Maak kennis met… Marc van Oostendorp

Ik kan bewijzen dat de Radboud Universiteit allang mijn favoriet was. In 2015 – er was echt helemaal geen sprake van dat ik hier zou komen werken – zat ik in de trein omdat ik hier een praatje zou komen geven, en ik twitterde dat ik op weg was naar ‘de taalkundehoofdstad van Nederland’. Een spontane liefdesverklaring aan de plaats waar ik dan nu eindelijk ben aangekomen – de universiteit met niet alleen de beste en de meeste taalkundigen, maar ook met de mooiste afdeling Nederlands.

Ik werk trouwens niet alleen hier – voorlopig op dinsdag en woensdag – maar de andere dagen van de week ook in Amsterdam, aan het Meertens Instituut van de KNAW. Ik deel die dubbelaanstelling natuurlijk met een van mijn collega’s die ik het meest bewonder – Nicoline van der Sijs.

Aan het Meertens Instituut werk ik al lang. Ik kreeg er mijn eerste vaste baan, in 1999. Het is misschien wel de ideale plaats voor een onderzoeker op het gebied van de Nederlandse taal en cultuur – een instituut waar enkele van de beste én aardigste onderzoekers werken. Het is ook een prachtig instituut, dat sinds een jaar teruggekeerd is in het centrum van Amsterdam (sinds 1998 zat het op een industrieterrein). Maar ik houd erg van onderwijs, en hoewel mensen die op universiteiten werken soms jaloers zijn op pure onderzoeksbanen is het volgens mij – zeker op lange termijn – een heel belangrijke en heel gezonde taak voor iedere onderzoeker om af en toe ook aan jonge slimme mensen uit te leggen wat er aan de hand is en waar het allemaal voor dient.

Een van de dingen die ik fijn vind aan mijn baan in Nijmegen is dat hij breed gedefinieerd is, en ‘de neerlandistiek in alle facetten’ beslaat. Ik heb een heel precies specialisme – fonologie, de studie van de klanken van taal –, maar ik vind een van de fijne dingen van de neerlandistiek precies dat ze zoveel facetten heeft, dat je de wereld op zoveel manieren kunt benaderen: de puur geesteswetenschappelijke weg van de letterkunde, de vaak nogal sociaalwetenschappelijke weg van de taalbeheersing, de soms een beetje natuurwetenschappelijke weg van de taalwetenschap. Samen bieden ze voor studenten niet alleen een unieke mogelijkheid om zich breed te ontwikkelen in een programma dat tóch samenhang vertoont, maar ze zijn ook in de rest van je leven een speeltuin van zeer uiteenlopende interessante zaken.

Ik wil dat ook graag uitdragen: Nederlands studeren in Nijmegen is het beste wat je met je leven kunt doen. Het feit dat de opleiding nu zo klein is, is voor studenten natuurlijk juist een enorm voordeel. Je krijgt enorm veel aandacht van sommige van de beste én leukste én interessantste onderzoekers van ons land; bovendien is (voor als je in taalkunde geïnteresseerd bent) ook het Max Planck Instituut nog om de hoek. Je leert dingen die je geest verruimen en je krijgt gegarandeerd ook nog een baan.

Mijn aanstelling bij Nederlands is één dag in de week, maar de komende jaren wordt deze uitgebreid met in ieder geval nóg een dag, waarin ik voor In’to Languages, het talencentrum van de Radboud Universiteit onderzoek mag doen en onderwijs mag geven over academische communicatie. Vooral wetenschapscommunicatie vind ik heel interessant; ik heb er vooral praktisch veel aan gedaan inde afgelopen jaren, maar ik vind het interessant om te proberen daar ook wat verdieping aan te geven.

Wat ik nog niet zo goed zag toen ik dat tweette over die taalkundehoofdstad heb ik in het afgelopen jaar geleerd, toen we bezig waren om deze constructie te bedenken: hoe ontzettend aardig iedereen in Nijmegen is. Er zullen hier vast ook wel mispunten rondlopen, maar ik heb ze nog niet gezien.

Door: Marc van Oostendorp

Maak kennis met… Ivo Nieuwenhuis

Ik ben Ivo, 32 jaar. De komende vijf jaar zal ik aan de opleiding Nederlandse Taal en Cultuur van de Radboud Universiteit verbonden zijn als docent-onderzoeker vroegmoderne letterkunde. Ik vervang Lotte Jensen, die vanwege haar Vici-beurs de komende jaren van een deel van haar onderwijstaken is vrijgesteld.

Ivo Nieuwenhuis

Ik heb zelf Nederlands gestudeerd in Utrecht, tussen 2003 en 2008. Daarna werd ik docent daar. In 2009 begon ik met mijn promotieonderzoek naar Nederlandse satire uit de achttiende eeuw. Dat deed ik aan de Universiteit van Amsterdam. In januari 2014 verdedigde ik mijn proefschrift. Inmiddels werkte ik ook als docent aan de UvA en, sinds november 2013, eveneens aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De laatste jaren was de Groningse universiteit mijn academische thuisbasis. Ik doceerde daar historische letterkunde en gaf ook vakken die meer direct gerelateerd waren aan mijn eigen onderzoek, specifiek een cursus over ironie.

Humor, satire en aanverwante zaken zijn in de loop der jaren steeds meer mijn specialisme geworden. Ik heb hier in de afgelopen jaren diverse artikelen over geschreven, meest recentelijk voor het internationale tijdschrift HUMOR (ja, dat bestaat echt!). “Maak kennis met… Ivo Nieuwenhuis” verder lezen

Waar ontmoeten wetenschap en literatuur elkaar? | Tweegesprek met dichter en componist Micha Hamel en historisch letterkundige Lotte Jensen

Op donderdag 21 september vindt in de Academische Club te Amsterdam een tweegesprek op het snijvlak van kunst en wetenschap tussen Micha Hamel en Lotte Jensen. Aan de hand van enkele gedichten van Micha Hamel gaan zij in gesprek over onderwerpen als: hoe kijkt een dichter naar de wetenschap die hem/haar probeert te verklaren en is het maatschappelijk engagement van dichters in de 19e eeuw anders dan van hedendaagse dichters? Ook spreken zij over literatuur als spiegel van de samenleving en haar rol in de nationale identiteitsvorming. Studenten zijn van harte welkom! Toegang is gratis, maar wel even vooraf aanmelden. Na afloop kun je nog aanschuiven bij een clubschotel. Aanmelden.

‘Hun hebben’

‘Hun hebben’ is een constructie die de gemoederen regelmatig bezig houdt. Vandaag in de Volkskrant een ingezonden brief van DirkJan Vos (www.dejongenskamer.nl) over dit onderwerp. De brief valt hier te lezen.

Vos verwijst in zijn ingezonden brief naar het volgende artikel van de collega’s van taalwetenschap aan de Radboud Universiteit:

  • Van Bergen, G; W. Stoop; J. Vogels; H. de Hoop (2011). Leve hun! Waarom hun nog steeds hun zeggen. Nederlandse Taalkunde 2011-1. 2-29. Voor het artikel, klik hier.

Ook in de volgende stukken is recent aandacht besteed aan ‘hun hebben’:

  • Interview met de directeur van de Taalunie Hans Bennis d.d. 1 maart 2017 in De Volkskrant.
  • Marten van der Meulen ‘Waarom zeggen mensen ‘hun hebben’?’  d.d. 3 juli 2017 op Neerlandistiek.nl.

Suggesties voor profielwerkstukken

Wil je een profielwerkstuk schrijven over taalgebruik of taalkunde, kijk dan eens hier voor inspiratie. Diverse medewerkers van de afdeling Nederlands reiken onderwerpen aan, met korte toelichting en een literatuursuggestie, zodat je een idee krijgt waar te beginnen.

Voor online hulp voor je profielwerkstuk, informatie over masterclasses, essaywedstrijd en PWS-prijs, klik hier.

Studiereis 2017: Edinburgh

Onze collega’s Alan Moss, Paul Hulsenboom en Lieke Verheijen vergezelden onze studenten afgelopen studiereis naar Edinburgh.

v.l.n.r. Alan Moss, Lieke Verheijen en Paul Hulsenboom op Greyfriars Kirkyard

 Alan Moss

De cirkel is rond. In 2009 ging ik als eerstejaars Nederlands op studiereis naar Schotland, dit jaar mocht ik mee als begeleider. ‘Begeleiding’ was overigens bar weinig nodig. Dankzij de goede zorgen en organisatie van de SVN liep de reis naar Schotland op rolletjes. Edinburgh klinkt voor het thuisfront misschien als een vreemde reisbestemming voor een studiereis van de afdeling Nederlandse taal en cultuur, maar wie die stad kent, weet dat je op iedere straathoek wel een monument, geboortehuis of favoriete pub van een beroemde Schotse schrijver aantreft. UNESCO gaf het niet voor niets de eretitel City of Literature. Hoewel ik de literaire speurtocht en de verschillende museabezoekjes erg interessant vond, was het als begeleider misschien wel het leukste om de studenten in een losse, informele sfeer te leren kennen. De kroegentocht was daar absoluut de beste gelegenheid voor. Ook dat hoort immers bij Edinburghs cultuur: whisky is niet voor niets het beroemdste en populairste Schotse exportproduct. Om de avond maar keurig even samen te vatten: het was erg gezellig. Het was alleen niet erg handig om de ochtend na die zware kroegentocht een bezoek aan de camera obscura en het museum van optische illusies in te plannen. Toch nog een puntje van kritiek.

Paul Hulsenboom

Edinburgh: stad van zandsteen, van literatuur, van geesten en verhalen! Stad ook van doedelzakken, van tweed en whisky en, voor de SVN, van felle concurrentie. Ter lering en vermaak had de reiscommissie tot tweemaal toe een competitie voorbereid, waarbij de intellectuele en creatieve vermogens van zowel studenten als begeleiders tot het uiterste op de proef werden gesteld. De eerste dag begon meteen met een uitdagende speurtocht, d.w.z. een wandeltocht-met-vragen-en-opdrachten door de stad, die de commissie op prijzenswaardige wijze in elkaar had gedraaid. En dus beantwoordden de groepjes studenten (met her en der een begeleider) allerhande vragen over monumenten, standbeelden en wat dies meer zij en maakten ze de gekste foto’s, terwijl ze zowat de hele oude stad doorkruisten. Over met je neus in de boter die leerzame lol heet vallen gesproken. Minder leerzaam, maar des te lolliger, was de zogenaamde Crazy 88, waarbij tijdens de kroegentocht onder meer polonaises moesten worden gelopen, vreemdelingen moesten worden gekust en op de bar moest worden gedanst. Alle lof ook hier voor de organisatie, maar tevens voor de studenten, die er ondanks alle gekkigheid voor zorgden dat de kroeg in kwestie bijzonder blij was met onze aanwezigheid – temeer daar de meesten van ons later op de avond weer terugkwamen voor nog meer lol.

Lieke Verheijen

Sinds de aankondiging van de Brexit stond Edinburgh prominent op mijn stedentripverlanglijstje. Associaties die ik met Schotland had vóór de studiereis: haggis, whisky en doedelzakken. Edinburgh stelde op deze drie punten niet teleur: we werden geconfronteerd met haggisburgers en dito pizza, een uitgebreide whiskyproeverij en een straatartiest wiens traditionele blaasmuziek niet te ontwijken was in de historische stad. Maar naast deze clichés bezorgde Edinburgh ook verrassingen. Qua eten genoot ik van heerlijke hamburgers (zonder ingewanden), culinaire doch zeer betaalbare hoogstandjes bij Jamies' Italian (jazeker, van de bekende Britse tv-chef) en verrukkelijk gebak bij The Elephant House (waar mevrouw Rowling haar eerste bestseller schreef). Qua drank bleken de Schotten tevens meer variatie te bieden, getuige de cocktails, biertjes en shotjes die mijn reisgenoten ’s avonds nuttigden. En qua muzikale omlijsting zal de Braziliaanse bar met Spaanstalige muziek me positief bijblijven. Edinburgh was genieten geblazen, zowel cultureel als wat betreft natuur, met talloze topmusea en twee heuvels die een prachtig uitzicht over de stad boden. Natuurlijk mocht bij een studiereis het educatieve element niet ontbreken: het gastcollege op Edinburgh University was gelukkig geen saai ‘moetje’, maar een interessant verhaal over de Schotse taal. Wat ik heb overgehouden aan de studiereis: veel souvenirtjes (o.a. Scotland the Text: You Can Take My Phone, But You'll Never Take My Freedom! – a Hilarious History Book), veel vakantiekiekjes (waaronder de nodige selfies), veel fijne herinneringen (met gezellige jongelui die ik nog niet/nauwelijks kende)... en weer een land onthuld op m’n Europese kraskaart.
groepsfoto studenten en medewerkers studiereis 2017 in Edinburgh

 

Presentaties taal en recht in Porto

Van maandag 10 tot en met vrijdag 14 juli vindt de 2-jaarlijkse conferentie van de International Assocition of Forensic Linguists (IAFL) plaats in Porto. Allerlei onderwerpen op het snijvlak van taal en rechten komen hier aan de orde.

De afdeling Nederlands is goed vertegenwoordigd, met vier presentaties:

  • Guusje Jol en Wyke Stommel: Police interviews with child-victims: Reports of resistance and their interactional followup
  • Guusje Jol & Wyke Stommel: Interviewing children: How Dutch police officers are trained (poster)
  • Fleur van der Houwen & Guusje Jol: Juvenile court: creating (an atmosphere of) understanding
  • Tessa van Charldorp & Wyke Stommel: Talking about ethnicity, nationality and culture in police interrogations

 

Voor meer informatie over de conferentie, klik hier.

Voor meer informatie over de IAFL, klik hier.

 

Tweetalige opvoeding: hoe behoud je de thuistaal? (Workshop)

Woensdag 5 juli 2017, 19.00–21.00 uur – Radboud Universiteit Nijmegen, E1.15 in het Erasmusgebouw. Voor ouders en opa’s en oma’s; mogelijk ook interessant voor medewerkers van kinderdagverblijven en peuterspeelzalen.

Eén van de grootste uitdagingen voor ouders die hun kinderen tweetalig opvoeden is het behouden van de thuistaal. Hoe zorg je voor een goed begin? En hoe houd je het in stand? Dr. Sharon Unsworth, taalwetenschapper en zelf moeder van twee (uiteraard tweetalige) kinderen, vertaalt de resultaten van recent onderzoek naar een praktische aanpak voor ouders. Ze zal het onder andere hebben over de rol die ouders, broers, zussen, en familie spelen, over de invloed van het taalaanbod op het kinderdagverblijf en school, en het effect van TV en boeken. Wat helpt, en wat helpt niet? Maakt het uit of het kind actief de thuistaal spreekt, of is het begrijpen ervan alleen al genoeg? Na een korte lezing gaat u onder begeleiding van Sharon en haar collega’s met een aantal dilemma’s aan de slag. Hoe pakt u het aan? Waar heeft u moeite mee? In discussie met andere opvoeders en de medewerkers van de universiteit zijn alle onderwerpen uit het tweetalig opvoeden bespreekbaar.

Aanmelden voor deze avond:

Deelname aan de workshop is gratis, maar er is maar een beperkt aantal plaatsen. U kunt zich hier aanmelden.

De lezing zal in het Engels zijn. Mocht u de bijeenkomst liever in het Nederlands willen bijwonen, stuur een e-mail naar 2in1@let.ru.nl, dan organiseren we binnenkort nog een avond in het Nederlands.

Deze workshop is een initiatief van het 2in1 project. Als u hier meer over wilt weten, bezoek dan onze website. Sharon Unsworth is Universitair Hoofddocent Tweedetaalverwerving aan de Radboud Universiteit. Voor meer informatie over haar en haar onderzoek, bezoek haar website.

Voor vragen over deze workshop of verzoeken om een gelijksoortig event te organiseren bij een specifieke groep of onderneming, stuur een mailtje naar 2in1@let.ru.nl.