De Grote Taaldag: een dag vol taalpassie, prijzen en prima eten

Door Merijn Beeksma, derdejaars student

taal

 

 

 

 

 

 

 

Eerder deze week verscheen er een artikel over Titia Benders op dit weblog, omdat zij de AVT-/Anéla-prijs won tijdens de Grote Taaldag. Deze dag, die speciaal gericht is op toegepaste en algemene taalkunde, vond afgelopen zaterdag voor de vierde keer plaats in hartje Utrecht. Er was een niet gering aantal Nijmegenaren aanwezig, onder wie ikzelf, samen met de ‘WerkWoordWerkers’ Mijntje Peters, Anneke Neijt en Johan Zuidema, de onderzoeksgroep waarbij ik stage heb gelopen en onderzoek heb uitgevoerd dat ik op de Taaldag zou presenteren. Ook Mijntje Peters, die NWO-onderzoek uitvoert naar de werkwoordspelling, zou haar voorlopige resultaten presenteren op deze dag.

Zowel de lezingen die werden gehouden als het publiek waren veelzijdig van aard. Er werd voornamelijk taalkundig onderzoek, maar ook wat taalbeheersingsonderzoek gepresenteerd en het publiek bestond zowel uit wetenschappers, studenten, mensen uit de praktijk (zoals basisschooldocenten) als overige geïnteresseerden, die zich konden laten informeren over onderwerpen als alfabetisering, Engels op de basisschool, slagzinnen in advertenties, een scala aan woordsoorten, spelling en ritme in de taal. Ook werd het ‘Taalportaal’ gelanceerd: een online verzameling van alles wat er te weten valt over de syntaxis, morfologie en fonologie van het Nederlands en het Fries. Hoewel het hier work under construction betreft, is de site is al te bekijken en te gebruiken. “De Grote Taaldag: een dag vol taalpassie, prijzen en prima eten” verder lezen

Tienduizenden taalkundige en etnologische kaarten beschikbaar via de Kaartenbank

kaartenbank
De Kaartenbank van het Meertens Instituut komt vandaag online. De website biedt een uitgebreid overzicht van gepubliceerde en ongepubliceerde dialectkaarten en etnologische kaarten van de Lage Landen en bevat een index met 30.000 titels van kaarten waarop taal- of cultuurverschijnselen zijn getekend. Bij ruim de helft van de titels kan men direct doorklikken naar een scan van de kaart.

De Kaartenbank bevat het eerste actuele overzicht van taal- en cultuurkaarten die zijn getekend van het Nederlandse taalgebied. De hoeveelheid kaarten die beschikbaar komt, is ongekend: voor geen enkel land bestaat een algemeen toegankelijke verzameling van deze omvang. De kaarten dateren van eind 19de eeuw tot heden. De Kaartenbank omvat de kaarten uit de omvangrijke taalatlassen die in de 20e eeuw zijn gepubliceerd, naast kaarten die zijn verschenen in taaltijdschriften en in monografieën. Daarnaast zijn
tweeduizend ongepubliceerde kaarten opgenomen die al decennialang in de bibliotheek van het Meertens Instituut liggen. Deze komen nu voor het eerst via de Kaartenbank voor iedereen beschikbaar. Naast dialectkaarten zijn er ook volkskundige kaarten opgenomen, onder andere uit de beroemde volkskundeatlas waarover Voskuil in Het Bureau schreef – alle lezers van dit werk herinneren zich wel de discussies rond de kaart van de nageboorte van het paard; die kaart kan nu, naast andere etnologische kaarten, via de Kaartenbank worden bezichtigd.

De Kaartenbank is bedoeld voor geïnteresseerden en als bibliografische onderzoekstool. Via de Kaartenbank kan men gemakkelijk vinden of een bepaald verschijnsel is gekarteerd, en men kan verschillende kaarten – bijvoorbeeld van hetzelfde verschijnsel uit verschillende perioden of van verschillende gebieden – met elkaar vergelijken.
Ter gelegenheid van de lancering van de Kaartenbank is een boekje verschenen onder de titel De Kaartenbank. Over taal en cultuur. Hierin vertellen medewerkers van het Meertens Instituut het verhaal achter een kaart waarop de verspreiding van een talig of cultureel verschijnsel staat. De Kaartenbank werd mogelijk dankzij een subsidie door het Fonds stimulans voor open access-publicaties van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Voor informatie kunt u zich wenden tot hoogleraar historische taalkunde Nicoline van der Sijs.

Titia Benders wint AVT/Anélaprijs

Via Neder-L:

TitiaBendersFOTO

De AVT/Anélaprijs voor het beste taalkundige proefschrift van het afgelopen jaar is gewonnen door Titia Benders voor haar proefschrift Nature’s distributional learning experiment. Dit proefschrift, dat Benders in 2013 verdedigde aan de Universiteit van Amsterdam, bespreekt in detail de manier waarop kinderen leren om klanken die veel op elkaar lijken – zoals de klinkers in man en maan – van elkaar te onderscheiden.

De jury prijst in het juryrapport ‘de elegantie en onafhankelijkheid’ van Benders’ proefschrift en vermeldt als ‘saillant detail’ dat “de Nederlandse moeders die meewerkten aan Benders’ onderzoek veel glimlachten tegen hun babies, maar hierdoor het a-aa-contrast voor hun babies beduidend moeilijker leerbaar maakten.” Titia Benders is momenteel als postdoctoraal onderzoeker aan onze afdeling verbonden.

De AVT/Anélaprijs wordt sinds 1994 jaarlijks uitgereikt tijdens het Taalgala, een feestelijke bijeenkomst voor alle taalkundigen. De prijs wordt uitgereikt door de twee belangrijkste beroepsverenigingen voor taalkundigen, de Algemene Vereniging voor Taalwetenschap en de Nederlandse Vereniging voor Toegepaste Taalwetenschap Anéla.

De week van… Stefan Frank

Stefan Frank is universitair docent bij Nederlandse taalkunde. Hij is gespecialiseerd in psycholinguïstiek.

stefan

Vrijdag 10 januari

Ik word wakker in Londen –waar ik nog af en toe woon– met het gevoel alsof ik een fruitmesje probeer door te slikken. Dit is geen goed moment om griep te krijgen, want vanmiddag geef ik een lezing aan de universiteit van Birmingham. Gelukkig vind ik in de medicijnkast iets wat me kan helpen de dag door te komen.

Omdat ik nog ruim een uur de tijd heb voordat ik naar het station moet, ga ik naar een buurtcafé om daar verder te werken aan mijn pogingen om een computer iets te leren over de statistische woordpatronen van het Nederlands. Opnieuw zonder veel succes.

In de trein naar Birmingham controleer ik nog een allerlaatste keer of mijn presentatie een min of meer goed lopend verhaal vormt. Het gaat over hoe de hersenen reageren op voorspelbaarheid van woorden tijdens het begrijpen van taal. Helaas zijn niet alle resultaten even overtuigend, maar desondanks lijk ik er goed mee weg te komen: zoals het hoort zijn er wel een paar kritische vragen, maar niets wat me van mijn stuk brengt. De rest van de middag en tijdens de treinreis terug naar Londen brainstorm ik met één van de Birminghamse onderzoekers over een beurs die we samen willen gaan aanvragen. Intussen word ik zieker en zieker. “De week van… Stefan Frank” verder lezen

Naschrift bij ‘Taalkundig geroezemoes rondom Het Groot Dictee van 2013’

kip-eiVoor wie geïnteresseerd is in de taalkundige discussies: raadpleeg Neder-L. Daar wordt tevens de kippenei-kwestie verder besproken door Wim Mattens, in een bijdrage getiteld ‘Het roemloze einde van de tussenklank en van het ritmisch element!‘.

Bijzondere bijkomstigheid is dat Mattens in Nijmegen gestudeerd heeft en er gepromoveerd is. Hij heeft veel over de spelling van de tussenklank in samenstellingen gepubliceerd. Dat is geen toeval. Nijmegen heeft een uitgebreide geschiedenis van onderzoek naar de spelling. Denk aan het postuum verschenen boek van Remmert Kraak, hoogleraar Taalwetenschap in Nijmegen (titel: Homo loquens en homo scribens, 2006). Maarten van den Toorn (hoogleraar Nederlandse Taalkunde in Nijmegen) en Kees Fens (hoogleraar Moderne Letterkunde in Nijmegen) schreven vroeger met veel plezier samen Het Groot Dictee en maakten deel uit van de jury!

Taalkundig geroezemoes rondom Het Groot Dictee van 2013

KootenNeijt

Anneke Neijt

De mooie bijvangst van Het Groot Dictee 2013 is dat dit dictee leidde tot maar liefst vier taalkundige discussies. Het gaat om hardnekkige kwesties, vragen die nog niet bevredigend beantwoord zijn, hoezeer taalkundigen ook hun best doen: (1) “dan of als?”, (2) “spelling is wel/niet taal”, (3) “weg met de standaardspelling”, en (4) “hoe lossen we kippenhok – kippeëi en bessenwijn – bessestruik op?”

Ten eerste de discussie over dan en als: Kees van Kooten laat zien dat dan helpt om dubbelzinnigheden te voorkomen, terwijl Helen de Hoop laat zien dat daarmee niet alle dubbelzinnigheden de wereld uit zijn. Tja – taal blijft dubbelzinnig. Als schrijver moet je je daar bewust van zijn, en je kunt die dubbelzinnigheid zelfs uitbuiten, denk aan wiewauwen in Het Groot Dictee dat naast ‘krioelen’ ook ‘raaskallen’ betekent. “Taalkundig geroezemoes rondom Het Groot Dictee van 2013” verder lezen

Hoe praten Nederlandse moeders tegen hun baby?

baby-koptelefoon
Van Amerika tot Japan passen ouders zich aan als ze tegen hun baby praten: de stem gaat omhoog en de spraak wordt wat zangeriger. De precieze implementaties van deze aanpassingen verschillen echter van taal tot taal. Titia Benders, post-doc onderzoeker bij eerstetaalverwerving, heeft dit fenomeen nu bij Nederlandse moeders onderzocht en recent gepubliceerd in het tijdschrift “Infant Behavior and Development”.
.
De 18 onderzochte moeders spraken inderdaad wat hoger en zangeriger tegen hun baby dan tegen een volwassene. Een nieuwe bevinding was dat de moeders ook meer glimlachend klonken als ze met hun baby speelden. Zo’n ‘glimlachende’ klank kun je soms ook aan de telefoon horen: als je opneemt hoor je meteen of de persoon aan de andere kant van de lijn glimlacht of niet. Titia onderzoekt nu of ook baby’s een glimlach kunnen horen. Stay tuned!
.
Het artikel van Titia Benders is tot 31 januari 2014 gratis te lezen.

Jurylid Anneke Neijt kondigt Groot Dictee aan

Anneke Neijt is hoogleraar Nederlandse Taalkunde en maakt sinds enige jaren deel uit van de jury van het Groot Dictee der Nederlandse Taal, dat 18 december aanstaande plaatsvindt (21.30, Nederland 1).

neijt dictee

Aankomende ’s woensdagavond treffen ik u tegen bij het Groot Dictee!

Het gaat dit jaar om spelfouten én taalfouten bij het Groot Dictee. De deelnemers schrijven eerst op wat er gedicteerd wordt, en onderstrepen daarna de grammaticale fouten. De schrijver van het dictee is de man aan wie we graaft zich autobio in de Dikke Van Dale te danken hebben. Als geen ander beheerst hij het genre van de net-niet-grammaticale zinnen: Kees van Kooten. Hij heeft iets met het woordje zich dat te pas en te onpas opduikt. Taalfouten leiden vaker tot misverstanden dan spelfouten, is zijn boodschap, en dat dan moet beslist dan blijven. Van Kooten illustreert dat meesterlijk met de krantenkop ‘Taalhervormer Paardekooper schreef liever sjem als jam.’ Wie als door dan vervangt leest wat er bedoeld is:  ‘Taalhervormer Paardekooper schreef liever sjem dan jam.’ Saillant detail is dat er zojuist een wetenschappelijk artikel is verschenen over als en dan met de conclusie dat als taalkundig meer voor de hand ligt, want als is het voegwoord van vergelijking en dan is meestal een bijwoord. Van Kootens illustratieve voorbeeld laat zien dat je ook met de betekenis rekening moet houden.

Vorig jaar was het Adriaan van Dis die de prachtig tekst Zijn waar wij niet zijn schreef. Op de foto bij dit bericht (v.l.n.r. Anneke Neijt, Ludo Permentier en Adriaan van Dis) bespreken de leden van de jury met hem het ik-besef. Over het dictee van dit jaar mag ik niets vertellen, want strikte geheimhouding – na woensdag meer.

Zie verder:
Interview met Kees van Kooten
Het artikel met de gewraakte titel
Titel en samenvatting van het wetenschappelijke artikel over dan en als

De week van… Margit Rem

fotomargitMargit Rem is universitair docent historische taalkunde en maakt als opleidingscoördinator deel uit van het dagelijks bestuur van de afdeling Nederlandse taal en cultuur.

Maandag 2 december

Om 7.00 gaat de wekker. Hoewel ik gisteravond nog wat ben gaan drinken met een vriendin voel ik mij uitgerust. We hebben het niet te laat gemaakt en dat is natuurlijk niet onverstandig aan het begin van een nieuwe week. Snel onder de douche, kinderen wakker maken, kop koffie, afspreken wie hoe laat thuis is, halve kussen en een aai en dan op de fiets naar het Amstelstation. De intercity van 8.00  komt te laat binnen en dat betekent over het algemeen dat we achter een stoptrein of goederentrein nog meer vertraging zullen oplopen. Het valt uiteindelijk mee en om 9.40 loop ik het bestuursgebouw op de Comeniuslaan binnen. Ik zet mijn handtekening onder een BA-diploma en ga daarna naar het Erasmusgebouw. “De week van… Margit Rem” verder lezen

Wegwijs in het digitale laboratorium Nederlab

e humanities

Op 4 december organiseren Nicoline van der Sijs (RU), Karina van Dalen (Huygens ING/UvA), Els Stronks (UU) en een aantal technici van het Meertens en Huygens Instituut een CLARIN workshop voor letterkundigen onder de neerlandici.

Doel van de workshop is te zien wat Nederlab, het digitale laboratorium dat voor neerlandici in ontwikkeling is voor letterkundigen kan betekenen. Wat willen letterkundigen kunnen zoeken in de digitale teksten die Nederlab aanbiedt? Welke taalkundige onderzoektools zijn bruikbaar? Wat moet speciaal voor letterkundigen ontwikkeld worden gezien het type onderzoek dat letterkundigen doen of willen gaan doen?

Op 4 december kan iedereen eigen onderzoekswensen kenbaar maken en geïnformeerd raken over de mogelijkheden. Het precieze programma volgt nog, maar inschrijven kan door een mailtje te sturen naar Els Stronks (e.stronks@uu.nl). Reiskosten voor die dag worden vergoed met CLARIN subsidie. Ook RMA studenten zijn van harte welkom!

**

Via Nederlab kunnen onderzoekers en studenten alle gedigitaliseerde Nederlandstalige teksten van ca. 800 tot heden gezamenlijk doorzoeken en analyseren met binnen Nederlab ontwikkelde, gebruiksvriendelijke tekstanalysesoftware. Zo biedt Nederlab een laboratorium voor onderzoek naar de veranderingspatronen in de Nederlandse taal en cultuur. Het is de bedoeling dat eind 2013 een eerste versie van de Nederlab-website wordt gelanceerd. In de daarop volgende jaren, tot eind 2017, wordt de website met steeds meer tekstcollecties uitgebreid.