Een semester naar het buitenland en tegelijkertijd onderwijservaring opdoen?

Door Marit Zweers

Grüezi! Mijn naam is Marit en ik ben een derdejaarsstudent Nederlands uit Nijmegen. Al enige tijd weet ik dat ik na mijn studie iets met onderwijs wil doen en hierom heb ik na het volgen van de Educatieve Minor ook nog besloten een semester onderwijservaring in het buitenland op te gaan doen. Sinds februari heb ik ons gezellige, knusse Nijmegen verruild voor het Zwitserse Zürich: economisch centrum van het land (vooral te merken in de Bahnhofstrasse, een van de duurste winkelstraten ter wereld), stad van de avant-gardisten (zijn geloof ik alweer een tijdje geleden vertrokken) en van de Universität Zürich, waar ik momenteel als onderwijsassistent aan de afdeling Nederlands verbonden ben.

Ik geef hier onder andere taalverwervingscolleges bij de cursussen “Niederländisch für Anfänger” en “Niederländisch für Fortgeschrittene”, verzorg een tutoraat voor beginners en help met het nakijken van teksten van studenten. Het is ontzettend leuk om te zien hoe studenten wekelijks beter worden in het spreken en begrijpen van onze mooie taal. (Ook al leidt dit soms tot minder gewenste doch enigszins komische uitspraken als: “Dus ik kan zeggen: ik schiet op de tram?”.) Omdat er hier aan de afdeling naast taalverwervingscolleges ook taalkunde- en letterkundevakken worden aangeboden, volg ik zelf ook een vak over taalverandering. Er komen regelmatig gastdocenten van over de hele wereld (zelfs uit Nijmegen!) colleges over de meest uiteenlopende onderwerpen geven.

Dankzij deze stage ben ik beter in staat om verschillende soorten onderwijs met elkaar te vergelijken en te bepalen wat ik na mijn studie graag wil. Wil ik mensen de basis van een nieuwe taal bijbrengen of wil ik bestaande kennis uitdiepen? Wil ik werken in een relatief vrije omgeving als een universiteit of wil ik een school-PTA dat als houvast kan dienen? Wil ik lesgeven aan volwassenen of aan pubers met wie ik in een x-aantal lesuren per week kan proberen een band op te bouwen?

Ik breng mijn dagen dit semester natuurlijk niet alleen maar studerend, lesgevend en prakkiserend over lesgeven door. Een periode in het buitenland betekent ook: reizen, verschillende mensen ontmoeten, een taal leren en vooral heel veel nieuwe ervaringen opdoen. (Waarschuwing: als je enorm van het feesten bent, is Zürich enkel de juiste stad als je bereid bent alleen alcohol te nuttigen tijdens het indrinken of het niet erg vindt meer dan zeven euro aan een glas wijn of een biertje uit te geven…) In mijn vrije tijd hier geef ik privélessen aan een Zwitserse vrouw die een (hoe kan het ook anders?) charmante Nederlander heeft leren kennen en nu zijn moedertaal wil leren spreken (tegen een uurtarief waar ik dan wel weer mijn wijntjes van kan betalen), bezoek ik verschillende Zwitserse steden (of Duitse, als ik eens zin heb in schnitzel met frietjes voor veertien euro), verbeter ik zowel mijn Duits als Frans met tandempartners (ja, er bestaan echt mensen die Nederlands willen leren en in ruil hiervoor naar mijn belabberde Frans willen luisteren), maak ik chocolade (“Schoggi”) bij Läderach, een van de bekendste chocolatiers in Zwitserland, of kijk ik het Songfestival (go Duncan!) met een van mijn 170 internationale huisgenoten.

Klinkt dit jou ook als muziek in de oren en denk je opgewassen te zijn tegen een land waarin de “g” nog harder klinkt dan die van boven de rivieren in ons kikkerlandje? Neem dan zeker contact op met de coördinator hier, Chris De Wulf (chris.dewulf@ds.uzh.ch). Onderwijsassistenten zijn hier namelijk altijd meer dan welkom en het is een onwijs leuke manier om je opgedane taalkundige kennis van het Nederlands eens toe te passen. Bij verdere vragen mag je mij natuurlijk ook altijd een mailtje sturen (m.zweers@student.ru.nl). Ciao!

Guusje Jol spreekt in Zweden over politieverhoren met kinderen

Guusje Jol promoveert bij de vakgroep taalbeheersing op politieverhoren met kinderen. In het kader van dat onderzoek werd ze gevraagd een lezing te geven in het Zweedse Uppsala. Daar vindt op 13 en 14 mei de workshop ‘Law & Emotion: Empathy, Objectivity and Remorse’ plaats.

Jols presentatie, die ze geeft mede namens Wyke Stommel en Wilbert Spooren, gaat over politieverhoren met kinderen en het dilemma voor de politieagent tussen neutraal reageren enerzijds en anderzijds een empathischer reactie geven zoals die relevant gemaakt wordt door het kind.

Uppsala.

Marieke van Egeraat wint Tiele-scriptieprijs 2018

Onze collega Marieke van Egeraat won op vrijdag 12 april de Tiele-scriptieprijs 2018. Ze kreeg de prijs voor haar masterscriptie Weeklies, writings, and whispers: news in Gelderland (1618-1648). Hierin schetst ze een beeld van het Gelderse medialandschap ten tijde van de Tachtigjarige Oorlog.

Lees hier de lovende woorden die de jury voor Mariekes scriptie over had.

De opleiding Nederlandse Taal en Cultuur feliciteert Marieke graag van harte met deze mooie prestatie!

Momenteel is Marieke werkzaam als promovenda binnen het onderzoeksproject Dealing with Disasters, onder leiding van Lotte Jensen.

Wat literair erfgoed ons over vandaag vertelt

Al sinds zijn studietijd is hoogleraar Nederlandse letterkunde Jos Joosten gefascineerd door Vondels curieuze gedichten over Johan Mauritius van Nassau Siegen, bouwer van het Mauritshuis in Den Haag. De schaamteloos opbouwende retoriek over een sloper, de politieke drijfveren achter een geconstrueerd heldendom, en natuurlijk de slavernij als het hangijzer.

In het Mauritshuis (‘Het museum erkent eigenlijk niet veel te weten over zijn naamgever.’) is nu een tentoonstelling geopend over de bouwer en naamgever van het museum. In het nieuwe nummer van Ons Erfdeel publiceerde Joosten een essay over dezelfde Johan Maurits, bij wie zowel de status als ‘held’ als met name die van ‘vaderlands’ kritische kanttekeningen behoeft (de journalist van dienst in dagblad Trouw op 4 april opent probleemloos: ‘Tot voor kort was hij een held’. Zonder de vraag te stellen: ‘O ja? En bij wie dan?’). Uiteraard komt de betrokkenheid van Johan Maurits bij de slavernij aan bod, die overigens in Brazilië al veel langer onderwerp van onderzoek is, maar ook in Nederland al tijdens zijn leven punt van kritiek was (onder meer bij hagiograaf Barlaeus).

Ten slotte bepleit Joosten dat de casus Johan Mauritius/Vondel bij uitstek geschikt is om college, les of leesclub diepgang te geven of om bij te dragen aan discussies.

Historische letterkunde in Wrocław

Door Lotte Jensen

Op 4 en 5 april brachten de historisch-letterkundigen van onze afdeling een bezoek aan de afdeling Nederlands in Wrocław in Polen. Paul Hulsenboom, die zelf half-Pools is, had de contacten gelegd en schreef al eerder een enthousiast stuk over de neerlandistiek in Wrocław op ons blog. Met een groep van negen personen trokken we naar deze prachtige stad, waar meer dan driehonderd studenten Nederlands studeren. Dat zijn jaloersmakende, duizelingwekkende aantallen, waar we in Nederland de laatste jaren alleen nog maar van kunnen dromen.

College over nationale identiteit door Lotte Jensen.

De eerste dag bestond uit een gastcollege door Lotte Jensen aan een groep van vijftig studenten over de Nederlandse identiteit. Ze ging in op de huidige politieke situatie in Nederland, heldenverering en verschillende volksliederen. Het leverde een geanimeerde discussie op over de vraag waar de grenzen tussen vaderlandsliefde en nationalisme vandaag de dag liggen. De middag bestond uit een reeks mini-lezingen van de Poolse en Nederlandse delegatie. Zo vertelde Jan Urbaniak dat hij bezig is met een Poolse vertaling van Sara Burgerhart, Joanna Skubisz ging in op haar onderzoek naar de Sinnepoppen van Roemers Visscher en Malgorzata Dowlaszewicz liet ons zien hoe rijk de receptie van Beatrijs en Elckerlijc in Polen is.  Van onze zijde vertelden Hanneke van Asperen en Fons Meijer over hun aandeel in het Dealing with Disasters-project, Paul behandelde de beeldvorming van Polen in de zeventiende-eeuwse Nederlandse literatuur, en Aukje van Hout beschreef de wijze waarop in vroeg-twintigste-eeuwse romans over homoseksualiteit werd geschreven. Tommie van Wanrooij gaf een uiteenzetting over de nieuwe editie van Jacob Simonszoon de Rijk (1774) van Lucretia van Merken, die hij in het kader van zijn honoursprogramma samen met Lotte Jensen heeft vervaardigd en die op 7 juni a.s. gepresenteerd wordt.

Bezoek aan de afdeling Bijzondere Collecties.

De tweede dag was een dag vol excursies en activiteiten. We werden eerste rondgeleid op de afdeling Bijzondere Collecties en waren onder de indruk van het gigantische gebouw waarin de collectie gehuisvest is. Daarna togen we naar het Nationaal Museum, dat een imposante collectie middeleeuwse kunst bezit en een schilderij van Brueghel. ’s Middags verzorgde Stefan Kiedroń een rondleiding door de stad. Hij had een prachtige brochure gemaakt en de wandeling een toegepast tintje gegeven. Met het oog op het Dealing with Disasters-project stond hij onder meer stil bij de grote waternood in Wrocław in 1997, en de instorting van de St. Elisbeth Basiliek in 1529 door zware storm. Niemand kan zo enthousiast en bevlogen vertellen als Stefan. We besloten de dag met koffie en gebak.

Stadswandeling onder leiding van de bevlogen Stefan Kiedroń.

Al bij al waren we zeer onder de indruk van het gastvrije onthaal, de bloei van de neerlandistiek in Polen en de collectie bijzondere drukken in Wrocław. We hopen onze Poolse collega’s in de toekomst ook in Nijmegen te mogen begroeten.

Universiteiten willen met ‘Olympiade’ Nederlandse taal en cultuur weer op de kaart zetten

De Universiteiten van Utrecht, Antwerpen en Nijmegen zullen de eerste Olympiade voor Nederlands organiseren. Met het initiatief willen de universiteiten de studie van de Nederlandse taal en cultuur weer op de kaart zetten als een spannende en uitdagende discipline voor jongeren van vandaag.

De Olympiade Nederlands zal voor het eerst gehouden worden in het schooljaar 2019-2020. Nederlandse en Vlaamse leerlingen uit de derde graad van het secundair onderwijs buigen zich in wedstrijdverband over een reeks puzzels op het gebied van taalkunde, literatuur, cultuurgeschiedenis en communicatie. Dat gebeurt in twee ronden. De finaleronde vindt plaats op een centrale locatie. Scholen in Vlaanderen en Nederland zullen in het voorjaar van 2019 benaderd worden met meer informatie over de inschrijfprocedure, oefenstof en prijzen. “Universiteiten willen met ‘Olympiade’ Nederlandse taal en cultuur weer op de kaart zetten” verder lezen

Jeroen Dera over de praktijk van de leeslijst

Vorige week publiceerde onze collega Jeroen Dera bij Stichting Lezen het rapport De praktijk van de leeslijst: Een onderzoek naar de inhoud en waardering van literatuurlijsten voor het schoolvak Nederlands op havo en vwo. Op basis van een grootschalige enquête onder 1616 examenkandidaten havo/vwo levert Dera daarin empirische data aan die de verwoede discussies over het Nederlandse literatuuronderwijs van een stevige kennisbasis kunnen voorzien.

Zijn conclusies haalden het landelijke nieuws, met artikelen in onder meer NRC en De Telegraaf; radio-interviews in onder andere Nieuwsuur en De Taalstaat​; en een nieuwsitem op NOS Stories op Instagram.

Hieronder hebben we de belangrijkste conclusies uit het onderzoek op een rijtje gezet:

“Jeroen Dera over de praktijk van de leeslijst” verder lezen

Neerlandici bij Met het mes aan tafel

Twee kandidaten bij Met het mes op tafel van vanavond waren neerlandici met een Nijmeegse connectie: Femke van Hemert studeerde in Utrecht, maar woont tegenwoordig in Nijmegen; Joost Vrieler woont dan weer in Amsterdam, maar studeerde dan weer wel degelijk aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen. “Twee neerlandici” zegt de presentator. “Ze zijn overal”, zegt Vrieler.

Bekijk de uitzending hier!