De week van… Klaar Vernaillen

klaarKlaar Vernaillen is studieadviseur bij de afdelingen Nederlandse Taal en Cultuur en Duitse Taal en Cultuur. Hieronder schrijft ze in haar ‘De week van…’ over een bijzondere werkweek, waarin ze weinig op haar gebruikelijke stek in Nijmegen zit…

 

 

Zaterdag
Hoewel ik stiekem zin heb om uit te slapen ben ik toch op tijd op om met intervalmaatje Walter wat rondjes op de atletiekbaan te rennen. Ik vertrek bij een mooi zonnetje, maar moet aangekomen bij de baan rennen voor een onweersbui. Samen met wat andere lopers staan we te wachten tot de bui overgewaaid is, maar besluiten uiteindelijk toch door de gietende regen en striemende wind onze intervaltraining af te werken. Het is pittig, we hebben amper 3200 meter gelopen  maar hebben toch een voldaan gevoel.
Verder staat de dag in het teken van opruimen, schoonmaken en inpakken. De spullen van de studiedag worden uitgepakt en maken plaats voor vliegtickets, een parkeerreservering en reserveringsbevestiging van een appartementje in Ljubljana, Slovenië.
Ik wil op tijd naar bed, zodat ik om 2.00 uur fris en fruitig op kan staan, om 3.00 de auto kan nemen om ruim op tijd op Schiphol te zijn. Een paar uur slaap zou mooi zijn. Bij het boeken van mijn vlucht heb ik helaas niet naar de festivalagenda van Nijmegen gekeken. Dom! Op hemelsbreed 1 kilometer van huis is Emporium in volle gang en ik krijg echt alle beats mee.

 

Zondag
Net zondag. Alles bij elkaar heb ik misschien toch 2 uurtjes slaap gehad. Met hele kleine oogjes op weg naar Schiphol en Ljubljana. De reis verloopt heel vlot, mijn shuttlebusje staat bij de luchthaven netjes te wachten en brengt me met een praatgrage Sloveen naar mijn appartement. Holiday? Nee, werk. Morgen dan. Aangekomen in mijn appartementje vraagt ook daar de beheerder weer of ik op vakantie ben. Nee, ik ben hier om twee studenten te bezoeken die stagelopen bij de afdeling Germanistiek. Of hij misschien weet of die in de buurt is. Lachend neemt hij me mee naar de voordeur, wijst op een lelijk gebouw, 30 meter verderop. Van mijn appartementje is het net 2 minuten lopen naar de universiteit.

IMG_1501
Inchecken en dan snel de stad in. Vera van der Spoel en Willemijn Krabbenborg zullen me een rondleiding geven. Amper op pad bel ik vriendlief: Ik ben verliefd. Deze stad is echt super. Het maakt me extra benieuwd naar de rondleiding van Vera en Willemijn, en vooral naar hun ervaringen hier als Erasmusstudent. Vera en Willemijn stralen wanneer ik hen zie. Zij zijn hier helemaal thuis en vertellen honderduit over alles wat ze gedaan en gezien hebben. De dames hebben niet stil gezeten, maar ik had ook niet anders van hen verwacht. Weekendjes naar andere landen, mooie steden of avontuurlijke tochten. En natuurlijk ook Nederlands geven aan Slovenen.

IMG_1401We houden even halt bij een plek in Ljubljana waar ik iets ‘verstop’ voor oud-student Wout Waanders. Hij komt over een paar dagen en heeft me tijdens RadboudRocks gevraagd ergens in de stad iets voor hem achter te laten.

Na de rondleiding loop ik nog even zelf de stad in en beklim de heuvel om het kasteel te bekijken en eet een pasta aan de rivier voor ik naar mijn appartementje ga.

 

Maandag
Ik ben best vroeg op en heb pas om 11.00 mijn eerste afspraak op de universiteit. Met een kopje thee check ik mijn mail, beantwoord verschillende berichtjes en ga dan in de stad op zoek naar een ontbijtje.
Om 11.00 uur tref ik Anita, de stagebegeleidster van Vera en Willemijn. Anita runt in haar eentje de afdeling Nederlands en is dolblij met twee ondernemende types. Ze vertelt over al het werk dat Vera en Willemijn doen, en welke lessen ze geven. Verder praten we over teruglopende studentenaantallen voor talenopleidingen (ook in Slovenië) en hoe daarmee omgegaan wordt. Anita is verbaasd wanneer ik het hele voorlichtingstraject uitstippel dat scholieren kunnen doorlopen, dat ik ’s avonds op pad ga om op scholen te vertellen over de studie Nederlands en dat wij verschillende activiteiten organiseren.
Verder staat vandaag nog een gesprek met eerstejaars en derdejaars Nederlands op het programma. Ik ben heel benieuwd naar hun ervaringen. Zij zijn vol lof. Vinden het geweldig dat zij colleges krijgen van moedertaalsprekers die hun niet alleen het academische Nederlands leren, maar ook het Nederlands van jongeren. Dat Vera en Willemijn een picknick voor de afdeling georganiseerd hadden, vonden zij heel bijzonder. Activiteiten met de afdeling werden nooit gedaan. Het doet mij weer realiseren hoe bijzonder onze afdeling Nederlands is.
De rest van de dag besteed ik aan mailtjes beantwoorden, schema’s maken voor RadboudSports, lezen en slenteren door de stad. ’s Avonds eet ik bij een Italiaan die Vera en Willemijn geadviseerd hebben.

“De week van… Klaar Vernaillen” verder lezen

De week van… Nicoline van der Sijs

Nicoline van der Sijs is hoogleraar Historische taalkunde van het Nederlands in de digitale wereld bij de afdeling Nederlands. Daarnaast is zij onderzoeker bij het Meertens Instituut.

maandag 30 maart

Kwart voor zes op met een vol programma voor het boeg. De hele winter heb ik de griep buiten de deur weten te houden, maar nota bene vlak voor het ingaan van de zomertijd heeft hij me toch te pakken gekregen. Maar ik heb geen tijd of zin voor hem.Nicoline_van_der_Sijs

Eerst het rituele voederen van de katten. De invoerders van de zomertijd hebben duidelijk geen huisdieren of kleine kinderen, want het wordt weer dagenlang geruzie over het tijdstip (ik, met schrille stem: “nee, het is écht nog geen etenstijd….” “Mauw, mauw, mauw, mauw” ad infinitum of tot het voerderbakje is gevuld).

Dan koffie en de e-mail: ik begin met de wekelijkse TAALsTAAL-column van een naar Nieuw-Zeeland geëmigreerde Nederlander, en kijk vooral naar de jaloers makende bijgevoegde foto van een zonovergoten Nieuw-Zeelands landschap; dáár had de zon zich de laatste dagen dus verstopt… Een mailtje van een jonge Duitse onderzoeker die eind april een paar dagen in de Meertens bibliotheek wil werken. Een paar vragen naar de herkomst van Nederlandse woorden, via de Etymologiebank (“Welk beroep voerde een solliciteur in de 16e eeuw uit?” “Is er een verband met Somalië en Grieks soma ‘lichaam’ of Latijn soma ‘slaap’?” “Wat betekent een roomse reis?” “Wat is de herkomst van congenialiteit?”)

Na het ontbijt echt aan de slag. Vandaag een thuiswerkdag. Het is een drukke en gevarieerde dag: “De week van… Nicoline van der Sijs” verder lezen

De week van… Lieke Verheijen

Lieke verheijenLieke Verheijen is promovenda bij taalbeheersing. In haar promotieproject onderzoekt ze de taal die Nederlandse jongeren gebruiken wanneer ze via nieuwe media communiceren (de ‘digi-taal’) en hoe deze hun geletterdheid beïnvloedt. Hier doet Lieke verslag van de eerste week van maart, waarin de Anéla/VIOT Juniorendag 2015 plaatsvond, een symposium over taalgebruik wat zij mede organiseerde.

 

Maandag 2 maart

Na een gezellig weekend met vriendlief, met onder andere een ontspannen avondje in de thermen van Sanadome, een marathonsessie van de spannende misdaadserie Gotham en een thuisbezorgde pizza waarop we dik twee uur in spanning moesten wachten, word ik maandagochtend om half acht gewekt door een luid gepiep. Het onmiskenbare signaal dat de werkweek weer gaat beginnen! Na een uurtje ben ik klaar om richting uni te gaan. Een kort ritje, want ik woon slechts een kwartier fietsen van het Erasmusgebouw af. Inmiddels is het alweer een half jaar geleden dat ik mijn appartement bij het Goffertpark heb gekocht en het wonen daar bevalt me goed.

Om kwart voor negen arriveer ik op kantoor. Vandaag begint het werk met het beantwoorden van een berg e-mails, die ik in het weekend met goed gevolg grotendeels heb weten te negeren. De meeste e-mails betreffen organisatorische zaken voor de Anéla/VIOT Juniorendag. Dit is een jaarlijks symposium van Anéla (de Nederlandse Vereniging voor Toegepaste Taalwetenschap) en VIOT (Vereniging voor Interuniversitair Overleg Taalbeheersing) waar studenten, net afgestudeerden en promovendi hun onderzoek op het gebied van toegepaste taalkunde presenteren. Elk jaar vindt het op een andere universiteit plaats; dit jaar in Nijmegen en ik zit in de lokale organisatie. Het blijkt nog een hele klus, zo’n symposium organiseren, waarvan overleg met medeorganisatoren via de e-mail een cruciaal onderdeel is.

WhatsappAndere e-mails betreffen een website die in de maak is voor mijn onderzoeksproject, voor het verzamelen van WhatsApp-berichten. De site wordt gemaakt door een student-assistente, onder supervisie van taaltechnoloog Wessel Stoop. De whatsappjes die ik ga verzamelen, zullen een hoognodige aanvulling zijn op de nieuwe media-teksten die ik al geanalyseerd heb, namelijk sms’jes, chats en tweets. Deze kon ik selecteren uit het bestaande SoNaR-corpus – een grote verzameling aan Nederlandse geschreven teksten die beschikbaar zijn voor onderzoek. Ik onderzoek nieuwe media-teksten van Nederlandse jongeren van 12 tot en met 23 jaar oud. Nu maar hopen dat genoeg jongeren bereid zullen zijn om hun whatsappjes aan mijn onderzoeksproject te doneren. Misschien kan het verloten van prijzen onder de mensen die een bijdrage leveren hier nog bij helpen…

Dan stuur ik enkele e-mails voor de volgende fase van mijn onderzoek. In deze fase ga ik onderzoeken of er verbanden bestaan tussen aan de ene kant, de mate waarin of de manier waarop jongeren communiceren via nieuwe media en aan de andere kant, hun geletterdheid, gemeten aan de hand van de schrijfkwaliteit van hun schoolteksten. Daarvoor zal ik een grote groep participanten nodig hebben, van vmbo’ers en mbo’ers tot vwo’ers en universitaire studenten. En het werven van zulke participanten vereist het leggen van contacten bij scholen. Netwerken dus. Daar zal ik de komende maanden nog druk mee zijn.

Blij dat ik het e-mailbombardement overleefd heb, ga ik naar de Copyshop, waar ik een nieuwe voorbeeldafdruk van het programmaboekje voor de Juniorendag kan inzien. Het ziet er goed uit, alles is dit keer naar wens (wat vrijdag nog niet het geval was, toen ik de eerste voorbeeldafdruk mocht bekijken), dus de andere 54 exemplaren kunnen worden geprint, één voor elke deelnemer aan het symposium.

“De week van… Lieke Verheijen” verder lezen

De week van… Tineke Snijders

Tineke Snijders is onderzoeker bij de First Language Acquisition groep. Ze doet onderzoek naar ritmegevoel en taalontwikkeling bij baby’s.

 

Maandag 23 februaritinekesnijders_apr2012

Met moeite krijg ik de kinderen uit bed, de carnavalsvakantie is voorbij! Vandaag werk ik op het Donders, met eerst een afspraak met Ferdy. Hij heeft afgelopen jaar stage gelopen bij Helen de Hoop en mij, en een fMRI onderzoek gedaan naar de verwerking van grammaticale normschendingen (“hun hebben…”). Hij heeft het erg goed gedaan en we hebben leuke resultaten, dus die gaan we verwerken tot een artikel. We bespreken de laatste analyse die Ferdy daarvoor gaat doen. “De week van… Tineke Snijders” verder lezen

De week van… Alan Moss

Alan Moss is als promovendus verbonden aan het Vidi-project ‘Proud to be Dutch’. Zijn  proefschrift gaat over identiteitsvorming in Nederlandse Grand Tourverslagen uit de zeventiende eeuw. In ‘De week van…’ schrijft hij onder andere over de voorbereidingen voor het congres ‘The Roots of Nationalism’ dat vorige week plaatsvond aan de Radboud Universiteit.

 

Maandag 19 januariAlan Moss

Bedekt met een dun laagje sneeuw stap ik om stipt half negen uit de lift. De vetplant op mijn bureau heeft tijdens de kerstvakantie het loodje gelegd. Ik begin de dag met de constatering dat mijn verwoede bijwater- en reanimeerpogingen van de afgelopen week niets hebben opgeleverd en dat ik de hele plant, op een miezerig levensvatbaar sprietje na, in de prullenbak moet gooien. Groene vingers.

Tot een uur of tien beantwoord ik een paar e-mails die tijdens het weekend zijn binnengedruppeld en voltooi ik wat kleine taken. Ik stuur onder andere een bericht over de promovendiwerkgroep Oud Schrift, die ik samen met Sophie Reinders organiseer. “De week van… Alan Moss” verder lezen

De week van… Antje Stöhr

Antje Stöhr is a PhD student in First Language Acquisition. From September 2014 to May 2015, she is visiting the Center for Language Science at the Pennsylvania State University. She is writing about the third week of January. StatueOfLiberty

My first weekend in State College after the Christmas break started with a basketball game. The Friday before, the secretary of our department (which by the way is also called the CLS – with the only difference that here the “S” stands for “Science”) came by my office to give me two free tickets. It was a women’s basketball game between Penn State and Rutgers University to which I went with my roommate, who is a PhD student in German Literature. Despite the cozy outside temperature of -18°C, we decided to walk to the stadium, which is around 40 minutes away from our house. So far, I have never experienced temperatures this cold, but I must say that my Canadian winter clothes really help a lot. I came to realize that you don’t need to eat ice cream to get a “brain freeze”. Walking outside in central Pennsylvania in winter can have to the same effect! We watched the 2-hour game and saw our Penn State Lady Lions[1] lose against Rutgers. During the halftime break, former Penn State basketball players who have played for Penn State as far back as the 1960s were honored in a ceremony. Although I was not familiar with the rules of basketball, the game was a lot more intuitive than the football game I watched shortly after I arrived at Penn State. “De week van… Antje Stöhr” verder lezen

De week van… Guusje Jol

Guusje Jol is promovenda bij taalbeheersing. Zij doet verslag van de week van 15-19 december.

guusje

Maandag

Het is duidelijk bijna kerstvakantie. Het is lekker rustig in de trein, zelfs vanaf Ede-Wageningen. Dus ik kan wat email checken en alvast werken. Na aankomst op de RU red ik eerst de waterkoker in het keukentje uit een plas water. Vervolgens neem ik m’n presentatie voor de conferentie Language in Mind and Society nog eens door. Ik kom nog een fout tegen in de powerpoint, dus het was niet voor niets.

Rond een uur of 9.00 komt collega Jeroen binnen met een lijstje onderwerpen voor het weblog. Aangezien ik deze week veel weg ben, zet ik op mijn to do-lijstje dat ik het nieuwste lid van de weblogcommissie uitleg moet geven over hoe berichten op het weblog te zetten.

Om een uur of 10 begint de conferentie Language in Mind and Society, dus ik loop over de druilerige campus naar het mooie nieuwe Grotiusgebouw. Er is een workshop getiteld ‘Language and Law’ met deelnemers en sprekers van Filosofie, Rechten en Letteren. Leuk om met anderen te praten over de verhouding tussen taal en recht! Ik heb het – uiteraard – over m’n promotieonderzoek naar getuigenverhoren met kinderen en leg vooral de conversatieanalytische benadering uit en wat daar nuttig aan is.

Rond een uur of half vijf zijn we klaar. Eerst geef ik mijn collega uitleg over het weblog en dan moet ik nog een stukje inleveren voor de cursus ‘Academic Writing’. Je hebt soms van die stukken tekst die niet geschreven willen worden en dit is er duidelijk één van, maar uiteindelijk pers ik er toch iets uit. Ik ben (ruimschoots) te laat om het via Blackboard in te leveren. Daarom een mailtje gestuurd aan de docente met het verzoek of ze er alsjeblieft toch nog naar wil kijken. “De week van… Guusje Jol” verder lezen

De week van… Laura Schoots

Laura Schoots is derdejaars studente Nederlandse Taal en Cultuur en secretaris van de Studievereniging voor Neerlandici (SVN).

lauras

Maandag 1 december

Wat begon als een grapje, werd al gauw een serieuze taak. Er werd mij verteld dat wie A zegt, ook B moet zeggen. Zélfs bij grapjes. Vandaar dat ik nu dus met een kop thee en wat overgebleven pepernoten de afgelopen week opnieuw aan het doornemen ben.

De maandagochtend begon vroeg, érg vroeg. Voor een onderzoek van studiegenoten Emma en Jochem moest ik tienduizend woorden beoordelen op onder andere concreetheid en begrijpelijkheid. Als je het snel zegt, lijkt het niet heel veel voor te stellen, maar geloof me: tienduizend woorden beoordelen kost best veel tijd. Het wil nog wel eens voorkomen dat ik dingen op het laatste moment doe en dat zijn dan vaak juist de dingen die ik veel eerder had moeten doen. Zo kon ik me afgelopen maandagochtend voor m’n kop slaan omdat ik het laatste gedeelte van het onderzoek niet wat eerder had afgerond. Maar goed, eigen schuld… en zo erg was het nou ook weer niet. Ik ben benieuwd naar de resultaten!

Nadat ik klaar was, ben ik snel naar de universiteit gefietst (zonder handschoenen: koud!) om aan te schuiven bij het college Kunstkritiek. Dit vak is onderdeel van de minor Journalistiek die ik met plezier volg. Een aanrader!

Na een zeer kort college Van Klank Tot Woord vervolgde ik mijn weg naar de supermarkt waar ik met wat studiegenoten had afgesproken om boodschappen te doen.  Er ging werkelijk een wereld voor me open… Voor het eerst hield ik een zelfscanner vast! Na dit wonderlijke avontuur gingen we door de winterse kou (“Ik moet echt handschoenen kopen”) naar Koos zijn kamer waar we een heerlijk maaltje kookten en daarna oefenden voor ons kerstfeestoptreden. Ik denk dat we gaan knallen donderdag! “De week van… Laura Schoots” verder lezen

De week van… Lieke van Deinsen

Lieke van Deinsen is promovenda historische letterkunde. Zij doet verslag van de week van 10-16 november.

liekevd

Maandag

Spierpijn. Spier-pijn. SPIER-PIJN. Met moeite stap ik met mijn goede been het bed uit. Mijn telefoon leert me dat mijn stiefbroertje, die als student Arabisch en Russisch volop geniet van het Amsterdamse studentenleven,  weer weinig slaap heeft gekregen: om 3.23 vond hij nog de energie om mij met een ridicuul plaatje een ‘Fyne maandag’ te wensen. Enfin, het helpt mij nu om aan de werkweek te beginnen. Het eerste uur van de dag voltrekt zich zoals gewoonlijk op de automatische piloot: wassen, aankleden, opmaken. Dit alles onder het vermakelijk miauwen van onze twee katten. Met het gebruikelijke ontbijtje en een kop thee beantwoord ik mijn mail, zodat ik zodra ik de krochten van het Erasmusgebouw kom binnenfietsen ook daadwerkelijk kan beginnen met schrijven aan mijn proefschrift, dat gaat over culturele traditievorming in de eerste helft van de achttiende eeuw. Zo gezegd, zo gedaan.

Als mijn kamergenootje Jeroen Dera niet veel later binnenstapt, informeren we naar elkaars weekend en komen tot de onvermijdelijke conclusie dat we oud aan het worden zijn: Jeroen heeft vrijwillig gewandeld in Friesland en ik ben uitgelaten in de Nijmeegse bossen. Wie had dat tien jaar geleden, toen wij elkaar leerden kennen, kunnen denken? Om negen uur open ik Blackboard in de hoop de opdrachten te zien voor het gastcollege ‘Canonvorming rond 1700’ dat ik vanmiddag bij de minor Vroegmoderne Letterkunde zal geven. De oogst valt tegen: een verkoudheidsgolf en persoonlijke omstandigheden hebben de toch al aanzienlijke groep van vier studenten gereduceerd tot één. Ik ben – met andere woorden – snel klaar. Nina Geerdink, de docent van de cursus, en ik besluiten om het over twee weken nogmaals te proberen. Door het wegvallen van het college verandert mijn dagindeling aanzienlijk; tot twaalf uur kan ik opeens ongestoord doortypen aan de paragraaf die voor deze week op de planning staat. “De week van… Lieke van Deinsen” verder lezen

De week van… Emma Oude Kempers

Emma Oude Kempers is eerstejaars Nederlandse taal en cultuur.

emma ok

Maandag

Terwijl ik dit schrijf, probeer ik tevergeefs een goede houding te vinden voor mijn benen. Gisteren vond de jaarlijkse Zevenheuvelenloop van Nijmegen plaats. Dat betekent dat je vijftien kilometer – in mijn geval anderhalf uur – moet rennen in de regen en dan ook nog over zeven heuvels. Tja. De spierpijn die ik daaraan heb overgehouden maakte dat ik me vanochtend uit bed moest slepen om een nieuwe week te beginnen.

Het hoorcollege literatuurgeschiedenis is altijd een knallend begin van de week: het is nog niet voorgekomen dat mijn aantekeningen van het college uit minder dan tweeduizend woorden bestonden. Vandaag ging het over de Renaissance en de Gouden eeuw. Het verbaast me elke keer weer dat ik het interessant vind, ondanks mijn desinteresse voor het vak geschiedenis op de middelbare school. Er zijn nog zo veel vragen te stellen bij de literatuurgeschiedenis en het vak geeft de mogelijkheid om op een kritische manier te kijken naar de onderzoeken en de ideeën van anderen.

Na het college had ik anderhalf uur de tijd om te werken aan een groepsopdracht voor Effectief Communiceren. We zijn bezig geweest met een analyse van tv-commercials. Toen ik om 13:00 het universiteitsterrein verliet, had ik precies een half uur de tijd om naar huis te fietsen, een boterham naar binnen te proppen, sportkleding aan te trekken en naar het boothuis van studenten-roeivereniging Phocas te racen voor de roeitraining. Er zitten altijd minder uren in een dag dan ik nodig heb – dat schijnt een typisch kenmerk te zijn van het studentenleven.

Deze avond heb ik een snel pastagerecht gekookt, zodat ik meer tijd over had voor het wetenschappelijke artikel dat ik aan het schrijven ben. Ik heb onderzocht of jongeren Engelse leenwoorden in de Nederlandse taal mooier vinden dan volwassenen. Het antwoord: ja, dat is zo. Nu nog tien pagina’s erover schrijven. Die afwas komt daarna wel. “De week van… Emma Oude Kempers” verder lezen