De klucht van de blotevoetenbroeders

Op 4 maart gaat een bijzondere voorstelling in première: de middeleeuwse klucht De blotevoetenbroeders. Tegelijkertijd verschijnt een boekje met de oorspronkelijke tekst met een vertaling die is gemaakt door onder andere onze studenten Niels Mulder en Tamara van Seggelen. Hieronder vind je een trailer voor boekje en voorstelling:

Meer informatie vind je op de website Neerlandistiek.

Pas verschenen: Rob van de Schoor, De koekoek werd beroemd… Dichters overstemd door de Tachtigers

Rob van de Schoor, De koekoek werd beroemd… Dichters overstemd door de Tachtigers. Nijmegen 2018, ISBN 978-94-92380-97-5, 351 p.

Poëziebloemlezingen zijn zeer geschikt om dichters in een groep samen te brengen en als zodanig een plaats in de literatuurgeschiedenis te bezorgen.

In 1974 verscheen bij Bert Bakker een bundel ‘romantische en opstandige verzen’, getiteld Al bleef ik eeuwig ongelezen. Tijdgenoten der Tachtigers die Tachtig meden of bestreden. De titelpagina vermeldt Lukas Peregrijn als auteur, maar wie die bladzijde omslaat, komt al meteen te weten dat ‘de projektgroep “J.A. Alberdingk Thijm”’ zich achter dit (van Thijm geleende) pseudoniem verschuilt: een groep neerlandici, verbonden aan de (destijds) Katholieke Universiteit Nijmegen, aangevoerd door dr. Karel Reijnders.

 De dichters in deze bloemlezing, voor wie de moderne literatuurwetenschap de benaming ‘arrière-garde’ heeft bedacht, worden in dit boek als groep en als individuen bestudeerd. Aan de orde komen de volgende dichters: W.L. Penning Jr., Carel Vosmaer, Florentijn, P.A.M. Boele van Hensbroek, Louis Couperus, Fiore della Neve, J. Winkler Prins, Soera Rana, G. Waalner, C. Honigh, F.L. Hemkes en H. Cosman.

Het boek is voor 19,95 (excl. verzendkosten) te koop bij Antiquariaat Verzameld Werk in Nijmegen (e-mail verzameldwerk@telfortglasvezel.nl.

Lotte Jensen: Net zo lang puzzelen tot je begrijpt wat er staat

Waarom is iemand de wetenschap ingegaan? En waarom blijft die doorgaan in het onderzoek? De redactie van de website van de Jonge Akademie aan Lotte Jensen. Zij vertelt onder meer over haar studententijd:

Ik wist eigenlijk al na de eerste colleges bij Nederlands dat ik zelf ook wetenschapper wilde worden. Kennis opdoen, lezen en interpreteren, ik vond het allemaal geweldig. De motivatie om verder te gaan in de wetenschap wordt gevoed door goede docenten tijdens je studietijd. Ik genoot ervan om met oude teksten bezig te zijn en net zo lang te puzzelen totdat ik begreep wat er stond.

Lees verder bij de Jonge Akademie.

Discussie Engels in het hoger onderwijs

De toename van het Engelstalige onderwijs blijft de gemoederen bezig houden. Wat zijn de consequenties voor de kwaliteit van het onderwijs en de inhoud op langere termijn? Op maandag 4 december vond in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek plaats, georganiseerd door de Taalunie. Lotte Jensen was daar aanwezig namens de KNAW, die eerder dit jaar een rapport over het taalbeleid in het hoger onderwijs publiceerde. Een verslag van het gesprek is hier te lezen.

Overleden: M.C. van den Toorn (4 januari 1929 – 23 november 2017)

In zijn woonplaats Nijmegen is afgelopen donderdag de taalkundige M.C. (Maarten) van den Toorn, tot 1992 hoogleraar Nederlandse Taalkunde aan onze universiteit, overleden.

Van den Toorn studeerde Nederlands in Leiden en was daarna jarenlang verbonden aan het Instituut De Vooys van de Universiteit Utrecht. In 1974 werd hij benoemd als hoogleraar Nederlandse Taalkunde aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij publiceerde onder andere een veel bestudeerde Nederlandse Grammatica (Prisma, 1973), een leerboek over de Nederlandse taalkunde en een studie over de taal van het nationaal-socialisme. Ook stond hij aan de basis van de Algemene Nederlandse Spraakkunst.

Van den Toorn was in sommige opzichten een neerlandicus van de oude stempel, die het vak nog in zijn geheel had kunnen overzien voor het gaandeweg specialistischer werd. Hij bleef zijn hele leven ook belangstelling houden voor de letterkunde en hij hechtte er ook aan zich helder uit te drukken. Tegelijkertijd was hij sceptisch over het bestaan van dat vak: zijn afscheidscollege was getiteld De eenheid van de neerlandistiek, en hoewel Van den Toorn betwistte dat er ooit zo’n eenheid was geweest, pleitte hij wel voor meer streven naar gezamelijkheid.

Bovenal was Van den Toorn zelf natuurlijk een taalkundige, die zijn vak goed bijhield, en die ook op de hoogte was van moderne ontwikkelingen, zoals de Chomskyaanse taalwetenschap. Bekend is zijn artikel over ‘De methode Paardekooper‘, waarin hij de bekende grammaticus respectvol bekritiseerde vanwege diens gebrek aan theoretisch kader. Tegelijkertijd was Van den Toorn in zijn eigen werk toch ook vooral een eclecticus die het moest hebben van goede inzichten, los van strakke theoretische kaders.

Bij dit alles was Van den Toorn een zeer beminnelijk mens die tot deze week geïnteresseerd bleef in het vak; ook in de jonge mensen die erin werkzaam waren.

Vijfentwintig jaar geleden schreef Van den Toorn een aardig autobiografisch essay voor Neerlandica extra muros.
Dit bericht verscheen, in iets andere vorm, ook op het weblog 
Neerlandistiek.

Stageplaats op het Meertens Instituut

Op het Meertens Instituut wordt een interessante stageplaats aangeboden voor studenten die geïnteresseerd zijn in (Limburgse) dialecten, in spelling, en in de spelling van Limburgse dialecten.

Het Meertens Instituut is een bekend onderzoeksinstituut voor Nederlandse taal en cultuur, gevestigd in Amsterdam, en biedt een werkplek, begeleiding en een onkostenvergoeding (een stagevergoeding van 200 euro per maand – inclusief onkosten – bij een volledige stage). De begeleiding is in handen van prof. dr. Leonie Cornips van dat instituut (en van de Universiteit van Maastricht).

Hier vind je meer informatie.

Lotte Jensen: bezoek aan Boedapest

Door Lotte Jensen

Afgelopen week was ik te gast bij de vakgroep neerlandistiek aan de Eötvös Loránd Universiteit (ELTE) in Boedapest. Deze vakgroep verzorgt hoofd- en bijvakonderwijs in de neerlandistiek op bachelorniveau en een master waarbinnen je je kunt specialiseren op het gebied van de cultuur-, taal- en letterkunde. Het is een bruisende afdeling met acht medewerkers, die geleid wordt door Judit Gera en Orsolya Réthelyi. Judit Gera is bekend vanwege haar vele vertalingen van Nederlandse boeken in het Hongaars en publiceerde recent Structures of Subjugation in Dutch Literature. Orsolya is specialist in de Middelnederlandse literatuur en Nederlands-Hongaarse betrekkingen in het algemeen.

Judit Gera sprak onlangs haar zorgen uit over het veranderende politieke klimaat in Hongarije, dat jonge generaties naar het buitenland drijft. Tegelijkertijd biedt de internationalisering van de neerlandistiek nieuwe kansen op uitwisseling tussen studenten en medewerkers. Ook vanuit het Nederlandse perspectief wordt het steeds belangrijker om de banden met de vakgroepen elders in de wereld aan te halen en te koesteren. Ik was daarom extra blij met de uitnodiging van Orsolya om een week naar Budapest te komen.

Tijdens mijn bezoek heb ik een lezing over de Nederlandse identiteit in historisch perspectief gegeven en een gastcollege over de verwerking van het vaderlandse verleden in 19e-eeuwse kinderboeken. De lezing vond plaats in de lezingencyclus ‘Elck sijn waerom’ waarin neerlandici over hun onderzoek vertellen. Wat mij trof was de grote liefde van de studenten en medewerkers voor de Nederlandse literatuur en cultuur en de grote gastvrijheid waarmee ik ontvangen werd. Het kan niet genoeg benadrukt worden hoe belangrijk het is dat de Taalunie blijft investeren in de wereldwijde beoefening van de neerlandistiek.

Pieter Duisenberg overtuigd door Johan Oosterman

Leuk nieuws vanochtend in de krant. Pieter Duisenberg, de nieuwe voorzitter van de Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten VSNU baarde in zijn vorig leven als Kamerlid voor de VVD nogal eens opzien met zijn negatieve uitspraken over de Geesteswetenschappen. Blijkens een interview in Trouw heeft hij zich door onze eigen Johan Oosterman inmiddels laten overtuigen van het tegendeel.