Maak kennis met… Leon Shor

I am a Ph.D. candidate currently enrolled in the Hebrew Language Department at Tel Aviv University, Israel. My research focuses on referential choice in spontaneous spoken Israeli Hebrew. More specifically, I am focusing on human referents, and attempting to identify the various motivations underlying the interlocutors’ choice of coding these referents. In my research, I make use of various discourse-functional approaches to the study of spoken language, as well as of conversation analysis (CA) and interactional linguistics (IL).

I graduated from Tel Aviv University in 2007, majoring in Accounting and Economics. Having worked at an accounting firm for three years I came to understand that I no longer saw my future in this profession, and decided to pursue my dream of studying linguistics. I subsequently enrolled in the master’s degree program in the Hebrew Language Department at Tel Aviv University, and it was there that I found my true passion and career objective. After obtaining my master’s degree (which dealt with expression of negation in spoken Hebrew) it became evident that I wished to continue my research in the field of spoken language; therefore, I decided to pursue a doctoral degree in which I currently investigate the process of referential choice in spoken Israeli Hebrew.

The research I am conducting here, in the Centre for Language Studies, constitutes part of my PhD research. It is a corpus-based exploration of “Maak kennis met… Leon Shor” verder lezen

Stage op het snijvlak van letterkunde en geneeskunde

Via prof.dr. Hanneke van Laarhoven, hoogleraar translationele medische oncologie aan de Universiteit van Amsterdam, bereikte ons de volgende oproep:

In vervolg op een project naar ervaringen van contingentie bij patiënten met kanker (in samenwerking met de faculteit van filosofie, theologie en religiewetenschappen van de RU) ontwikkelen we een interventie voor patiënten met kanker die de omgang met contingente levenservaringen beoogt te ondersteunen.

Eén van de onderdelen van de interventie wordt het aanbieden van een ‘portfolio’ van literaire teksten, waarin omgang met contingentie centraal staat en waaruit met name ook duidelijk wordt dat omgang met contingentie niet eenduidig is – en dat juist dat erkennen de sleutel is tot omgang met contingentie. Voorbeeld bij uitstek van zo’n tekst, is het boek Job. Maar zo zijn er vast meer, ook hedendaagse literaire teksten te vinden. Om deze voor patiënten toegankelijk te maken, is echter nog wel een inkortings/vertaalslag gewenst, waarbij de crux van het verhaal bewaard moet blijven.

Concreet zijn we nu op zoek naar een student die, bijv. als masterstage, een aantal ‘Jobiaanse’ literaire teksten weet te identificeren, die analyseert hoe contingentie in deze verhalen een rol speelt, de verhalen herschrijft op zo’n manier dat een patiënt ze in maximaal een minuut of twintig kan lezen en de haalbaarheid van het lezen van deze teksten vervolgens ook onderzoekt in de klinische praktijk.

Geïnteresseerden kunnen zich melden bij Lotte Jensen: l.jensen@let.ru.nl.

Citizen Science – Vertrokken Nederlands

Er wordt gezegd dat Nederlanders en Vlamingen in den vreemde snel hun moedertaal opgeven, maar hoe geëmigreerde Nederlandstaligen met hun taal en hun identiteit omgaan, is tot dusverre niet systematisch onderzocht. Hiervoor is een grootschalig onderzoek nodig. Eerder deze maand hadden o.a. Nicoline van der Sijs en Marc van Oostendorp een workshop georganiseerd waarin gediscussieerd werd over de mogelijkheden en beperkingen van Citizen Science, wetenschapsbeoefening waarbij ook niet-wetenschappers (‘burgers’) een actieve rol spelen – voor onderzoek op het gebied van Neerlandistiek. Tijdens de workshop werd duidelijk dat het zinvol is eerst een pilotonderzoek uit te voeren om te testen of het mogelijk is een dergelijk grootschalig onderzoek met burgerwetenschappers op te zetten en te bezien wat de optimale rolverdeling is tussen burgerwetenschappers en academische wetenschappers.

Als resultaat van de workshop is een website opgericht met als doel contact te leggen tussen geëmigreerde Nederlanders, Vlamingen en Friezen enerzijds en onderzoekers anderzijds om in kaart te brengen hoe de Nederlandse taal en cultuur in het buitenland bewaard blijven of veranderen. Iedereen is uitgenodigd observaties over geëmigreerd Nederlands in te sturen via deze website.

Meer weten over de uitkomsten van de Lorentzworkshop? Nicoline van der Sijs schreef erover voor Neerlandistiek.nl.

 

Neerlandistiek in Wrocław: dat smaakt naar meer!

Door Paul Hulsenboom

Een van de meest bloeiende studies Nederlands bevindt zich op een plek, waar je dat op het eerste gezicht misschien niet direct zou verwachten. In de Poolse stad Wrocław (spreek uit ‘Vrotswav’; in het Duits Breslau, in het Latijn Wratislavia) maakte ik afgelopen week kennis met een grote afdeling Poolse neerlandici en tal van studenten. Hoewel ik de stad met name bezocht om onderzoek te doen en bibliotheken af te speuren naar voor mij interessant materiaal, en hoewel Wrocław bovendien een erg fraaie stad is, waren het deze neerlandici en studenten die op mij de grootste indruk maakten.

De Universiteit van Wrocław heeft de grootste afdeling Neerlandistiek van Polen, waar je voor de studie van het Nederlands ook terechtkunt in bijvoorbeeld Poznań en Lublin. De studie heeft inmiddels een lange geschiedenis, met wortels in de jaren ’60 van de vorige eeuw, en kent tegenwoordig een forse afdeling experts op het gebied van de Nederlandse, Vlaamse en Zuid-Afrikaanse (vanaf nu voor het gemak samengevat als ‘Nederlandse’) taal, literatuur en cultuur. Dat de afdeling zo groot is, is mede te danken aan de populariteit van de studie: jaarlijks schrijven zich in Wrocław tientallen nieuwe studenten in, die zich vijf jaar lang toeleggen op het doorgronden van de Nederlandse grammatica, spraakkunst, geschiedenis en letterkunde. Tijdens mijn korte verblijf heb ik kennis mogen maken met het enthousiasme en niveau van deze Poolse neerlandici in spe.

Het hoofdgebouw van de Universiteit van Wrocław.

“Neerlandistiek in Wrocław: dat smaakt naar meer!” verder lezen

AWIA symposium 2018

  1. Op 4 en 5 oktober 2018 organiseert de Anéla Werkgroep Interactieanalyse (AWIA) haar 14e symposium. Dit keer is het symposium te gast bij de Radboud Universiteit. De buitenlandse gast die centraal staat tijdens de eerste dag van het symposium is Prof. Anssi Peräkylä (University of Helsinki), die heeft gekozen voor het volgende thema : ‘Psychotheraypy, psychiatry and emotions’ (voor een uitgebreide toelichting, klik hier). Hij zal twee lezingen geven passend bij het thema en een datasessie leiden. De tweede dag is gereserveerd voor onderzoekspresentaties.

 

“AWIA symposium 2018” verder lezen

Maak kennis met…Lilian Nijhuis

Mijn naam is Lilian Nijhuis (1995) en op 1 februari 2018 ben ik begonnen als promovendus bij de afdeling Nederlands. Mocht mijn naam u bekend voorkomen, dan komt dat waarschijnlijk doordat ik al sinds september 2013 op de afdeling rondliep als student. Na mijn bachelor Nederlandse Taal en Cultuur heb ik de researchmaster Literary Studies gedaan, eveneens hier aan de Radboud Universiteit – met kleine uitstapjes naar de Universiteit van Amsterdam en Universiteit Utrecht.

Ik doe onderzoek binnen het project ‘Dealing with Disasters’, dat de afgelopen weken – in de vorm van aankondigingen en voorstelstukjes van Marieke, Fons, Adriaan en Hanneke – al meermaals voorbijgekomen is op dit weblog. Mijn proefschrift zal gaan over het verband tussen (natuur)rampen en lokale en nationale identiteitsvorming in de zeventiende-eeuwse Republiek. Als enige neerlandicus naast drie historici zal ik mij in mijn promotieonderzoek in het bijzonder richten op letterkundige bronnen zoals gedichten en toneelstukken.

“Maak kennis met…Lilian Nijhuis” verder lezen

Een gastlezing in Leuven, oftewel: Het belang van het Oosten

Door Paul Hulsenboom

“Zoals altijd waren daar mensen die bijzonder bekwaam waren in alle wetenschapsgebieden. Er was daar een groot aantal professoren, bachelors, masters en doctoren, alsook studenten uit verschillende landen.”

Afgelopen week was ik in Leuven, om daar aan de universiteit een gastlezing te geven. Bovenstaand citaat gaat over die universiteit en zou zomaar uit mijn dagboek kunnen komen, als ik een dagboek had, want het is zeer toepasselijk. Toch is het geen recent citaat, eerder het tegenovergestelde: het zijn de woorden van Jakub Sobieski (spreek uit Jakoeb Sobjeskie), een Poolse edelman, die Leuven in 1609 bezocht en zijn bezoek zo’n 35 jaar later beschreef als reisinstructie voor zijn zonen, Marek en Jan (de latere koning van Polen, overigens), die eenzelfde tour door Europa ondernamen als hun vader. Jakubs reisverslag is een van de talrijke bronnen die getuigen van de populariteit van Leuven en andere ‘Nederlandse’ universiteiten, zoals Leiden en Groningen, onder Poolse edellieden in de eerste helft van de 17de eeuw.

Op uitnodiging van Prof. Kris Van Heuckelom, docent bij de opleiding Slavistiek en expert op het gebied van de Poolse taal en cultuur, reisde ook ik nu af naar Leuven (toegegeven, een dergelijke reis heeft in 2018 minder om het lijf dan in 1609, om maar te zwijgen van het feit dat ik niet uit Polen, maar uit Nederland kwam, maar de vergelijking met Sobieski dringt zich hoe dan ook op). In de Justus Lipsiuszaal (vernoemd naar de beroemde 16de-geleerde die onder meer vele Poolse studenten aantrok en bijzonder populair was in Polen) sprak ik een vijftiental studenten Slavistiek toe over mijn promotieonderzoek: om te beginnen een theoretisch en methodologisch gedeelte over wat ik doe, waarom ik dat doe en hoe ik dat doe, en na de pauze een presentatie van mijn voorlopige resultaten. Zo vertelde ik in het eerste gedeelte over het belang van onderzoek naar (nationale) stereotypen, het ontstaan van concepten als West- en Oost-Europa en de uitdagingen van mijn onderzoek, zoals het ontcijferen van 17de-eeuwse handschriften. Om de studenten van dit laatste een idee te geven, liet ik hen een Nederlands reisverslag uit 1635 bestuderen, geschreven naar aanleiding van een diplomatieke missie naar Polen. Hoewel het een behoorlijk lastig fragment betrof, konden de studenten er na een paar minuten al aardig mee uit de voeten: ze lazen bijvoorbeeld dat Joan Huydecoper, de auteur, onder de indruk was van de Poolse stad Toruń en dat hij een “japonse cottinch” had geschonken aan een Litouwse edelman, “om dat hij er sin in had”. Na bijna 400 jaar kwam Huydecopers tekst zodoende weer tot leven en konden de studenten proeven van wat mij betreft een van de spannendste en mooiste aspecten van mijn werk.

Mijn lezing had als hoofdtitel: “Quid enim in Belgio incultum?”, oftwel: “Wat is er immers onbeschaafd in België?” Het is een zinnetje uit een 17de-eeuws Latijns reisverslag van een Pool die de Nederlanden bezocht.

“Een gastlezing in Leuven, oftewel: Het belang van het Oosten” verder lezen

Congres over Maria van Gelre en haar gebedenboek – Call for papers

Het gebedenboek van Maria van Gelre (Berlijn SBB-PK Ms Germ qu 42 / Wenen ÖNB Cod. 1908), geschreven door Helmich die Lewe en in 1415 voltooid, en heel rijk verlucht, is om diverse redenen uitzonderlijk: de omvang van oorsponkelijk meer dan 600 folia, de rijke verluchting, de keuze voor de Nederrijnse volkstaal, en de bijzondere compilatie van gebeden en getijden. De afgelopen jaren heeft het boek centraal gestaan in een project waarin de Staatsbibliothek zu Berlin en de Radboud Universiteit hebben samengewerkt in het onderzoek, en dat geleid heeft tot een tentoonstelling die van 13 oktober 2018 – 6 januari 2019 plaatsvindt Museum Het Valkhof te Nijmegen. Het onderzoek heeft veel aan het licht gebracht over het omvangrijke en complexe gebedenboek, over het leven van Maria, hertogin van Gulik en Gelre, en over de cultuur in de hertogdommen Gelre, Gulik en Berg.

Ter gelegenheid van de tentoonstelling ‘Ik, Maria van Gelre. De hertogin en haar uitzonderlijke gebedenboek’ (13 oktober 2018 – 6 januari 2019 in Museum Het Valkhof, Nijmegen) organiseert de Radboud Universiteit in samenwerking met Museum Het Valkhof en de Staatsbibliotheek in Berlijn op 23 en 24 november 2018 een tweedaags symposium te Nijmegen.

“Congres over Maria van Gelre en haar gebedenboek – Call for papers” verder lezen

Eric Wiebes is nog lang geen Lodewijk Napoleon

Voor ‘Over de muur’ schreven wij (de promovendi van het rampenproject) een stukje over de aardbevingen in Groningen en de historische parallellen met natuurrampen aan het begin van de negentiende eeuw. Welke overeenkomsten en verschillen zijn er met de politieke inmenging toen en nu? En wat kunnen politici nog leren van het optreden van koning Lodewijk Napoleon?

Benieuwd naar de antwoorden? Lees dan alles hierover hier.

Fons Meijer, Lilian Nijhuis, Marieke van Egeraat en Adriaan Duiveman

Themamiddag ‘Lang leve de vaderlandse taal en cultuur!?’

Op vrijdag 20 april 2018 organiseert de Commissie voor Taal- en Letterkunde van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde een themamiddag in de Universiteitsbibliotheek Leiden (Vossiuszaal). De titel luidt: Lang leve de vaderlandse taal en cultuur!?

Welke rol hebben de geesteswetenschappen in de samenleving? De studie van de ‘moedertaal’, de ‘vaderlandse’ literatuur en de ‘nationale’ geschiedenis kreeg gestalte rond 1800. De neerlandistiek en de vaderlandse geschiedenis werd een prominente rol toebedacht in de natievorming. De geesteswetenschappen dienden zo eerst en vooral een groot maatschappelijk belang.

Welke belangen dienen de geesteswetenschappen vandaag de dag? Is er nog een brede maatschappelijke functie? Of is er vooral een academisch belang? Moet dat academisch belang “gevaloriseerd” worden en zo ja, hoe dan? Waartoe zijn de neerlandistiek en de vaderlandse geschiedenis (nog) op aard?

Onder leiding van dagvoorzitter Peter Altena zullen prominente geesteswetenschappers spreken en debatteren over dit thema: Gert-Jan Johannes, Odile Heynders, Roland de Bonth, Henk te Velde en Lotte Jensen.

De Commissie voor Taal- en Letterkunde nodigt iedereen van harte uit voor deze themamiddag.

Aansluitend wordt het eerste exemplaar van de bundel Language, Literature and the Construction of a Dutch National Identity (1780-1830), die bij AUP verschijnt, aangeboden aan Joep Leerssen.

Programma

13.30 Opening
15.00 Koffie/thee
16.30 Boekpresentatie
Aansluitend borrel

Opgeven

A.u.b. voor 10 april 2018 bij Gijsbert Rutten (g.j.rutten@hum.leidenuniv.nl)