Surinaams-Nederlands onder de loep

onzetaal_surnlDat Surinamers woorden hebben als buitenvrouw, schaafijs en doekoe is inmiddels wel bekend, maar ook op grammaticaal gebied wijkt het Surinaams-Nederlands af van het Standaardnederlands. “Vóór je haar is grijs, ga ik chef worden!”.

De taalkundige Nicoline van der Sijs, hoogleraar historische taalkunde aan onze afdeling, inventariseerde welke grammaticale bijzonderheden voorkomen in door Surinaamse auteurs geschreven romans. Daarbij ontdekte ze diverse nog niet eerder beschreven bijzonderheden van het Surinaams-Nederlands.

Lees het artikel ‘Laat-me-er-dit-van-zeggen. Grammaticale bijzonderheden van het Surinaams-Nederlands‘ online via de site van de Nederlandse Taalunie. Het artikel verscheen in Onze Taal,  november 2014. p.314-316.

Jeroen Dera op Geschiedenis- en Cultuurbeurs 2014

Geschiedenisbeurs

Morgen vindt in het Erasmusgebouw de jaarlijkse Geschiedenis- en Cultuurbeurs plaats (13.00-17.00). Het doel van dit evenement is het bijeenbrengen van verschillende ‘marktpartijen’: enerzijds Masterstudenten en docenten van uiteenlopende studies binnen Letteren, anderzijds commerciële, non-profit en overheidsorganisaties uit het brede beroepenveld van cultuur, literatuur en geschiedenis: van musea tot archieven, van culturele centra tot tijdschriftredacties.

Als vertegenwoordiger van de Master Letterkunde zal Jeroen Dera op de beurs een lezing verzorgen over zijn promotieonderzoek, onder de titel “Bekabelde kritiek: boekbesprekingen in de nieuwe media radio, televisie en internet”. Voor meer informatie over de middag, klik hier.

 

Steun Onbederf’lijk Vers!

O'Vers 2014 uitsnede
Illustratie: Renie Lamers

Dreun jij zo het oeuvre van Nijhoff op of – het andere uiterste – relateer je het woord ‘vers’ alleen maar aan groente of iets anders eetbaars? In beide gevallen heeft Onbederf’lijk Vers jou iets prachtigs te bieden. Dit gebeurt al elf jaar lang en dolgraag wil iedereen daar een twaalfde editie aan toevoegen.

Dus: 22 oktober 2014, 22 dichters (bekend en talent), gratis poëzie voor iedereen, gewoon in Nimweegs binnenstad, op zeven bijzondere locaties! Dit alles kan maar één ding betekenen: de nieuwe editie van poëziefestival Onbederf’lijk Vers zit er inderdaad aan te komen!

Gratis staat echter niet altijd voor goedkoop, ofwel: het kost wat om jou geen entree te hoeven laten betalen. Daarom is Onbederf’lijk Vers op dit moment, in tijden van financieel zwaar weer op kunst- en cultuurgebied, op zoek naar een paar kleine steuntjes in de rug. Door middel van een crowdfundingsactie op voordekunst.nl hopen we deze te verzamelen. Wil je ook zo’n steuntje zijn? Ga dan snel naar deze site! Nog niet overtuigd? Kijk dan dit promofilmpje:

Al met een klein bedrag maak je niet alleen de organisatie van Onbederf’lijk Vers, maar hopelijk ook jezelf gelukkig! Eeuwige dank verzekerd!

Eerstejaars Boekproject met schrijver Peter Verhelst

geschiedenis van een berg Peter Verhelst

 

 

 

 

Net als in voorgaande jaren vindt tijdens de introductie weer het Eerstejaars Boekproject plaats, een activiteit van de Faculteit der Letteren en Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen.

Dit jaar zal het evenement plaatsvinden op donderdag 21 augustus van 15.00 tot 17.00 uur in zaal CC1. Centraal staat de roman Geschiedenis van een berg van de Vlaamse schrijver Peter Verhelst.

We beginnen om 15.00 uur met een lezing door de auteur. Daarna volgen twee korte lezingen van medewerkers uit de twee faculteiten. Van onze afdeling zal docent en promovenda Lieke van Deinsen een lezing verzorgen. De middag wordt besloten met een publieksinterview, waarbij studenten de vragen stellen aan de auteur.

Belangstellenden zijn van harte welkom om hierbij aanwezig te zijn!

 

Nieuws vanuit de onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving’

Secret

De onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving‘ van Paula Fikkert gaat een drukke zomer tegemoet. Hieronder een greep uit de aanstaande activiteiten:

Van 2-6 juli zijn een aantal leden van de groep in Berlijn voor de ICIS conferentie (International Conference on Infant Studies), met pre- en post-conference workshops, waar o.a. oud-student Nederlands Imme Lammertink haar masterscriptie presenteert.

Op 7 juli is de promotie van Christina Bergmann (Computational models of early language acquisition and the role of different voices), gevolgd door de promotie van Sho Tsuji (The road to native listening) op 9 juli. Beide promovendi organiseren een interactieve workshop op 8 juli, precies tussen hun promoties in: Bar camp: Making use of accumulated data in infant language acquisition research.

De week daarop is de hele groep actief tijdens de IASCL conferentie in Amsterdam (International Association for the Study of Child Language). Een aantal van onze studenten zijn daar ook ook aanwezig als assistent.

Na IASCL krijgen we bezoek van Katherine Demuth, onderzoeker aan Macquarie University, Sydney, Australia. Zij is op 21 en 22 juli in Nijmegen. Zie hier voor meer informatie.

Promovenda Antje Stöhr zal ons een jaar verlaten: zij heeft een Fulbright-beurs gekregen om een academisch jaar door te brengen op PennState bij Janet van Hell, haar tweede promotor.

 

Stages gesignaleerd

 

  • De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag zoekt een stagiair voor haar poëziewebsite. De stagiair zal zich bezighouden met het schrijven, redigeren en organiseren van nieuwe teksten en afbeeldingen voor de site: het updaten van bestaande dossiers en het maken van nieuwe profielen. Zie de website van de KB voor meer informatie.

 

  • Literair productiehuis Wintertuin in Nijmegen zoekt stagiaires voor redactie, productie en publiciteit. Solliciteren kan tot en met 30 juni. Bekijk de website.

 

  • Verschillende stages Pers en Publiciteit bij de uitgeverijen Querido, Q, Nijgh en Athenaeum. Stages beginnen 1 juli dus snel reageren wordt aangeraden! Zie hier voor meer informatie.

 

Voorafgaand aan de minormarkt is er morgen 4 juni om 10:30 uur een stagevoorlichting in E2.54. Deze voorlichting is gericht op studenten van de letterenfaculteit. Heb jij interesse in het lopen van een stage? Kom dan naar deze bijeenkomst voor meer informatie.

Wie wordt de nieuwe campusdichter?

dichterStudenten van de Radboud Universiteit die affiniteit hebben met poëzie kunnen zich vanaf nu kandidaat stellen als campusdichter.

Wat houdt het campusdichterschap in? Als campusdichter schrijf je een jaar lang (gevraagd en ongevraagd) gedichten waarin je poëtisch commentaar levert op de gebeurtenissen op en rond de campus. De campusdichter houdt verder voordrachten bij verschillende gelegenheden zoals de opening van Stukafest. Aan het einde van het jaar geeft Cultuur op de Campus een dichtbundel uit met het verzameld werk van de campusdichter.

Interesse? Stuur drie van je beste gedichten naar theater@cultuuropdecampus.nl. De aanmelding loopt tot 9 mei. De finale met bekendmaking van de nieuwe campusdichter vindt plaats op 11 juni in het CultuurCafé.

In de finale jury zullen plaatsnemen: Mickey Koster en Linda van der Pol van Nederlandse Taal en Cultuur, en Jolene Meijerink van VOX.

Impressie: tweedejaars uitstapje naar Den Haag – stad van de Letteren

door Laudy van den Heuvel en Ruth Pasternak

Als afsluiter van de tentamenweek mochten de tweedejaars studenten Nederlands op vrijdag 4 april een kijkje nemen in de ‘boekenhemel’: we brachten een bezoek aan de Koninklijke Bibliotheek en het Letterkundig Museum in Den Haag. Fris en fit zaten we rond negenen in Nijmegen in de trein. Alhoewel: een aantal trage lopers miste de aansluiting in Utrecht. Verdere organisatorische rampen bleven gelukkig uit. Eenmaal aangekomen in Den Haag werden we hartelijk zwaaiend verwelkomd door het ontvangstcomité: Anja de Feijter. Zij had er ontzettend veel zin in en wij – met een gezellige treinreis achter de rug – inmiddels ook.

foto 1

De ochtend brachten we in de immense Koninklijke Bibliotheek door. In gezelschap van Anja de Feijter, Esther Op de Beek en Martine Veldhuizen trokken we door de bieb. Tussentijds werden we verrast door de aanwezigheid van een welbekend gezicht: Sophie Reinders in haar kenmerkende bloemenjurk. Conservator Paul van Cappelleveen liet ons enkele topstukken uit de Nederlandse boekencollectie zien, waaronder het werk van Anthonis de Roovere en Van Maerlants ‘Der naturen bloeme’, waarin wel zeer bijzondere vissen stonden: waterbeestjes, geportretteerd zoals de overlevering het verteld had, een zwaardvis met een ridderlijk hoofd en een zwaard in de hand en een zeemeermin met een vissenlijf en vrouwelijk bovenlichaam. Paul toonde ons vervolgens een boek dat bij het openslaan een doos voor meerdere mini-boekjes bleek te zijn. Dit verrassingsboek werd cadeau gegeven aan een zoontje van een Zeeuwse handelaar. In minuscuul schrift stonden er allerlei zedelijke tekstjes in geschreven, opdat het zoontje net zo succesvol zou worden als de vader. We zagen dat middeleeuwse boeken eigenlijk een product zijn van verschillende tijden. Sommige perkamenten wondertjes waren namelijk voorzien van negentiende-eeuwse chique boekbanden. Paul was zeer enthousiast en eenmaal op dreef kon hij niet meer stoppen. De boeken werden voorzichtig neergelegd op een groot kussen, zodat de band niet beschadigde. Er was één uitzondering: de drie liedboekjes van Anna Bijns mochten we eigenhandig doorbladeren!

1010144_10203504397959330_6980473284886363728_nHet tweede onderdeel van de ochtend  werd verzorgd door rondleider Martijn. We doken in de kelders van de bibliotheek, waar ‘voetbalvelden aan boeken’ zijn opgeslagen en waar zo’n vijftien meter aan boekenkasten bijkomen. De inhoud van het depot was verbazingwekkend. Werkelijk alles wat een ISBN-nummer bevat wordt opgeslagen: van Dribbels kaartspel, Barack Obama’s speeches, belastingwijzers uit de jaren negentig, studieboeken over watermanagement, kookboeken, boeken van Jan Terlouw en Pinkeltjes aan toe.

De ogen waren voor nu even verzadigd en de benen werden moe: de pauze was zeker nodig voordat we het Letterkundig Museum zouden bezoeken. Gelukkig begon het museumbezoek al zittend, terwijl twee medewerkers, Daan Cartens en Dick Welsink, ons het reilen en zeilen van het museum vertelden: de bezuinigingen hadden ook hen zeer geraakt (hoe kan het ook anders), maar er was nog reden genoeg om trots te zijn. Het museum in Nederland werd nog altijd beter bezocht dan het letterkundemuseum in Budapest, aldus de mannen, lachend. 10001414_10203504392519194_7766000778472825417_nDe rondleiding door het museum startte in de Nationale Schrijversgalerij: een enorme ruimte, vol met allerlei (zelf)portretten (en anderhalve foto) van op alfabet gerangschikte schrijvers, geïnspireerd op de National Portret Gallery in Londen. Niet alle portretten waren herkenbaar, maar het ietwat vreemde zelfportret van Arnon Grunberg spande de kroon, mits deze man lijkt op wat verfvegen en lukraak geplaatste letters op doek.

Volgens Esther Op de Beek bestaat er overigens een leuke app, waarop nog eens alle schrijvers bij de schilderijen worden genoemd.* Een volgende zaal, Het Pantheon, toonde ons de hoogtepunten uit de Nederlandse literatuur via beeldschermen met ronde luistertelefoontjes, vitrinekasten met schrijfprocessen, een doolhofje met felgekleurd verlichte glasplaten waarop gedichten te lezen waren en glazen bakken met knopjes waarop je kon drukken, waardoor er platen met materiaal omtrent de schrijver verschenen. De tijd vloog, want haastig stuurde Daan ons naar de tentoonstelling over Het Stenen Bruidsbed van Mulisch: “Het zou jammer zijn als we dat moeten missen!”. De tentoonstelling bestaat met name uit een film, waarin het boek als het ware wordt ‘uitgelegd’. Het was een mooie gelegenheid om de vermoeide benen weer even de lucht in te gooien. Het museumbezoek eindigde met een bezoekje aan de zes immense beschilderde wandpanelen, speciaal gemaakt voor het Letterkundig Museum door Lucebert in 1983. “Onthoudt: deze panelen zijn speciaal gemaakt voor deze ruimte. De ruimte is dus zéér belangrijk voor de betekenis van deze werken. Dat relativeert het begrip autonomie maar weer,” aldus Anja. 1010005_10203504393279213_6774346633698473588_nAnja had het overigens nog over een zeer charmante foto met haar en Lucebert bij de onthulling van de desbetreffende panelen..
Al met al is het Letterkundig Museum zeer zeker een bezoek waard. De tentoonstelling is prachtig opgezet en het vleugje interactiviteit draagt daar zeer zeker aan bij. Deze excursie naar Den Haag was absoluut een prima afsluiting van de tentamenweek!

* de tip van Esther op de Beek, een PortrettenApp van het Letterkundig Museum:
http://www.letterkundigmuseum.nl/Nieuws/Nieuws.aspx?ItemId=136.

Oratie van Nicoline van der Sijs online

Freek 1Afgelopen donderdag, 27 maart, sprak prof. dr. Nicoline van der Sijs in Nijmegen haar oratie uit getiteld De voortzetting van de historische taalkunde met andere middelen.

In haar oratie gaat Van der Sijs in op de E-Humanities en de nieuwe toekomst van oude teksten. Digitale onderzoeksmethoden zijn binnen de geesteswetenschappen sterk in opkomst. De verwachtingen zijn hooggespannen, zowel bij onderzoekers als bij subsidiegevers. Terwijl de computer met moderne teksten al redelijk uit de voeten kan, zijn er voor oude teksten nog veel moeilijkheden te overwinnen.

De tekst van deze oratie staat inmiddels online.

De week van… Titia Benders

titia

 

 

 

 

Titia Benders is postdoctoraal onderzoeker bij taalkunde. Zij is gespecialiseerd in eerste taalverwerving. Hier beschrijft zij de week van zaterdag 15 tot en met vrijdag 21 maart.

ZATERDAG

Als ik om half tien mijn huiskamer inloop, verkeert heel mijn boekenclub nog in diepe rust. Heel mijn boekenclub? Nee. T., moeder van een zoontje van 1, kan zo lang niet meer uitslapen. K. lag onder het raam en slaapt tegenwoordig niet meer als er licht in haar gezicht schijnt. Mi. en S. lagen op matjes zonder kussens (M: kussens zijn voor watjes) en hebben een gebroken nacht achter de rug. J.W. laat weten dat hij inmiddels op Amsterdam Sloterdijk is gestapt en Me. geeft door wanneer ze vanuit Brussel zal inskypen. Het is, kortom, tijd om op te staan, brood en koffie te kopen, en aan de brunch-met-boekbespreking te beginnen.

Deze maand is “A Rembours” (Vertaling van Jan Siebelink: “Tegen de Keer”) van J.-K. Huysmans aan de beurt, mogelijk de bijbel van de decadente literatuur. Powerskimmen kan nodig zijn als de hoofdpersoon, Des Esseintes, de Latijnse en katholieke schrijvers in zijn bibliotheek één voor één doorlicht. Het boek wordt onweerstaanbaar bij de stukken over een met goud beklede schildpad, over planten die eruit zien alsof ze syfilis hebben, en over de man die naar Londen ging maar toch niet. Zelden was mijn boekenclub zo eensgezind enthousiast over de ontdekking van een niet recent en toch voor  iedereen nieuw boek. De vader van J.-K. Huysmans was Nederlander, mocht iemand nóg meer redenen zoeken om dit boek te gaan lezen.

De middag na de boekbespreking is niet zo lang meer, maar het lukt ons om naar het Modekwartier te slenteren, T-shirts bij lokale ontwerpers te kopen, en bij een lokale Hipster-bar politici en elkaar te vergelijken met de vogels uit het grote vogelboek. Als ik ze om half acht weer op de trein naar Amsterdam zet, is het oordeel over Arnhem onverdeeld positief. “De week van… Titia Benders” verder lezen