Nijmegen Lectures 26-28 februari – Elena Lieven

Zoals elk jaar heeft het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek weer prachtige Nijmegen Lectures georganiseerd – een driedaags evenement op het gebied van psycholinguïstiek. Dit jaar is het thema kindertaalverwerving. Wat hebben we sinds het begin van het vakgebied geleerd over hoe kinderen taal leren? De lezingen worden gegeven door niemand minder dan prof. Elena Lieven (University of Manchester). 

Wil je dit niet missen? Kom dan naar de Nijmegen Lectures op 26-28 februari 2018 in de Aula. De lezingen zijn gratis toegankelijk voor alle geïnteresseerden – inschrijven verplicht. Meer informatie vind je hier.

Maak kennis met… Marieke van Egeraat

Mijn naam is Marieke van Egeraat (1992). Vanaf het begin van 2018 ben ik verbonden aan de afdeling Nederlands als promovenda in het nieuwe project van Lotte Jensen over natuurrampen en identiteitsvorming. Ik concentreer mij binnen dit project op de vijftiende en zestiende eeuw. Dat is nog helemaal nieuw voor mij, aangezien ik eigenlijk altijd geïnteresseerd ben geweest in de zeventiende eeuw. Maar na een maandje lezen en bronnen verzamelen kan ik al wel stellen dat ook de eeuwen daaraan voorafgaand het bestuderen waard zijn.

Ik ben oorspronkelijk geen Neerlandica. Ik heb namelijk Geschiedenis gestudeerd aan de Radboud Universiteit en heb daarna hier de Research Master Historical Studies gedaan. Maar, vrees niet, ik heb toch al enige geschiedenis met deze afdeling. Zo heb ik de minor Nederlandse letterkunde gedaan, waardoor ook ik goede herinneringen heb aan een zingende Johan Oosterman bij het eerstejaarscollege over liedcultuur in de Middeleeuwen. Ik ben zelfs een tijdje lid geweest van de SVN. Toen ik in het collegejaar 2014-2015 bestuurswerk deed bij de studievereniging van Geschiedenis (GSV Excalibur) raakte ik goed bevriend met de dames van het SVN-bestuur. Zij wisten mij zelfs over te halen “Maak kennis met… Marieke van Egeraat” verder lezen

Alumna Linda Drijvers wint Christine Mohrmann Stipendium

Vanmiddag – 12 december – om 15.30 uur wordt in de Academiezaal in de Aula aan tien veelbelovende vrouwelijke promovendi het Christine Mohrmann Stipendium uitgereikt. Onder de winnaressen is dit keer promovenda Linda Drijvers, alumna van onze opleiding Nederlandse Taal en Cultuur.  Linda Drijvers doet onderzoek naar hoe gebaren (gesticulaties) de spraakverstaanbaarheid ondersteunen. Haar onderzoek is o.a. hier in meer detail beschreven.

Doel van het stipendium is vrouwelijke promovendi aan te moedigen hun wetenschappelijke loopbaan na voltooiing van hun proefschrift voort te zetten. Het Christine Mohrmann Stipendium stelt hen in de gelegenheid een periode door te brengen aan een buitenlandse universiteit. Linda Drijvers zal de 5.000 Euro die ze gewonnen heeft, inzetten om aan de University of Birmingham en de University of Oxford zich verder te verdiepen in nieuwe technieken voor het analyseren van MEG-data (magnetoencefalografie).

Columnist gezocht!

Schrijf je graag proza en heb je een boodschap over te brengen? Wij zijn op zoek naar een student(e) aan onze afdeling Nederlandse Taal en Cultuur die columns wil schrijven voor ons blog. Wil jij maandelijks (of vaker) je column terugzien op ons blog? Wil jij voor de rest van het huidige collegejaar onze afdelingscolumnist zijn? Mail dan graag vóór 22 december naar Nadine de Rue via n.derue@let.ru.nl.

Afdelingsdichter gezocht!

Het blog is op zoek naar een student(e) van onze afdeling Nederlandse Taal en Cultuur die onze afdelingsdichter wil worden voor het huidige collegejaar. Schrijf je gedichten en wil je graag de kans om je gedichten naar buiten te brengen? Wil je graag mensen bereiken met je poëzie? Wij zoeken iemand die op vrijwillige basis met enige regelmaat – ten minste maandelijks – een gedicht kan aanleveren dat wij op ons blog zullen plaatsen.

Interesse? Mail dan graag vóór 22 december naar Nadine de Rue via n.derue@let.ru.nl

Dag van de Leraar: onderwijshelden

Vandaag werden zes collega’s aangemerkt als “onderwijsheld”, in het kader van de Dag van de Leraar 2017. Studenten konden via de campagne “Helden gezocht” een docent voordragen die hen uitzonderlijk geïnspireerd had en daarbij een persoonlijke boodschap achterlaten. Van onze afdeling werden Susanne Brouwer, Jeroen Dera, Lettica Hustinx, Hans Kienhorst (niet op de foto), Jos Muijres en Rob van de Schoor (niet op de foto) onderscheiden.

v.l.n.r. Susanne Brouwer, Jos Muijres, Lettica Hustinx & Jeroen Dera

Kletskoppen Kindertaalfestival

Kletskoppen Kindertaalfestival is een wetenschapsdag voor de hele familie en vindt 28 oktober plaats in Bibliotheek De Mariënburg en Arthouse LUX. Toegang is gratis!

Tijdens dit festival kunnen kinderen van 0 tot 12 jaar en hun (groot)ouders spelenderwijs ontdekken hoe mensen van jongs af aan leren communiceren door middel van taal. Zowel voor kinderen als volwassenen is er van alles te doen. Kindertaalonderzoekers van de Radboud Universiteit en het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek staan voor jullie klaar met leuke activiteiten, interactieve demonstraties en informatieve praatjes over hoe kinderen leren praten. Ook komt (kinderboeken)schrijver Jaap Robben naar het festival om voor te lezen uit zijn werk. Kijk in het programma wat er op het festival te doen is.

Van onze afdeling zal Paula Fikkert een lezing geven getiteld Taallerende baby’s. Zij zal vertellen over de geniale leermachines die baby’s zijn. Ze pikken allerlei eigenschappen van hun moedertaal al op voor ze geboren worden. En na de geboorte gaat dat leren in een rap tempo verder en leren ze de klanken, woorden en zinnen van hun moedertaal te begrijpen, voor ze zelf ook nog maar een woord hebben gezegd.

Verder zullen van de Radboud Unversiteit de onderzoekers Stefanie Ramachers en Sharon Unsworth ook lezingen verzorgen. Stefanie Ramachers geeft een lezing getiteld Taalonderzoek met baby’s en peuters: Zó doe je dat. Sharon Unsworth geeft de lezing Mythes en feiten over meertalig opvoeden. 

Meer weten? Klik dan hier!

Wat een leven, zo’n introductie…

Een paar weken geleden vond de introductie van onze nieuwe eerstejaars studenten plaats. Een van onze introgangers vertelt:

Op zondagmiddag 20 augustus meldden de introgangers zich bij het oranje kraampje van Nederlands. Sommigen waren stipt op tijd en anderen kwamen op de valreep nog binnen. Van verlegen stilzwijgen was absoluut geen sprake. Vanaf het eerste moment moesten we allitererende bijnamen verzinnen voor onszelf, persoonlijke feitjes op WC-papier schrijven en bij elkaar op schoot gaan zitten. Dat laatste leverde nogal wat hilartiteit op. Misschien herinneren sommigen zich nog Bezige Bas op de schoot van Naïeve Naomi…

Vanaf het eerste moment stonden onze lieve intro-ouders voor ons klaar om te kletsen, te feesten en spelletjes te spelen en soms ook om heel hard met en om ons(?) te lachen. De een was nét iets te fanatiek met balspelen, de ander met tequila drinken(?). Ach, ieder zo zijn ding. Ook de introkindjes hebben bijzondere kanten van zichzelf laten zien. Zoals stroopwafeletende recordbrekende Anke of de altijd bellende Bas, Fien die maar pannenkoeken bleef eten of Sofie die de hele avond, nacht en ochtend doorging met feesten en Big Macs uitdelen (oké, dat laatste is eigenlijk maar één keer gebeurd)..

Tot slot nog een paar absolute hoogtepunten die het vermelden meer dan waard zijn. Het originele Ik hou van Holland-spel, toen iedereen nog vol fanatisme en goede moed wilde winnen. De griezelige spooktocht (met speciale credits voor de doodenge Thérèse), die op het ene groepje net wat meer indruk achterliet dan op het andere… En natuurlijk PC Onthooft, waarbij Reinaert de Vos uiteindelijk werd ontmaskerd als de moordenaar van PC Hooft. Zijn motief was het herwinnen van het hart van Mariken van Nimwegen.

Al met al was het één dolle bedoening waar iedereen van genoten heeft. Samen kletsend, feestend en opdrachten vervullend de dagen volmaken: het is een leven op zich, zo’n intro.

Door: een introganger

Maak kennis met… Marc van Oostendorp

Ik kan bewijzen dat de Radboud Universiteit allang mijn favoriet was. In 2015 – er was echt helemaal geen sprake van dat ik hier zou komen werken – zat ik in de trein omdat ik hier een praatje zou komen geven, en ik twitterde dat ik op weg was naar ‘de taalkundehoofdstad van Nederland’. Een spontane liefdesverklaring aan de plaats waar ik dan nu eindelijk ben aangekomen – de universiteit met niet alleen de beste en de meeste taalkundigen, maar ook met de mooiste afdeling Nederlands.

Ik werk trouwens niet alleen hier – voorlopig op dinsdag en woensdag – maar de andere dagen van de week ook in Amsterdam, aan het Meertens Instituut van de KNAW. Ik deel die dubbelaanstelling natuurlijk met een van mijn collega’s die ik het meest bewonder – Nicoline van der Sijs.

Aan het Meertens Instituut werk ik al lang. Ik kreeg er mijn eerste vaste baan, in 1999. Het is misschien wel de ideale plaats voor een onderzoeker op het gebied van de Nederlandse taal en cultuur – een instituut waar enkele van de beste én aardigste onderzoekers werken. Het is ook een prachtig instituut, dat sinds een jaar teruggekeerd is in het centrum van Amsterdam (sinds 1998 zat het op een industrieterrein). Maar ik houd erg van onderwijs, en hoewel mensen die op universiteiten werken soms jaloers zijn op pure onderzoeksbanen is het volgens mij – zeker op lange termijn – een heel belangrijke en heel gezonde taak voor iedere onderzoeker om af en toe ook aan jonge slimme mensen uit te leggen wat er aan de hand is en waar het allemaal voor dient.

Een van de dingen die ik fijn vind aan mijn baan in Nijmegen is dat hij breed gedefinieerd is, en ‘de neerlandistiek in alle facetten’ beslaat. Ik heb een heel precies specialisme – fonologie, de studie van de klanken van taal –, maar ik vind een van de fijne dingen van de neerlandistiek precies dat ze zoveel facetten heeft, dat je de wereld op zoveel manieren kunt benaderen: de puur geesteswetenschappelijke weg van de letterkunde, de vaak nogal sociaalwetenschappelijke weg van de taalbeheersing, de soms een beetje natuurwetenschappelijke weg van de taalwetenschap. Samen bieden ze voor studenten niet alleen een unieke mogelijkheid om zich breed te ontwikkelen in een programma dat tóch samenhang vertoont, maar ze zijn ook in de rest van je leven een speeltuin van zeer uiteenlopende interessante zaken.

Ik wil dat ook graag uitdragen: Nederlands studeren in Nijmegen is het beste wat je met je leven kunt doen. Het feit dat de opleiding nu zo klein is, is voor studenten natuurlijk juist een enorm voordeel. Je krijgt enorm veel aandacht van sommige van de beste én leukste én interessantste onderzoekers van ons land; bovendien is (voor als je in taalkunde geïnteresseerd bent) ook het Max Planck Instituut nog om de hoek. Je leert dingen die je geest verruimen en je krijgt gegarandeerd ook nog een baan.

Mijn aanstelling bij Nederlands is één dag in de week, maar de komende jaren wordt deze uitgebreid met in ieder geval nóg een dag, waarin ik voor In’to Languages, het talencentrum van de Radboud Universiteit onderzoek mag doen en onderwijs mag geven over academische communicatie. Vooral wetenschapscommunicatie vind ik heel interessant; ik heb er vooral praktisch veel aan gedaan inde afgelopen jaren, maar ik vind het interessant om te proberen daar ook wat verdieping aan te geven.

Wat ik nog niet zo goed zag toen ik dat tweette over die taalkundehoofdstad heb ik in het afgelopen jaar geleerd, toen we bezig waren om deze constructie te bedenken: hoe ontzettend aardig iedereen in Nijmegen is. Er zullen hier vast ook wel mispunten rondlopen, maar ik heb ze nog niet gezien.

Door: Marc van Oostendorp

Maak kennis met… Ivo Nieuwenhuis

Ik ben Ivo, 32 jaar. De komende vijf jaar zal ik aan de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur van de Radboud Universiteit verbonden zijn als docent-onderzoeker vroegmoderne letterkunde. Ik vervang Lotte Jensen, die vanwege haar Vici-beurs de komende jaren van een deel van haar onderwijstaken is vrijgesteld.

Ivo Nieuwenhuis

Ik heb zelf Nederlands gestudeerd in Utrecht, tussen 2003 en 2008. Daarna werd ik docent daar. In 2009 begon ik met mijn promotieonderzoek naar Nederlandse satire uit de achttiende eeuw. Dat deed ik aan de Universiteit van Amsterdam. In januari 2014 verdedigde ik mijn proefschrift. Inmiddels werkte ik ook als docent aan de UvA en, sinds november 2013, eveneens aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De laatste jaren was de Groningse universiteit mijn academische thuisbasis. Ik doceerde daar historische letterkunde en gaf ook vakken die meer direct gerelateerd waren aan mijn eigen onderzoek, specifiek een cursus over ironie.

Humor, satire en aanverwante zaken zijn in de loop der jaren steeds meer mijn specialisme geworden. Ik heb hier in de afgelopen jaren diverse artikelen over geschreven, meest recentelijk voor het internationale tijdschrift HUMOR (ja, dat bestaat echt!). “Maak kennis met… Ivo Nieuwenhuis” verder lezen