet zo groot, ik heb er altijd veel plezier in om deze cursus te geven. Voor degenen die mij kennen: Statistiek ligt me na aan het hart. Ik voer daarom naast mijn functie als universitair docent ook graag mijn functie als statistiek consulent voor het Humanities Lab uit. De stof in het hoorcollege gaat deze keer over het opstellen van contrasten binnen het uitvoeren van zogenaamde ANOVA testen. Het leukste vind ik altijd om te zien als bij studenten het spreekwoordelijke kwartje valt. Ik zag er een boel vallen aan het eind van dit hoorcollege. Op vrijdag zullen we de stof verder oppakken in de vorm van een opdracht. Ik beloof de studenten dat die opdracht, gezien de tijd van het jaar, over Sinterklaas zal gaan.

Na mijn hoorcollege sprint ik weer naar boven naar de 6e verdieping. Ik heb twee afspraken met collega’s die advies willen krijgen over hun data-analyse. Met de ene collega ben ik vrolijk aan het sparren hoe hij zijn data precies zou kunnen bewerken. Met de andere collega schrijf ik een script in R, een software programma dat gebruikt kan worden om data te bewerken, te visualiseren en te analyseren. Aan het eind van de middag heb ik nog een uurtje over om te reageren op mijn e-mail. Dan fiets ik rond 17:15 uur weer naar het station om in de trein een artikel te lezen over Growth Curve Analyse. Dat is een techniek die je goed kan gebruiken bij het analyseren van eye-tracking (oogbewegingen) data.

Bij aankomst in Utrecht haal ik nog wat boodschappen die mijn vriend is vergeten te kopen (zo gaat het vaker ;). We bespreken onze dag aan tafel tijdens het eten. Dan stort ik me op mijn heimelijk genoegen America’s Next Top Model (voor insiders: Cory heeft mijn stem). Hoe Tyra Banks aan het eind van elke aflevering de zin “You are still in the running of becoming America’s next top model” uitspreekt, vind ik hilarisch en een fonetische analyse waard. Volgens mij reduceert (verkort) ze zoveel klanken. Mijn proefschrift ging over gereduceerde spraak, dus ik merk dat ik nog altijd oplet wie er wel of niet articuleert.

 

Dinsdag 5 december

Vanavond is het pakjesavond. In de ochtend voel ik al kriebels in mijn buik, terwijl ik het niet eens ga vieren. Het moet een restant zijn van mijn jeugd. De spanning die ik toentertijd voelde. Ik herinner me nog goed dat ik in de Sinterklaasperiode de kelder en de zolder van mijn ouderlijk huis niet durfde te betreden. Te bang dat er een Pietje uit zou springen. Dus moest mijn oudere zus de mandarijntjes, die we vaak als toetje kregen, in de kelder halen. En zo moest zij ook de zolder op om kaarsenstandaards te halen, want die werden altijd in veelvoud in het huis neergezet in de maand december.

Aangekomen in het Erasmusgebouw zet ik een pot thee en zie ik al snel mijn eerste afspraak binnenwandelen in mijn kantoor. Een master studente die statistisch advies nodig heeft bij haar masterscriptie. Vervolgens heb ik een afspraak met Wilbert S. en Jos J. over de cursus Schoolvak Nederlands die in periode 3 van start zal gaan. Ik ben coördinator van die cursus en moet de boel op poten zetten. Gelukkig zijn beide professoren tevreden met mijn werk en zetten we samen de puntjes op de i. Het wordt een zeer gevarieerde cursus waarin docente Nederlands en collega Aukje van H. colleges komt geven en er daarnaast vakdidactici zijn uitgenodigd om hun expertise met de studenten te delen. Tot mijn blijdschap zie ik in Osiris dat zich al 20 studenten hebben ingeschreven. Een van de einddoelen van die cursus is het maken van een instructiefilmpje voor middelbare scholieren (flipping the classroom), dus ik kan nu al niet wachten tot mei waarin de studenten hun werk gaan tonen.

Na dit overleg spoed ik me naar het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek. Dat is de plek waar ik ben gepromoveerd, dus het voelt altijd als een warm bad als ik daar binnen kom. Aan dit instituut werkt mijn PhD studente Francie M. Zij doet onderzoek naar de relatie tussen spatiële taal (bijv. links en rechts) en cognitie (bijv. aandacht) bij gebarentaalgebruikers (zowel doven als horenden). Op dit moment is Francie M. in de analyse-fase beland. We kijken naar haar eye-tracking data met behulp van growth curve analyse, de techniek waar ik gister in de trein meer over heb gelezen. Deze techniek kan in kaart brengen hoe de oogbewegingen van participanten verlopen over de tijd. Het is een heel geprogrammeer in het softwareprogramma R. In deze sessie met Francie M. lijkt alles samen te vallen en denken we dat we de data goed in beeld hebben. We zijn heel enthousiast over onze innovatieve bevindingen en ik droom al weg van een prachtige publicatie in een toptijdschrift…

Ik wandel weer terug naar het Erasmusgebouw. Ik geniet van de frisse lucht en adem een paar keer goed in. Ik pak de route langs het bosgedeelte. De dennengeur is daar heerlijk. Een aanrader voor ieder die behoefte heeft aan stilte. Ik kijk op mijn horloge. Het loopt al tegen drieën. Het tijdstip waarop mijn nieuwe afspraak er zal zijn.

Een research master studente is bezig met het opzetten van een eye-tracking experiment en zou graag wat tips van mij willen krijgen. Het moeilijke van haar design is dat ze video’s wil gebruiken. Dit betekent dat er dus beweging in beeld is waardoor je extra goed moet nadenken over hoe je het verloop van die beweging gaat vastleggen. Ik stel voor om verschillende zogenaamde “areas of interest” in te bouwen, zodat je later precies kan laten zien waar de participant keek tijdens de video.

Eenmaal thuis aangekomen, kook en eet ik mijn pastagerecht en vertrek daarna naar de sportschool. Mijn sportschool is op 5 minuten loopafstand van mijn huis, dus ik heb nooit een excuus om niet te gaan. Ik voer mijn parcourtje uit… crosstrainer, hardlopen, krachttraining. Met een rood hoofd kom ik thuis. Ik zet nog een pot sleepy time thee en val daarna in slaap.

 

Woensdag 6 december

Woensdag is mijn thuiswerkdag. Voor degenen die denken dat dat wel een relaxte dag zal zijn, die hebben het mis. Vaak zie ik dit als mijn inhaaldag. Al het werk dat ik niet op de universiteit heb kunnen doen, kan ik nu ongestoord uitvoeren zonder “lastig gevallen” te worden door collega’s. Bovendien probeer ik op deze dag zoveel mogelijk onderzoek te doen om mijn publicatielijst te spekken. Dus ik kruip al achter mijn laptop om 8:00 uur ’s ochtends. Vandaag staat een artikel van mij en op het programma dat door een internationaal tijdschrift positief is ontvangen, maar zij zouden graag andere statistische analyses willen zien. Om specifiek te zijn, de editor van dat tijdschrift wil dat ik zogenaamde Generalized Addivitive Mixed Models uitvoer. En ook al ben ik statistiek consulent, dit is voor mij ook een echte uitdaging. De afgelopen twee maanden heb ik me ingelezen in die literatuur en R codes op het internet gevonden hoe je die analyse kan toepassen op data. Daarnaast heb ik contact met een collega van het CLS die computationeel sterk is, zodat ik zeker weet dat ik de analyses op de juiste manier uitvoer. De modellen die ik uitvoer op mijn data kosten soms wel een uur om uit te voeren! In de tussentijd herschrijf ik mijn artikel en reageer ik op de kritieken van de reviewers in een zogenaamde response letter. Dit is altijd een behoorlijk klus waarin mijn emoties van hot naar her gaan. Het ene moment voel ik pure overwinning en het andere moment vrees ik dat de reviewers ontevreden gaan zijn met mijn antwoord. Ja, het leven van een wetenschapper is een rollercoaster :-).

Naast mijn onderzoek bereid ik tijdens mijn thuiswerkdag vaak nog wat collegeslides voor en reageer ik op mailtjes die binnenkomen. Zo heeft mijn andere PhD studente, Stefanie R., haar laatste artikel van haar proefschrift geschreven en die is (bijna) klaar om naar een tijdschrift te sturen. Ik kan niet wachten om haar op haar verdediging te zien stralen in de aula op 31 januari om 12:30 uur precies. Komen jullie ook? Ik heb wel vaker in de corona gezeten om een vraag te stellen aan een kandidaat over zijn/haar proefschrift, maar nu zal ik er voor het eerst in de hoedanigheid van co-promotor zitten en daar ben ik best trots op.

 

Donderdag 7 december

Ik heb een onrustige nacht gehad. Vandaag vindt de opnamedag van de promotiefilmpjes van onze opleiding plaats. Ik ben er verantwoordelijk voor dat alles goed verloopt. Het is de bedoeling dat er vandaag 15 mensen (9 docenten en 6 studenten) op de film gezet worden. NTC student Jordi L. heeft de afgelopen maand drie bekende Nederlanders – Aafke Romeijn, Fresku en Sef – geïnterviewd over hun passie voor taal. Specifiek stelde Jordi vragen die gerelateerd waren aan onze drie disciplines – Letterkunde, Taalbeheersing en Taalkunde – die onze opleiding zo breed maken. Het idee is dat docenten van onze opleiding op bepaalde fragmenten van dat interview ingaan. Zo zal er een mooie afwisseling plaats vinden tussen BN’ers en de docenten van onze opleiding. Als klap op de vuurpijl zullen studenten NTC de drie promotiefilmpjes die we uiteindelijk gaan ontwikkelen inleiden en ook het slot verzorgen. Videograaf Gosse B. zal de opnames maken en de filmpjes zo editen dat ze een mooi geheel gaan vormen.

In de trein controleer ik nog even alle tekstjes van de docenten en ik hou mijn email in de gaten in de hoop dat er niemand op de laatste dag af zal zeggen. De eerste opname begint om 9:30 uur en gelukkig is iedereen – Jordi L., Gosse B. en collega Wyke S. – op tijd aanwezig. Vanwege het mooie licht besluiten we de opname te maken op de loopbrug naar de bibliotheek. Dit betekent dat Jordi L. en ik als een soort pitpulls de loopbrug bewaken, zodat er geen studenten in beeld lopen en er geen achtergrondgeluid te horen is. Ik ontdek dat de meeste mensen begrip hebben voor deze tijdelijke situatie, maar dat er ook een aantal mensen agressief reageren en met veel poeha door de beelden lopen. Het is niet anders. Collega Marten van der M. is de volgende voor de camera en blijkt een natuurtalent. Zijn status als docent wetenschapsjournalistiek en blogger voor De Taalpassie van Milfje zullen er wellicht iets mee te maken hebben. Dan is het tijd voor 5 studenten om te stralen op video. Koen G., Marieke K., Mel van D., Linz van de W., en Tommie van W. spreken met veel enthousiasme hun teksten uit in de letterenhuiskamer op de tweede verdieping. Dit loopt allemaal gesmeerd. Vervolgens worden collega Wilbert S. en collega Jos. M. op de film gezet op de loopbrug naar het Gymnasion. Saillant detail is dat beide loopbruggen niet verwarmd worden en de kou is dan ook goed te voelen. Wilbert S. heeft zijn tekst in razend tempo op video. Jos M. komt goed voorbereid met sjaal en al naar de loopbrug om zijn tekst ook uit te spreken. Hierna volgt een korte pauze. Jordi L. en Gosse maken nog extra shots van onze glorieuze campus. Na een lunchpauze pakken we het in de middag weer op. Studente Emma K. geeft haar lunchpauze op om ook haar zinnen in te spreken. Collega Lettica H. verschijnt met een prachtige ketting in beeld. Collega Jeroen D. leest zijn tekst een keer door en vertelt vrolijk in de camera welke interessante vragen er allemaal gesteld worden bij Letterkunde. Take 1 en het staat erop. Dan ben ik zelf aan de beurt. Een beetje onwennig probeer ik mijn tekst zo leuk mogelijk in de camera te vertellen. Ik hoop maar dat het eindresultaat goed overkomt. Dan schittert collega Alan M. met zijn sterke verhaal over identiteit. En tot slot vertelt collega Paula F. over de klank “r” en al haar verschijningsvormen. En tot onze grote sch(r)ik, zijn we een uur eerder klaar dan volgens planning. Hoera, het is gelukt! Ik hoop met heel mijn hart dat er begin januari drie prachtige eindproducten liggen die internet op hol doen slaan.

In de trein op weg naar huis werk ik mijn email bij en zie tot mijn blijdschap dat een artikel dat ik samen met collega’s van Koç University in Istanbul heb geschreven nog dit jaar gepubliceerd gaat worden. Het artikel is een hoofdstuk in een boek over tweetaligheid. Het gaat over hoe eentalige en tweetalige kinderen gebruik kunnen maken van werkwoorden om zelfstandig naamwoorden te voorspellen in taal.

 

Vrijdag 8 december

Mijn wekker gaat om 6.15 uur, en al ben ik best een ochtendmens, dit is me toch net iets te vroeg. Mijn eerste college begint om 9:00 uur, dus ik dwing mezelf uit bed te stappen. Dit college is een seminar. Het is bedoeld voor research master studenten die net wat meer problemen ervaren met de cursus Statistiek. Zij mogen tijdens dit seminar vragen stellen, terwijl ze aan hun weekopdrachten werken. Samen met collega Martijn G., die werkt aan de Universiteit van Tilburg, geef ik deze seminars. Soms bereiden we naar aanleiding van de vragen van studenten een aantal collegeslides voor. Deze week gaat het over de analysetechnieken moderatie en mediatie.

Vervolgens ga ik naar mijn volgende college, weer statistiek, maar nu is het het werkcollege voor derdejaars NTC studenten. Tijdens deze werkcolleges bespreken we altijd de weekopdracht. Zoals beloofd gaat de opdracht over Sinterklaas. Om specifiek te zijn, wordt de onderzoeksvraag gesteld wie de meeste pepernoten heeft gegeten tijdens de maand december: Sinterklaas, Zwarte Piet of de Kerstman? Samen lopen we stap voor stap door de opdracht heen en hoe deze uit te voeren in het analyseprogramma SPSS. Zoals altijd doet iedereen weer goed mee en heb ik de volledige controle over dit college ;).

In de middag spreek ik nog met mijn PhD studente Stefanie R. af. We kletsen bij over haar avonturen in Scandinavië waar ze twee succesvolle presentaties heeft gegeven. Vervolgens komt er een research master studente langs. Ik begeleid haar bij de cursus PhD proposal writing. Een maand geleden heb ik zelf een onderzoeksvoorstel ingediend bij het NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek). Terwijl de meeste mensen aan het genieten waren van de zon, heb ik mijn zomer grotendeels besteed aan het schrijven van een zogenaamd Vidi voorstel. In maart krijg ik te horen wat de reviewers van mijn voorstel vinden en of ik wel/niet uitgenodigd word voor een interview. Het gaat om een beurs van maar liefst 800.000 Euro die ik kan besteden aan o.a. het begeleiden van twee PhD studenten. Als ik de beurs ontvang, heeft collega Jeroen D. mij een feestje in de Spar beloofd, omdat daar de muziek snoeihard uit de speakers pompt. Alleen daarom al zou ik die beurs moeten krijgen.

Eenmaal thuis crashen mijn vriend en ik op de bank. Hij volgt een serie en ik kijk schaatsen. Ik volg het schaatsen al sinds Falko Zandstra meedeed. Zijn internationale debuutjaar was 1992, dus reken maar uit. Dit weekend is er een World Cup in de Olympic Oval in Salt Lake City, een van de snelste banen van de wereld. Dus er zijn kansen dat er wereldrecords worden gereden. En onder het mom van “ik moet daar bij zijn”, blijf ik aan het beeld gekluisterd en schreeuw ik “onze” (Mart Smeets, red.) Nederlanders over de finishlijn.

Zaterdag 9 december 2017

Rond 11.00 uur staan mijn zus en haar schatten van kinderen, 3-jarige Ella en 1-jarige David, op mijn stoep. We gaan naar een tuincentrum in Utrecht om mijn eerste, eigen kerstboom ooit te kopen. We kijken onze ogen uit, want het tuincentrum is ondergedompeld in kerstsferen…een kerststal, eskimo’s…overal staan (bewegende) beelden die de aandacht trekken van de kleintjes. We hebben al gauw een prachtig klein kerstboompje gevonden en nog wat kersttakken voor in een vaas. Bij thuiskomst zetten we de boom samen op. We brengen de middag verder samen door en eten ook samen. In de avond positioneer ik me weer voor de tv voor het schaatsgeweld. Je mag het gerust een verslaving noemen.

 

Zondag 10 december 2017

Om 9:30 uur zie ik op de Buienradar app dat er een flink wolkendek sneeuw aan zit te komen. Ik trek snel mijn sportoutfit aan. Als ik nu vertrek, dan ben ik precies op tijd terug voor de sneeuw losbarst. Zoals wel vaker in het weekend, loop ik een rondje hard. De ene keer langs de Vecht, de andere keer naar het Griftpark en vandaag een rondje Singel. Het is prachtig buiten. Ik geniet van de stilte van de zondagochtend. Ik kom enkel wat andere hardlopers tegen of iemand die zijn/haar hond uitlaat. De Singel ligt er weer mooi bij. Ik ben zo blij dat de gemeente heeft besloten om het water in Utrecht weer volledig terug te laten komen. De lelijke grijze wegen verdwijnen langzaam. Na 4 km doe ik even wat rek- en strekoefeningen in het Lepelenburgpark. Dan pak ik het ritme weer op en kom moe mijn huis binnen na zo’n 7 km.

In de middag heb ik met vriendin Eva afgesproken. Vanwege de sneeuw besluit ik 30 minuten te gaan wandelen naar het Louis Hartlooper Complex, de Lux van Utrecht. Tijdens de wandeling maak ik een foto op de Oudegracht. Eva en ik drinken een theetje samen. Daarna gaan we naar de film “Vele Hemels Boven de Zevende”, een verfilming van de roman van Griet Op de Beeck. Ik denk terug aan april 2016 toen collega Jeroen D. en ik tafelheer en tafeldame mochten zijn op de literaire avond van SVN. We mochten Griet Op de Beeck en Herman Koch interviewen. Ik herinner me de lichte paniek die ik voelde toen beide auteurs aangaven geen eigen lezing te willen geven (zoals eigenlijk afgesproken), maar alleen geïnterviewd wilden worden. Gelukkig zijn zowel Jeroen D. als ik niet weg van wat improvisatie en hebben we na afloop de indruk dat het publiek denkt dat dit allemaal volgens plan is verlopen. Volgens mij zijn de recensies over de verfilming niet onverdeeld positief, maar ik heb genoten van deze film. Mijn hulde gaat uit naar het speelwerk van de acteurs, de mooie dialogen, de prachtige Vlaamse klanken die er gesproken worden en het oog voor detail van de cameraman. De soundtrack, gemaakt door Spinvis, blijft de hele avond in mijn hoofd zitten: “Reis ver, drink wijn, denk na, lach hard, duik diep, kom terug”. “Reis ver” zal ik in januari in de praktijk uitvoeren. Samen met vriendin Wendy ga ik naar Zuid-Afrika. Stellenbosch, Franschhoek, Kaapstad en een gedeelte van de Garden Route. Die avond bellen we nog even om onze vakantieplannen verder door te spreken. Ik kan niet wachten! Ik ga bijtijds naar bed en ben benieuwd of ik de volgende dag Nijmegen zal bereiken vanwege code oranje.