Nieuws vanuit de onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving’

Secret

De onderzoeksgroep ‘Eerstetaalverwerving‘ van Paula Fikkert gaat een drukke zomer tegemoet. Hieronder een greep uit de aanstaande activiteiten:

Van 2-6 juli zijn een aantal leden van de groep in Berlijn voor de ICIS conferentie (International Conference on Infant Studies), met pre- en post-conference workshops, waar o.a. oud-student Nederlands Imme Lammertink haar masterscriptie presenteert.

Op 7 juli is de promotie van Christina Bergmann (Computational models of early language acquisition and the role of different voices), gevolgd door de promotie van Sho Tsuji (The road to native listening) op 9 juli. Beide promovendi organiseren een interactieve workshop op 8 juli, precies tussen hun promoties in: Bar camp: Making use of accumulated data in infant language acquisition research.

De week daarop is de hele groep actief tijdens de IASCL conferentie in Amsterdam (International Association for the Study of Child Language). Een aantal van onze studenten zijn daar ook ook aanwezig als assistent.

Na IASCL krijgen we bezoek van Katherine Demuth, onderzoeker aan Macquarie University, Sydney, Australia. Zij is op 21 en 22 juli in Nijmegen. Zie hier voor meer informatie.

Promovenda Antje Stöhr zal ons een jaar verlaten: zij heeft een Fulbright-beurs gekregen om een academisch jaar door te brengen op PennState bij Janet van Hell, haar tweede promotor.

 

Posterpresentatie LOT Summerschool

lot_kader

Dag: 23 juni 2014
Tijd: 16.30-18.00
Locatie: Centrale hal Erasmusgebouw, onder de trappen naar het Gymnasiongebouw

 

Dit jaar organiseert de Landelijke Onderzoeksschool Taalwetenschap (LOT) samen met het Nijmeegse Centre for Language Studies (CLS). In dat kader presenteert een elftal promovendi en research master studenten hun onderzoek met een poster, onder het genot van een borrel.

Meer informatie en een link naar de abstracts is te vinden via de volgende link: http://www.ru.nl/cls/news-events/events/@938149/poster-session-lot-0/

 

Onderzoek Lieke Verheijen in de Trouw

 

Er wordt van alles gezegd over de invloed van social media op te taalvaardigheid. Maar is die invloed er wel echt? En over welke invloed hebben we het dan precies? Over deze vragen gaat het promotieonderzoek van Lieke Verheijen.

Het onderwerp leeft duidelijk bij een breder publiek: Lieke is geïnterviewd met als resultaat een uitgebreid artikel in Trouw van 21 mei.

Artikel_Trouw_21-05-2014[1]

De week van… Titia Benders

titia

 

 

 

 

Titia Benders is postdoctoraal onderzoeker bij taalkunde. Zij is gespecialiseerd in eerste taalverwerving. Hier beschrijft zij de week van zaterdag 15 tot en met vrijdag 21 maart.

ZATERDAG

Als ik om half tien mijn huiskamer inloop, verkeert heel mijn boekenclub nog in diepe rust. Heel mijn boekenclub? Nee. T., moeder van een zoontje van 1, kan zo lang niet meer uitslapen. K. lag onder het raam en slaapt tegenwoordig niet meer als er licht in haar gezicht schijnt. Mi. en S. lagen op matjes zonder kussens (M: kussens zijn voor watjes) en hebben een gebroken nacht achter de rug. J.W. laat weten dat hij inmiddels op Amsterdam Sloterdijk is gestapt en Me. geeft door wanneer ze vanuit Brussel zal inskypen. Het is, kortom, tijd om op te staan, brood en koffie te kopen, en aan de brunch-met-boekbespreking te beginnen.

Deze maand is “A Rembours” (Vertaling van Jan Siebelink: “Tegen de Keer”) van J.-K. Huysmans aan de beurt, mogelijk de bijbel van de decadente literatuur. Powerskimmen kan nodig zijn als de hoofdpersoon, Des Esseintes, de Latijnse en katholieke schrijvers in zijn bibliotheek één voor één doorlicht. Het boek wordt onweerstaanbaar bij de stukken over een met goud beklede schildpad, over planten die eruit zien alsof ze syfilis hebben, en over de man die naar Londen ging maar toch niet. Zelden was mijn boekenclub zo eensgezind enthousiast over de ontdekking van een niet recent en toch voor  iedereen nieuw boek. De vader van J.-K. Huysmans was Nederlander, mocht iemand nóg meer redenen zoeken om dit boek te gaan lezen.

De middag na de boekbespreking is niet zo lang meer, maar het lukt ons om naar het Modekwartier te slenteren, T-shirts bij lokale ontwerpers te kopen, en bij een lokale Hipster-bar politici en elkaar te vergelijken met de vogels uit het grote vogelboek. Als ik ze om half acht weer op de trein naar Amsterdam zet, is het oordeel over Arnhem onverdeeld positief. “De week van… Titia Benders” verder lezen

Oratie Nicoline van der Sijs op 27 maart a.s.

In haar oratie getiteld ‘De voortzetting van de historische taalkunde met andere middelen‘ gaat Nicoline van der Sijs in op de E-Humanities en de nieuwe toekomst van oude teksten. Digitale onderzoeksmethoden zijn binnen de geesteswetenschappen sterk in opkomst. De verwachtingen zijn hooggespannen, zowel bij onderzoekers als bij subsidiegevers. Terwijl de computer met moderne teksten al redelijk uit de voeten kan, zijn er voor oude teksten nog veel moeilijkheden te overwinnen.

In haar oratie laat Nicoline van der Sijs zien hoe digitale technologie ondanks beperkingen met succes kan worden gebruikt om oude en nieuwe historisch-taalkundige onderzoeksvragen te beantwoorden. Zo geeft ze antwoord op de oude vraag in hoeverre de gezaghebbende Bijbelvertaling uit 1637, de zogenoemde Statenvertaling, in taalgebruik volgend of leidend is geweest. De mythe wil dat de Statenvertaling grote invloed heeft uitgeoefend op de Nederlandse standaardtaal. Uit digitaal onderzoek blijkt echter dat de Statenvertaling bij verschijnen al archaïsch was, in ieder geval voor wat betreft het gebruik van naamvallen.

Haar conclusie is dat historische taalkunde en digitale onderzoeksmethoden een gelukkige combinatie vormen: de nieuwe onderzoeksinstrumenten werpen vaak een verrassend nieuw licht op oude, fundamentele vragen rond taalverandering.

Nicoline van der Sijs (Heerlen, 1955) is hoogleraar Historische taalkunde van het Nederlands in de digitale wereld aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze studeerde Slavische Taal- en Letterkunde aan de Universiteit Utrecht, waar ze van 1975 tot 1990 als onderzoeker werkzaam was. Tussen 1990 en 2010 publiceerde ze als freelance onderzoeker ruim 25 boeken over historische taalkunde en etymologie. In 2001 promoveerde ze in Leiden. In 2006 ontving ze de Prins Bernhard Cultuurfonds Prijs voor de Geesteswetenschappen. In 2010 richtte ze etymologiebank.nl op. Sinds 2012 werkt ze als projectleider van Nederlab bij het Meertens Instituut.

 

De oratie is openbaar en vindt plaats in de Aula (Comeniuslaan 2).

Aanvang: om 15.45 precies.

Congres over Negerhollands

creoltaalOp vrijdag 14 maart vindt er in Nijmegen een congres plaats over het Negerhollands. Het Negerhollands is een uitgestorven creooltaal die op de eilanden St. Thomas en St. John tot in de 20e eeuw gesproken werd door het nageslacht van oud-slaven die op Nederlandse plantages werkzaam waren. De lezingen worden verzorgd door Prof. Dr. Peter Stein, Drs. Cefas van Rossem, Prof. Dr. Pieter Muysken en Robbert van Sluijs MA. Zie hier voor verdere informatie.

NRC-Column Nicoline van der Sijs

Making_Comeback

In haar eerste column voor de wetenschapsbijlage van NRC Handelsblad beschrijft Nicoline van der Sijs in vogelvlucht de geschiedenis van het vak historische taalkunde, een vak dat dankzij de digitalisering een ware comeback beleefde. Waarin onderscheidt de historische taalkundige zich nu van de ‘gewone’ taalkunde? Lees het in haar column ‘De comeback van een vak’.

Kritiek op ons numerosity-onderzoek, uitleg en antwoord

appeltaart

Het numerosity-onderzoek van Arina Banga, Esther Hanssen, Rob Schreuder en Anneke Neijt over de vorm en betekenis van de tussenklank en in samenstellingen heeft de belangstelling getrokken van Wim Mattens. Hij schreef er kritische stukken over in Neder-L; zie Taalkundig geroezemoes en Naschrift op ons weblog. Inmiddels heeft Banga tekst en uitleg gegeven in Neder-L en Neijts commentaar op het derde artikel vind je hier. Fragmenten uit de discussie:

Mattens: Toch nog een keer die vermaledijde spelling.

Neijt: De huidige beregeling is niet zo slecht, want die zorgt voor gelijkvormigheid.

Banga: Dat we een superenkelvoud aantreffen, komt niet overeen met Mattens’ theorie.

Mattens: Als dat de uitkomst van wetenschappelijk onderzoek is, dan deugt dat onderzoek niet.

Mattens: En hoe beregelen de Nijmeegse morfologen college- in collegebank, collegedictaat, collegegeld, collegezaal: een substantief zonder tussenklank (vgl. appel) met enkelvoudige of meervoudige betekenis?

Neijt: Die beregelen we niet. Ons onderzoek is geen prescriptief onderzoek. We onderzoeken de functie van de tussenklank voor taalgebruikers: is het een ritmisch element, vooral bedoeld om een prosodisch betere vorm te bereiken, of is het een betekeniselement, een meervoudsaanduider, zoals de oude spellingvoorschriften doen vermoeden?

De Grote Taaldag: een dag vol taalpassie, prijzen en prima eten

Door Merijn Beeksma, derdejaars student

taal

 

 

 

 

 

 

 

Eerder deze week verscheen er een artikel over Titia Benders op dit weblog, omdat zij de AVT-/Anéla-prijs won tijdens de Grote Taaldag. Deze dag, die speciaal gericht is op toegepaste en algemene taalkunde, vond afgelopen zaterdag voor de vierde keer plaats in hartje Utrecht. Er was een niet gering aantal Nijmegenaren aanwezig, onder wie ikzelf, samen met de ‘WerkWoordWerkers’ Mijntje Peters, Anneke Neijt en Johan Zuidema, de onderzoeksgroep waarbij ik stage heb gelopen en onderzoek heb uitgevoerd dat ik op de Taaldag zou presenteren. Ook Mijntje Peters, die NWO-onderzoek uitvoert naar de werkwoordspelling, zou haar voorlopige resultaten presenteren op deze dag.

Zowel de lezingen die werden gehouden als het publiek waren veelzijdig van aard. Er werd voornamelijk taalkundig onderzoek, maar ook wat taalbeheersingsonderzoek gepresenteerd en het publiek bestond zowel uit wetenschappers, studenten, mensen uit de praktijk (zoals basisschooldocenten) als overige geïnteresseerden, die zich konden laten informeren over onderwerpen als alfabetisering, Engels op de basisschool, slagzinnen in advertenties, een scala aan woordsoorten, spelling en ritme in de taal. Ook werd het ‘Taalportaal’ gelanceerd: een online verzameling van alles wat er te weten valt over de syntaxis, morfologie en fonologie van het Nederlands en het Fries. Hoewel het hier work under construction betreft, is de site is al te bekijken en te gebruiken. “De Grote Taaldag: een dag vol taalpassie, prijzen en prima eten” verder lezen

Tienduizenden taalkundige en etnologische kaarten beschikbaar via de Kaartenbank

kaartenbank
De Kaartenbank van het Meertens Instituut komt vandaag online. De website biedt een uitgebreid overzicht van gepubliceerde en ongepubliceerde dialectkaarten en etnologische kaarten van de Lage Landen en bevat een index met 30.000 titels van kaarten waarop taal- of cultuurverschijnselen zijn getekend. Bij ruim de helft van de titels kan men direct doorklikken naar een scan van de kaart.

De Kaartenbank bevat het eerste actuele overzicht van taal- en cultuurkaarten die zijn getekend van het Nederlandse taalgebied. De hoeveelheid kaarten die beschikbaar komt, is ongekend: voor geen enkel land bestaat een algemeen toegankelijke verzameling van deze omvang. De kaarten dateren van eind 19de eeuw tot heden. De Kaartenbank omvat de kaarten uit de omvangrijke taalatlassen die in de 20e eeuw zijn gepubliceerd, naast kaarten die zijn verschenen in taaltijdschriften en in monografieën. Daarnaast zijn
tweeduizend ongepubliceerde kaarten opgenomen die al decennialang in de bibliotheek van het Meertens Instituut liggen. Deze komen nu voor het eerst via de Kaartenbank voor iedereen beschikbaar. Naast dialectkaarten zijn er ook volkskundige kaarten opgenomen, onder andere uit de beroemde volkskundeatlas waarover Voskuil in Het Bureau schreef – alle lezers van dit werk herinneren zich wel de discussies rond de kaart van de nageboorte van het paard; die kaart kan nu, naast andere etnologische kaarten, via de Kaartenbank worden bezichtigd.

De Kaartenbank is bedoeld voor geïnteresseerden en als bibliografische onderzoekstool. Via de Kaartenbank kan men gemakkelijk vinden of een bepaald verschijnsel is gekarteerd, en men kan verschillende kaarten – bijvoorbeeld van hetzelfde verschijnsel uit verschillende perioden of van verschillende gebieden – met elkaar vergelijken.
Ter gelegenheid van de lancering van de Kaartenbank is een boekje verschenen onder de titel De Kaartenbank. Over taal en cultuur. Hierin vertellen medewerkers van het Meertens Instituut het verhaal achter een kaart waarop de verspreiding van een talig of cultureel verschijnsel staat. De Kaartenbank werd mogelijk dankzij een subsidie door het Fonds stimulans voor open access-publicaties van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Voor informatie kunt u zich wenden tot hoogleraar historische taalkunde Nicoline van der Sijs.