Blije kletskopjes

Door Gaby Verhoeven

Zaterdag 27 oktober was het tijd voor de tweede editie van het Kletskoppen Kindertaalfestival in bibliotheek De Mariënburg, waar ik heb geholpen als vrijwilliger. Dit taalfestival werd georganiseerd door de Radboud Universiteit en het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek (MPI). En zoals de naam al doet vermoeden, draaide alles op deze dag om taal. Door middel van verschillende activiteiten, zoals een snelcursus Zweeds of Spaans, meertalige voorleessessies, taalonderzoekjes en een Nijntje-voorstelling, konden de 350 tot 380 (!) aanwezige kinderen stickers verzamelen. Als hun stickerkaart vol was, konden ze een cadeautje en een certificaat ophalen, dat ondertekend werd door “echte” taalwetenschappers.

Het was erg leuk om te zien hoe enthousiast kinderen, maar ook hun ouders, bezig waren met de verschillende activiteiten. Ik heb meerdere malen gehoord dat kinderen nog niet naar huis wilden, omdat ze nog één taalonderzoekje moesten doen of dat ze toch écht nog even wat Japanse woordjes wilden leren. Ook ouders werden door deze dag gestimuleerd om na te denken over het belang van taal voor de ontwikkeling van hun kinderen. Terwijl hun kinderen bezig waren met taalonderzoekjes, stelden zij leergierig vragen aan studenten en medewerkers van de RU en het MPI over van alles en nog wat. Ze reageerden vaak ook enthousiast als ik ze de vraag stelde of ze zich in wilden schrijven voor de database voor het Baby & Child Research Center en het 2in1 project van de RU. Dit houdt in dat zij benaderd kunnen worden om deel te nemen aan onderzoek naar bijvoorbeeld tweetaligheid bij kinderen of om vroege taalontwikkeling bij jonge kinderen.

Kortom: het was een hele leuke dag waarop de kinderen en hun ouders gezien hebben hoe interessant taalonderzoek is én waarmee mogelijke participanten gevonden zijn voor toekomstige onderzoeken. Kijk vooral ook eens op de Facebook-pagina voor een wat uitgebreider overzicht van wat er allemaal gedaan is én geef je vooral ook op als vrijwilliger voor de derde editie van volgend jaar! Ik heb namelijk een voldaan gevoel overgehouden aan een dag vol met blije kletskopjes!

Paula Fikkert over een nieuw ‘taalspeelhuis’

Een speciaal ‘taalspeelhuis’ om kinderen van 2 tot 6 jaar Nederlands te leren, opent op 9 november in Nijmegen op basisschool de Bloemberg. Het zogeheten Noplica-taalspeelhuisje is onder meer zeer geschikt om kinderen van nieuwkomers en peuters met een taalachterstand Nederlands te leren. Het is gebaseerd op recent onderzoek naar taalverwerving en wordt ook zelf weer gebruikt voor onderzoek naar het leren van taal. Onze hoogleraar Paula Fikkert is als onderzoeker nauw betrokken bij het project en vertelt er over op de site van de Radboud Universiteit.

Johan Oosterman in EenVandaag

Afgelopen zaterdag opende de langverwachte tentoonstelling Ik, Maria van Gelre in Museum Het Valkhof, waarvan onze hoogleraar Johan Oosterman de conservator is.

Afgelopen maandag besteedde EenVandaag aandacht aan deze tentoonstelling. Kijk hier het item terug:

https://eenvandaag.avrotros.nl/item/hoe-middeleeuwse-maxima-een-regionaal-museum-moet-redden/

Vrijwilligers gezocht voor kindertaalfestival

Oproep aan studenten (van de organisatie van het Kletskoppen kindertaalfestival):

Op zaterdag 27 oktober 2018 vindt de tweede editie van het Kletskoppen kindertaalfestival plaats, in de stadsbibliotheek van Nijmegen.

Dit festival heeft tot doel om kinderen, (groot)ouders en andere geïnteresseerden op een toegankelijke en plezierige manier te leren, informeren en amuseren rondom taal. Voor ons als wetenschappers een uitgelezen kans om ‘het publiek’ een kijkje in onze (taal)keuken te geven. Afgelopen jaar was een razend succes met 800 bezoekers waaronder 300 kinderen.

Een groot deel van dit succes was te danken aan de vele vrijwilligers die ons toen hebben geholpen, in de weken en dagen voor het festival, maar vooral op de grote dag zelf. Ook dit jaar kunnen wij heel wat helpende handen gebruiken, bijvoorbeeld bij het in gereedheid brengen van de bibliotheek, contact leggen met kinderen en hun ouders, hen de weg wijzen en uitleg geven over het programma of meehelpen bij bepaalde activiteiten, waaronder knutselen. Dit is ook een uitstekende kans om te zien hoe al die wetenschappelijke inzichten waar je op de collegebanken over leert vertaald kunnen worden naar “the real world”!

Ben jij beschikbaar op 27 oktober en vind je het leuk om (een deel van) die dag je handen uit de mouwen te steken tijdens ons Kletskoppen kindertaalfestival? Meld je dan gauw aan als Kletskoppen-vrijwilliger via: kletskoppen.festival@gmail.com. Uiteraard volgt er meer informatie (via mail en/of een bijeenkomst in oktober), zodra je je hebt aangemeld.

Graag tot ziens!

Marten van der Meulen publiceert ‘vloekboek’

Promovendus aan de afdeling Nederlandse Taal en Cultuur Marten van der Meulen heeft een boek geschreven over vloeken.

Uit het persbericht van de uitgever:

Wat roep je als je erin trapt? Shit! En welke halvegare loopt er de kantjes vanaf? Dat moet wel een randdebiel zijn. Scheldwoorden en vloeken als deze zijn een onderdeel van ons dagelijks leven. Dat kun je leuk vinden, of je kunt erom huilen. Maar waar je niet omheen kunt, is dat scheldwoorden en vloeken verdomd interessant zijn, én fucking beeldend.

In Het Groot Nederlands Vloekboek presenteren we vloeken en scheldwoorden in al hun woordelijke glorie. Allerlei aspecten van die fascinerende taalelementen komen aan bod: de geschiedenis en psychologie van het vloeken, wanneer je vloekt en scheldt en waarom, en vooral alle taalvernuft dat erachter schuilgaat.

Het Groot Nederlands Vloekboek behandelt tientallen soorten vloeken, scheldwoorden en verwensingen, in vunzige illustraties en een veelvoud aan fijnzinnige weetjes en smerige citaten.

Lezers krijgen potverdikke veel inzicht in de herkomst van bestaande scheldwoorden, én ze krijgen handige tips om vaardigere te vloeken, zowel in het Nederlands als in andere talen. Zo leren zelfs klojo’s met dit boek slimmer schelden.

Naast Het Groot Nederlands Vloekboek verschijnt tegelijkertijd ook Het Groot Vlaams Vloekboek met scheldwoorden als kloefkakker, tsjiepmuile & zurkeltrutte (ISBN 9789401453424).

Wist je dat:

  • er een serie vloeken tot Werelderfgoed uitgeroepen is?
  • sletten van oorsprong ‘vodden’ zijn en krengen ‘rottende kadavers’?
  • godverdommemiljaardenondedju een stapelvloek is en potvolkoffie een bastaardvloek?
  • Nederlanders als (bijna) enigen schelden met ziektes? (Niet dan, tyfuslijer?)
  • het record vloekwoorden in één rapnummer op 188 staat?
  • er in ons zonnestelsel een planetoïde 9001 Slettebak rondzweeft?

Over de auteurs

Marten van der Meulen (NL) promoveert aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Daar onderzoekt hij de relatie tussen taaladvies en taalwerkelijkheid. Daarnaast schrijft, blogt en praat hij over taal.

Fieke Van der Gucht (BE) behaalde een doctoraat in de Algemene Taalwetenschap en werkt parttime bij Taalonthaal, het academisch schrijfcentrum van de UGent. De rest van de tijd corrigeert, redigeert en schrijft ze teksten als De Kommaneuker.

Presentatie biografie Jan Walravens (door Jos Joosten)

Op donderdag 6 september a.s. wordt in boekhandel Roelants te Nijmegen De verdeelde mens: Jan Walravens (1920-1965), schrijver, ijkpunt, avantgardist gepresenteerd: de langverwachte biografie van de Vlaamse avantgardist Jan Walravens, geschreven door hoogleraar Nederlandse letterkunde Jos Joosten.

Walravens was een centrale figuur in het naoorlogse Vlaamse cultuurleven.  Hugo Claus dacht ‘bij elk boek, bij elke dichtbundel of toneelstuk, eerst en vooral aan wat Jan ervan zou denken’. Louis-Paul Boon had, als hij schreef, vaak in zijn hoofd: ‘Dit zal Jan mooi vinden! Dit zal hij graag lezen.’

Tussen 1944 en 1965 was Brusselaar Jan Walravens (1920-1965) het absolute ijkpunt in de Vlaamse avant-garde. Hij introduceerde het existentialisme en was de eerste die in het Nederlandse taalgebied sprak over experimentele poëzie. Met zijn tijdschrift Tijd en Mens bracht hij Vlaamse en Nederlandse Vijftigers en Cobra-schilders bijeen. In de laatste jaren van zijn korte leven was hij een van de culturele-televisiepioniers en verzorgde hij, onder andere, het televisiedebuut van W.F.Hermans. Bovendien schreef hij twee ophefmakende romans en een aantal ontroerende novellen.

De verdeelde mens is gebaseerd op talloze niet eerder gepubliceerde documenten, zoals Walravens’ dagboeken, de brieven aan zijn verloofde en zijn correspondentie met Hugo Claus. Het geeft inkijkjes in het (nog verrassend cultureel actieve) Berlijn anno 1943, de Brusselse kunstwereld na de oorlog, en de doorbraak van de avantgarde in literatuur, schilderkunst en theater in de jaren vijftig.

Bij de presentatie zal een onbekend beeldfragment getoond worden van Hugo Claus’ voordracht van zijn in-memoriamgedicht voor Jan Walravens. Dr. Jan de Roder zal het boek met een speech ten doop houden. De muzikale omlijsting wordt verzorgd door het Ibert Trio.

Plaats: Boekhandel Roelants (Van Broekhuysenstraat 34, Nijmegen)
Tijd: donderdag 6 september, 18:00 uur

Alumna Linda Drijvers dit weekend op Lowlands

Komend weekend is het weer tijd voor Lowlands, met zoals gewoonlijk ook veel aandacht voor wetenschap. In dat kader zal ook alumna van onze opleiding Linda Drijvers daar aanwezig zijn. Zij werkt momenteel als onderzoeker voor het Max Planck Institute for Psycholinguistics.

Uit een eerder nieuwsbericht van de RU-website:

Praten in 3D

Als je op een lawaaiig festival je boodschap wil overbrengen ga je waarschijnlijk schreeuwen of je gebruikt handgebaren. Maar is dit de beste manier om je boodschap over te brengen? Welke kenmerken van je bewegingen dragen het meest bij aan taalbegrip? En maakt het uit of je gesprekspartner naar je ogen, handen of mond kijkt? Onderzoekers van de Radboud Universiteit en het Max Planck Institute for Psycholinguistics in Nijmegen willen dit testen door communicatie in 3D te brengen. Door gebruik te maken van Microsoft Kinect en eye tracking brillen worden spraak en gezichts-, oog- en lichaamsbewegingen gevolgd terwijl je met iemand praat.

Onderzoeker Linda Drijvers kijkt er naar uit:  ‘Wat onderzoek op Lowlands zo interessant maakt, is de diversiteit van de deelnemers. Van jong tot oud, van Nederlanders tot internationale bezoekers. En het zijn natuurlijk festivalbezoekers. Zij zijn gewend om te doen wat wij onderzoeken: hoe communiceer je in lawaai?’

Onderzoekers James Trujillo (midden) observeert twee mensen die in 3D communiceren.

Op bezoek in Antwerpen: een dagje rampenonderzoek

Door Marieke van Egeraat

Het project Dealing with Disasters is ondertussen in volle gang. Dat betekent ook dat het team uitstapjes maakt om andere onderzoeksgroepen te leren kennen en kennis uit te wisselen. Op maandag 4 juni reisden wij daarom af naar Antwerpen om daar professor Tim Soens en zijn team te ontmoeten.

Na een lange treinreis (NS stuurden ons met de sprinter van Nijmegen naar Breda) kwamen wij aan in een zonovergoten Antwerpen. Lotte manoeuvreerde ons vervolgens behendig langs alle bouwputten, verkeersinfarcten en toeristenspots, zodat wij zonder kleerscheuren al snel aankwamen in het gebouw van de Faculteit Letteren. Daar werden wij gastvrij onthaald door Tim Soens. Koud water, koffie, thee en zelfs druiven en Belgische chocola stonden daar op ons te wachten en daar maakten wij dan ook gretig gebruik van. Zo konden wij even op adem komen, voordat een volle middag begon vol presentaties en discussies rondom zeer diverse natuurrampen, van trage rampen als zandverstuivingen tot de plotse explosie van de Delftse donderslag.

We begonnen de lezingen met twee introducties van zowel Lotte als Tim over de verschillende projecten. Lotte vertelde over haar Vici-onderzoek en sloot af met een kleine culturele casestudy naar natuurrampen in liedjes. Tims project daarentegen richt zich meer op sociaaleconomische aspecten van natuurrampen. In zijn introductie wijdde hij uit over de verschillende aanpakken die gehanteerd kunnen worden bij dit onderzoek: moeten we kijken naar resilience of naar vulnerability?

Na deze meer theoretische inleiding was het alweer tijd voor de broodjeslunch. Onze onderzoeksgroep heeft zich hardop afgevraagd waarom eigenlijk die specificatie nodig is. “Op bezoek in Antwerpen: een dagje rampenonderzoek” verder lezen

Niet grammaticaal, maar toch correct?

Naast optische en auditieve illusies heb je ook grammaticale illusies. Een zin lijkt dan correct, terwijl hij dat niet is. Of je vatbaar bent voor zo’n illusie hangt af van de taal waarin de zin wordt aangeboden, zo blijkt uit onderzoek van Stefan Frank en studente Patty Ernst (lees het wetenschappelijke artikel hier). Een interview over dit onderzoek verscheen 1 juni jl. in een artikel hier op Nemo Kennislink.